Coos op Reis: IEDEREEN LEVEND VERBRAND OP DE CAMPING

Het is 17 april. (Redactie: Coos reist drie maanden door Zuid-Europa, wij publiceren zijn dagelijkse verhalen een keer of 2 per week.) Ik ben op een camping in Villeneuve-Loubet, aan de Côte d’Azur in Frankrijk. Het is al weer prachtig weer. Zoals verwacht. Strandweer!

Vandaag ben ik een man met een missie: mijn allereerste boek van deze vakantie helemaal uit lezen. Ik heb duizend boeken bij mij op twéé E-readers en, je gelooft het niet, te weinig tijd om veel te lezen. Ik ga snel op pad.

Mijn ontbijt scoor ik in de supermarkt. Hier verkopen ze ook bruin stokbrood en lekkere sapjes. Ik sla gelijk wat appels, bananen en tomaten in. Allemaal tegen de scheurbuik. Ik neem ook brood en kaas mee voor de lunch. Ik heb geen idee welke voorzieningen er op het strand zijn.

Het strand blijkt voor 80% kiezelstrand. De andere 20% bestaat uit zwerfhout en zand. Rechts in de verte zie ik een heel luxe jacht met de afmetingen van een fregat van de Franse marine voor de baai bij Antibes liggen, links arriveren in hoge frequentie de vliegtuigen met nog ongebruinde toeristen in Nice en steken de besneeuwde bergtoppen boven de huizen uit. Achter mij raast het verkeer op een drukke tweebaansweg en daar weer achter rijdt de trein. Maar …. ik hoor de zee en de zon schijnt en …. ík vind het een fantastisch strandje.

Gewoon een lekker dagje niks doen. Op mijn vouwstoel. Aan het einde van de middag is mijn boek uit. Missie geslaagd. Ik ben gelijk aan een nieuw boek van Lee Child begonnen. Heerlijke favoriete schrijver met zijn verhalen over Jack Reacher. Ik zou graag zijn kracht en slimheid willen hebben. Hij kan alles. Reacher demonteert met één arm een Frans fregat met een nagelvijl en redt ondertussen de honderdkoppige bemanning in een handomdraai.

Pas om halfzeven wandel ik van het strand af. Het lijkt wel vakantie!

Terug naar de camping, even douchen en dan op jacht naar een restaurant om een deel van de avond warm en gezellig door te brengen. Mooie dag!

IEDEREEN LEVEND VERBRAND OP DE CAMPING.

Nog even terug naar gisteravond…   Ik wandel naar de haven om daar bij een Indiaas restaurant te gaan eten. De eigenaar van het restaurant heeft zijn prijzen afgestemd op het gemiddelde inkomen van de booteigenaren in de haven. Jeetje joh, ik moet ff twee keer slikken. En daar kom ik dan aanzakken in mijn eenvoudige motorkloffie. Maar ja, wat kan mij het schelen, dus stap ik zelfverzekerd naar binnen. Ik voel mij gelijk thuis in deze prachtige omgeving met fraai gesneden massief houten stoelen, linnen servetten, prachtige borden en bestek en een oase van planten. Het is hier prachtig. Wow! Mijn vader was vroeger maar gewoon chauffeur, maar van zijn smaak heb ik weinig meegekregen, hoor. Mijn vader hield meer van de kwantiteit, ik houd meer van de kwaliteit. Ik houd erg van mooie dingen. Ik kies iets lekkers met twee pepertjes. Lekker pittig en heet zat voor de morning-after op de caravandoos… Regeren is vooruitzien.

Ik heb na het eten geen haast en kuier nog wat door de omgeving. Op de terugweg schiet ik een paar mooie plaatjes voor the Catch of the Day.

Enfin, rond 23:00 uur kom ik bij de camping en … sta voor een héél gróót gemeen gesloten tweedeurs Duits smeedijzeren hek van een paar meter hoog en wel tien meter breed. Het is elf uur geweest. Dusss … is de campong dicht, vergrendeld, afgesloten, sperrzeit!

Wat denk ik? Juist…! Jij snapt het.

Niemand kan er in en niemand kan er uit. Als er brand uitbreekt, dan zitten alle bewoners gevangen en zullen hun huid, organen en lichaamssappen borrelend tot een kookpunt komen en het sissende vocht daarvan zal zich mengen met het slijk der aarde en vervolgens zullen de vlammen aan hun reeds geblakerde gebeenten likken. Ashes to ashes, dust to dust.

Het is elf uur, lock them up!

Tja, ik wil verder niet zo heel erg overdrijven, maar de enige die daar echt in en uit kan, is de campingpoes. Zij doet het ff voor en komt gewoon onder het hek door gedag zeggen en loopt miauwend weer terug de camping op. TYPE DE CODE IN, staat er op een display, aan de zijkant van het hek. Mij is geen code bekend. Men volgt alle procedures rondom de eierdopjes strikt op, maar we geven de toeristen níet de code van het hek. Stel je voor.

BEL AAN, als je de receptie wilt spreken, staat er bij het belletje. Dat doe ik een paar keer. Niemand reageert. De receptie is vanaf morgenochtend 09:00 uur (!) weer open zie ik in de verte op een bord staan.

Ik roep en ik fluit een paar keer hard op mijn vingers. Gelukkig kan ik dat. Niemand reageert.

Zo, daar sta ik dan. In het pikkedonker. Ik kijk eens om mij heen. Ik zou willen dat ik Jack Reacher was, die alleskunner uit mijn boek. Maar ja, ik ben Coos, ik schrijf een boek en kan niet alles.

De poes kijkt mij vanachter het hek hoopvol aan. Zij wil best even geaaid worden. Nou heb ik een klein beetje geluk. Ik ben namelijk niet zo dik. Das overigens een kwestie van niet teveel eten. Dat helpt.

Ik ga plat op mijn rug liggen en pers mij snel onder het hek door. Want als nu iemand het hek wel plots opent, dan smeren ze mij over straat uit. Probleem opgelost! De poes kijkt mij goedkeurend aan. En of ik haar gelijk even wil aaien…

Delen op

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *