Categoriearchief: Stories from abroad

Coos op Reis: SJANS MET EEN KEREL

Klik op de foto om alle verhalen in de serie “Coos op Reis” te lezen.

Jôh! Het is gewoon droog.

En best veel zon. En nu al 15°.

Het mooiste motorweer van de hele wereld. Gauw op weg gaan maar.

Mijn dag begint natuurlijk met de eindcontrole van de caravan. Om 09:45 uur. Ze hebben een hele todo-list gemaakt. Nondeju. Ze hebben waarschijnlijk geen idee dat mensen hier voor hun vakantie komen. Het lijkt wel een werkkamp. Ik ben hier één dag geweest. Hoe bedoel je, alle ramen zemen?

Mina keurt mijn caravan goed. Ze telt alles. Ik heb niet één eierdopje gestolen.

Ik krijg een briefje mee met de naam van Mina en haar handtekening en een OK. Met dat briefje moet ik naar de receptie. Dan verscheuren zij het briefje waar ik goedkeuring gaf om bij schade 100 euro borg van mijn creditcard af te trekken. Ik denk dat hier een Duitser de baas is en dat hij één vervelende ervaring in zijn leven heeft gehad. Of twee misschien. En toen heeft hij het proces aangepast en er een totalitair systeem van gemaakt. Ordnung muss sein!

Saillant detail: ik voer niets maar dan ook niets van hun todo-list uit. En ik kan zó vertrekken. Hoe bedoel je, wassen neus?

Na mijn ontbijt in het dorp pak ik mijn route weer op. De route leidt mij binnendoor naar La Grande-Motte. Een prachtig stuk natuur. Ik kom langs het strand waar Janny en ik al jaren in mei naar toe gaan. Het ligt tussen Agde en Sète. We parkeren dan de auto altijd exact op dezelfde plek. Hé, iedereen heeft recht op zijn eigen afwijking, toch? En dít is toevallig de mijne. Het is gewoon een goed parkeerplekkie! Ik maak een foto en die schiet ik even naar haar toe. Zij herkent het onmiddellijk.

Ik stuur voor de argwanende lezer het bewijs van de vakantie er voor even mee! Dat je niet denkt ‘die Dr. Oetker lult maar weer lekker wat’…. Ik gebruikte overigens deze foto in een presentatie aan mijn collega’s van het ICT-managementteam bij DAS. Vlak voor mijn pensioen. Leek mij wel leuk. Ik heb mijzelf daarmee onsterfelijk gemaakt. Hèhèhè… Goh, wat mis ik ze toch, daar bij de DAS in Amsterdam…

Ik kom onderweg weer van die roze watervogels tegen, hoe heten ze ook alweer, oh ja, flamingo’s. Als ik dichtbij kom, dan vliegen ze weg.

De route gaat verder en komt door de Camarque. Dat is tegenwoordig een natuurpark. Het is ook een moerasgebied. Bij warmte en windstil weer heb je daar veel last van muggen. Ik vertelde al eerder: de vrouwtjesmuggen vinden mij het allerlekkerste ventje van de héle wereld: ik word letterlijk door ze opgezogen. Gelukkig waait het hard, maar ik blijf nergens lang staan. Het kriebelt overal.

Onze VW Golf uit 1986 (Janny rijdt er nog steeds in!) heeft in de Camarque nog haar bandafdrukken liggen. Daar stonden we, stoffig tussen de natte rijstvelden. Ik denk in de zomer van 1994. En zonder airconditioning in de auto. Sswweten, man! Heerlijk, al die ouwe herinneringen. Zou ik gauw doodgaan of zo, of ben ik gewoon een ouwe sentimentele zak?

Ik kan het niet laten en stop bij zo’n tent waar ze lokale producten verkopen. Ik krijg direct van de patron een alcoholisch drankje aangeboden. Ik bedank vriendelijk en zeg dat alcohol en motorrijden echt niet samengaan. En ook niet al om 11:00 uur ‘s morgens. Ik koop er wel wat lekkere dingen voor onderweg. Met pijn in mijn hart laat ik de bruine rijst uit de Camarque staan. Ik heb er absoluut geen plaats voor. Of ik ….uh …. moet een pak in mijn jaszak stoppen…dat zou wellicht…

Als ik verderop langs de bosjes loop, verstoor ik het zonnebad van wel 20 kikkers. Eén voor één springen ze met een boog in het water, plons-plons-plons.

Ik schiet nog wat meer mooie plaatjes onderweg. Over mooie plaatjes en reizen gesproken: gisteravond keek ik op de laptop noges naar de film Road to Paloma uit 2014. Aanrader! Prachtige plaatjes, prachtige muziek. Mooie road movie.

Onderweg naar Saintes-Maries-de-la-Mer zie ik tientallen prachtige jonge zwartglanzende stieren, in groepen bij elkaar. Schitterend gezicht. Ze verkopen op diverse plaatsen Saucisson de Taureau de Camarque, dus ik roep naar ze: Carpe Diem! Eten en gegeten worden, dáár draait het om in de natuur. En geiligheid. Maar das logisch…

Ik koop bij een supermarkt een gezonde lunch een ga op zoek naar een bankje uit de wind en een prullenbak voor mijn zooi. Dat laatste lukt helaas niet. Maar geen muggen. Ik doe het er voor.

Geen tourroute zonder pontje, roep ik altijd in de motorclub. Dus ik mag voor drie euro met een pontje de Rhône oversteken. Prachtig. Ik ben stapel op rivieren en stroompjes. En het water is wild! Mijn motor staat te steigeren op haar zijstandaard, ik hou haar maar even vast. Dat stelt haar gerust. En mij ook. Een koffer kost 550 euro.

Ik rijd nog langs wat grote havens voordat ik bij Marseille kom. Hier scheuren veel grote vrachtauto’s met enorme roestige zeecontainers als Max Verstappen in het rond. Als idioten! Levensgevaarlijk. En Marseille is een hele grote stad. Lijkt qua verkeer soms bijna op Parijs. Maar Marseille is omgeven door fraaie natuur en heeft mooie boulevards. Ik kom hier zeker noges terug. Mijn boordcomputer geeft 20° aan. En dat is al aardig warm als je in het zonnetje voor een stoplicht staat.

Ik doe met mijn superbrede motorfiets gewoon mee met de gekte van de scooters en de brommers en dender langs de files via de andere baan. Jôh, ik reed acht jaar lang twee keer per dag met mijn motor in de spits over het Maastunneltracé in Rotterdam. Ik snap wel hoe hier de hazen lopen. Tussen de auto’s door, dat kan niet. Daar ben ik te breed voor. Maar ach, de Fransen houden goed rekening met de motorrijders. Heel wat anders dan de Duitsers. Zij gaan lekker aristocratisch op hun voorhoofd zitten wijzen.

Na 19:00 uur vind ik met de ACSI-app in Sanary-sur-Mer een camping en een mobilehome. Snel uitpakken, douchen en wat te eten scoren. Maar éérst een zalig biertje…

Schitterende dag vandaag. Geen druppel regen gehad. Wat een mazzel. En uitstekend motorweer. Heerlijk!

Morgen, op 14 april, word ik 66 jaar. (Dit is het moment van schrijven, de publicaties van de verhalen op ikzoekeenmotor.nl vinden later plaats… Info, redactie) Vanaf die datum krijg ik óók mijn AOW! Dus ik ga vast eens een goed restaurant voor mijzelf uitzoeken…

SJANS MET EEN KEREL

Onderweg staan in de verte wilde Camarque-paarden. Allemaal wit. Als je hier als paard niet wit bent, dan kom je er niet in. Discriminatie op het Franse platteland.

Eén paard is wel heel erg blij om mij te zien…. Kijk maar. Schrijf ik hier net dat de vrouwtjesmuggen mij zo’n lekker ventje vinden, krijg ik aan een hekkie sjans met een kerelpaard…

Coos op Reis: RIJDEN DE KARTS?

Klik op de foto om alle verhalen in de serie “Coos op Reis” te lezen.

Het is vandaag 12 april. (We publiceren wat langzamer dan Coos rijdt dus.) Ik ben op een camping in Marseillan Plage.

Het is bewolkt maar, vooruit, de zon schijnt ook.

Een heel klein beetje. Af en toe… Ze voorspellen ook regen. Wederom honderd procent. Niet minder. Het is tien graden.

Terwijl ik nog heerlijk in mijn warme oranje peentje lig en wat moeite doe om wakker te worden, denk ik aan het zomerpak dat ik voor deze reis bij Damen in Breda op maat heb laten maken. En de zomerhelm van Schubert, die ik bij Molenaar in IJsselstein kocht. En de geweldige zomerhandschoenen van Rukka, die ik bij Goedhart Motoren in Bodegraven vond. Ik ben zooo blij dat ik mijn zomerpak en mijn zomerhelm toch maar thuis heb gelaten. Wat had ik het tot nu koud gehad. Het pak hangt thuis, lekker warm en droog op zolder. Er komen deze zomer nog warme dagen zat. En alle jaren daarna ook, denk ik maar…

Ik help nog even met een camper uit de bagger duwen, maar als hij tot in zijn assen in de prut staat, dan mag van mij de tractor komen.

Het is een kansloze missie.

Ik scoor een prima ontbijt in het dorp en wandel vervolgens door de straten en langs het strand. Het is koud en er staat een straffe wind. Pikdonkere wolken in de verte beloven weinig goeds. Ik durf de beschutting van Marseillan Plage niet te verlaten. Als het later gaat regenen, wordt het ook echt onaangenaam buiten.

Tijd voor een vroege lunch. Maakt niet uit wat en waar, als de kachel maar brandt.

‘s Middags is het op en af. Regen, kou en zon. Het is gewoon een rare dag voor Zuid-Frankrijk. Ik maak mijn kilometers met mijn parapluutje wel, maar het duidelijk geen topdag.

Ik ga gewoon vroeger eten dan normaal. En vanavond een filmpje kijken op mijn thuisbioscoopsysteem. Dat heb ik gewoon meegenomen op mijn motorfiets natuurlijk. Geen enkel probleem. Als je maar niet zeikt over volume en gewicht en zo, dan kan je het jezelf altijd naar je zin maken.

Op advies van de restauranthouder eet ik ‘s avonds een lekkere kip aan een spies, een specialiteit van hem dat hij meenam uit Afrika. Gekruid met de geest van Afrika, zegt hij geheimzinnig. Hij heeft vijf jaar in Congo gewerkt, maar is kortgeleden gevlucht omdat het daar inmiddels niet meer veilig is. Nou, en daar hou ík een lekker Afrikaans kippetje aan over. Heerlijk uitstapje naar Congo. Ook koud en nat daar trouwens.

Hier in Marseillan Plage heb ik het gezien. Er is verder niks, op een enkele crash na dan. Hier moet de zon schijnen en moet het warm zijn. Dan zijn de terrasjes vol. Pas dan klopt het hier. Nu niet. Nu is het allemaal armoede met die regen en kou.

Morgen reis ik gewoon verder. Ik wil mij niet teveel aan het weer binden. In Albufeira is het vast beter weer, maar joh, als het alleen om het weer zou gaan, dan had ik daar ook met het vliegtuig naar toe kunnen gaan, nietwaar?

Ik trek morgen door richting Italië. Tegen de tijd dat ik daar ben, is het weer vast beter. En anders niet. Ik zal morgen ergens in de omgeving van Toulon landen. Dan via Nice en Monaco verder. Ik heb voor die omgeving nog een schitterende stuurroute gemaakt. Maar dan moet het weer acceptabel zijn.

En owja, de beloofde foto’s van mijn paleis voor 50 euro per nacht. Ze zijn hier wel vreselijk zeikerig over hun inventarislijst. Nondeju. Nou, ik heb geen zin om het aantal eierdopjes te tellen, hoor. Ik laat alles gewoon onder dat geheimzinnige kleed staan.

Trouwens. de borg voor de ligstoelen is … 60 euro per stuk. Maar óf de ligstoelen zijn buiten óf ik ben buiten. We kunnen niet met z’n drieën binnen. Dan kan ik daar niet lopen. Dus waar moet ik ze laten? Juist! Buiten! Dat probleem heeft iedereen toch, denk ik? Waarom zadel je daar nou je klanten mee op? Stelletje Spaanse buschauffeurs!

Maar … deze home is compleet mét een gratis flesje rosé. Dat dan weer wel. Huppekee! Ik ga eens kijken hoever ik kom met dat filmpje er bij. Ik ga mijn best doen. Eerst de kachel maar eens aan.

RIJDEN DE KARTS?

Elke familie heeft zijn eigen familiegrappen. Familiegrappen zijn grappen die alleen in de familie worden begrepen. Ik vertelde al eens dat wij binnen onze familie tegen elkaar zeggen: dat doe IK niet, dat doet mijn kwast. Uitdrukking van mijn oude schoonvadertje toen hij met de verf stond te morsen.

Janny en ik hebben natuurlijk weer onze eigen grappen. Bijvoorbeeld grappen over Franse winkels, bakkers, bedrijven, de VVV, de horeca etc. Die zijn namelijk allemaal dicht als wij voor de deur staan. Ze zijn op vakantie, het is 12:00 uur of 13:00 uur of 14:00 uur of weet ik welk tijdstip, er is een sterfgeval of het is weer eens een feestdag of ze hebben die dag gewoon geen zin. Ze zijn gesloten – closed – fermé. Hatsekee!

Enfin, al meer dan 10 jaar komen we in de vakantie bijna dagelijks langs de karting van Marseillan. Vandáág is hij open, zeggen we dan tegen elkaar. Eerlijk waar. Wedden dat er nu karts rijden? En als we dan voorbij rijden, dan wapperen alle vlaggen, maar … ligt de karting er verlaten bij. Er rijden geen karts. Niet ééntje. ..

Maar vandáág…. KUT!
Jammer dat Janny geen Facebook heeft. Ze zou het niet geloven…

Itchy Boots steekt de Karoo Desert over

We kwamen weer een prachtige aflevering van Itchy Boots tegen. We plaatsen niet elke aflevering maar pikken de mooiste kersjes eruit. Eigenlijk zijn al haar video’s heerlijk om naar te kijken. Haar leven speelt zich af op en rond de motorfiets op de mooiste plekken te wereld. En, vanuit haar achtergrond heeft ze nog verstand van zaken ook en weet altijd mooie dingen over de gebieden te vertellen waar ze rijdt. Alsof je achterop zit en mee reist.

Hier steekt ze een Zuid Afrikaans woestijngebied over en neemt ook nog even een paar moeilijk begaanbare bergpassen mee. Via de Ouberg Pass komt ze in Sutherland. Het blijft genieten om haar avontuurlijke motorreizen te volgen.

Bas Laarberg op de motor vanuit Brazilië

Wie ben jij? Waar kom je vandaan?

Geboren in Groenlo (De Achterhoek) maar woon inmiddels al 20 jaar in Ponta Grossa in het zuiden van Brazilië.

Heb je vroeger eerst brommer gereden?

Ik heb diverse brommers gehad, naast de vele crossbrommers had ik een Honda SS 50 waar ik mee naar school ging.

Wanneer kocht jij jouw eerste motorfiets en wat voor een motor was dit?

Mijn eerste motorfiets was een Honda CB 350 four uit 1976, die ik heb geruild tegen een crossmotor in 1986.

Ben jij een “mooiweer-rijder” of een “door-rijder”?

Mooi weer rijder, het is hier bij ons in Brazilië bijna altijd mooi weer.
Hier een voorbeeld van een motorrit die ik enkele dagen terug maakte. Van Ponta Grossa naar Carambei.

Stel: je wint een flinke prijs in de loterij. Wat voor motorfiets zou je dan kopen?

Een BMW R 1250 GS.

Wat was de mooiste rit die je ooit reed?

Door de achterhoek heb ik mooie ritten gemaakt, maar tegenwoordig maak ik mooie ritten hier door de natuur in Brazilië op mijn Royal Enfield Continental GT

Staat er nog een bijzondere toertocht op je bucket-list?

Ja, ik wil een rit maken van 380 km naar mijn schoonouders in Assis in de stad São Paulo.

Denk je al aan een volgende motorfiets?

Nee, ik heb de mijne net een halfjaar. Deze heb ik nieuw gekocht dus die moet nog wel een aantal jaren mee.

Wat heeft motorrijden jou gebracht in je leven?

Vrijheid en rust. In het weekend heerlijk ontspannen na een drukke werkweek.

Wat heb ik je niet gevraagd, en wil jij mogelijk toch nog kwijt?

Dat mensen eens een Royal Enfield moeten proberen, het oudste motormerk wat bij veel mensen niet bekend is. Heerlijke motoren om te toeren en voor een zéér concurrerende prijs.

Coos op Reis: SPARERIBS À LA GREPPEL

(We publiceren hier bij redactie@ikzoekeenmotor.nl maar 2 a 3 verhalen per week van Coos van der Spek, dus onze lezersreis gaat een stuk langer duren dan de 3 maanden die Coos er over deed.

Dus, het is april als hij schrijft… )

Het is vandaag 10 april.  Ik ben op een eenvoudige driesterren camping met de elitaire naam Parc de Palétès bij Saint-Girons in de Midi-Pyrenees in Frankrijk. Het is prachtig weer en de zon schijnt. Er zijn weliswaar wat wolken in de verte, maar ik zie veel blauwe luchten. Superdag! Zeker voor “Coos op Reis”.


Het heeft vannacht flink geregend, maar toen lag ik lekker warm en droog in mijn bedje.
Owja, jullie hebben mijn hutje voor deze twee dagen nog niet gezien.

Komt voor de bakker!

Het is rond 09:30 uur nog maar 11°, maar de zon brandt al enorm. Dus factor 50 op en sexy afritsbroek en stoere wandelschoenen aan. Het maakt de oude campinghond allemaal niks uit. Hij zegt er niks van. En ik zeg hem niet dat hij allemaal modder op zijn neus heeft.

Ze doen het ontbijt op de camping erg goed. De restauranthouder bakt speciaal voor mij met liefde een warm stokbroodje en als ik om kaas vraag, dan komt hij met een paar verschillende stukken geiten- en schapenbergkaas vanuit de omgeving aanzetten. Ik mag kiezen en neem ze allemaal natuurlijk. Samen met de gekookte én de rauwe ham, een vers sjuutje en een sterke koffie, geniet ik op 500 meter hoogte in het zonnetje van het begin van de dag. Ik mag nog een appel en een mandarijn meenemen en voor zeven euro mag ik ook nog vertrekken. Ik ga morgen weer. Weet ik nu al. Kwaliteit is onbetaalbaar.

Dat soort Franse kaasjes kopen Janny en ik trouwens ook als we met de caravan op vakantie zijn. We stoppen ze dan heel goed in papier, dan verpakken we ze nog een keer stevig in plastic en gaat alles in een afgesloten lade in de koelkast, maar toch, als we de caravandeur ‘s avonds opentrekken…. wát een putlucht…

Precies vandaag ben ik maar liefst zes weken op reis. Best al een tijd. En het vliegt voorbij. Ik heb het overigens nog steeds uitstekend naar mijn zin. Maar daar maakte jij, als lezer, je al niet druk om, toch?

Ik bel tijdens mijn trip regelmatig met mijn oude moedertje. Ik merk dat ze steeds ouder wordt. Ma wordt op 11 mei 88 jaar. Ik heb dan ook besloten om op haar verjaardag aanwezig te zijn. Nu kan het nog. Mijn plan is om dan een paar dagen later eindelijk eens op vakantie te gaan. Met Janny en de (nieuwe) auto naar Zuid-Frankrijk! Ik vind het een goed plan.

Ik wandel naar het dorp Saint-Girons, hier wat kilometers verderop. Ik heb verder geen strak omlijnd plan voor deze dag. Ook wel eens lekker. Een expreszootje in de zon zou een eerste doel kunnen zijn. En het proeven van een croustade, de heerlijke lokale taart gemaakt met bladerdeeg en fruit, een tweede. Om maar eens wat grootste ideeën te opperen.

Het centrum van het stadje is wat groter dan verwacht. Ik kijk naar een paar winkels en tref verder wat mooie bloemen, gebouwen en een kathedraal aan. Een bord geeft aan dat er wandelroutes zijn en ik pik er eentje van 15 kilometer uit. Dan kom ik ruim boven de 20 vandaag. Kan makkelijk.

Samen met Google Maps volg ik stroomopwaarts de woeste rivier La Quinta de natuur in. Ergens in het bos loop ik tegen het oude Canal de la Papeterie aan. Dit kanaal werd gebruikt voor de fabricage van sigarettenpapier. Het is wel een grappig gezicht, highspeed water dat dwars door het grillige bos tussen twee hoge kademuren bijna perfect recht naar beneden suist. Een soort bobslee van water.

Ergens maait men het gras. Tussen dat hoge gras zit waarschijnlijk één of ander kruid. De bedwelmde geuren van het kruid waaiert over de velden naar mij toe. Mmmm … héérlijk én exotisch.

Gaat hier alles verder goed dan? Nou nee, niet alles… Vanaf Noord-Spanje heb ik last van de pollen. Dat betekent een grieperig gevoel, brandende ogen, een loopneus, gezwollen klieren in mijn hals en verlies van energie. Ik heb weliswaar druppels, snufjes en pilletjes tegen hooikoorts, maar die helpen op dit moment maar matig.

Morgen vertrek ik naar Sète, aan de Middellandse Zee. Ik hoop dan op wind van zee. En op zee staan weinig van die KUT-bomen…!

SPARERIBS À LA GREPPEL

Tijdens mijn wandeling ruik ik plots een onaangename geur. In de greppel ontdek ik een half vergaan everzwijn.

Mink Bijlsma. Beroep: MotorReiziger

Wie ben jij? 

Ik ben Mink Bijlsma, 60 jaar (ongelofelijk maar volgens de burgerlijke stand toch echt waar). 

Waar kom je vandaan?

Ik had graag willen zeggen: “Nét uit Spanje‘. Maar dat lukt mij al een jaar lang niet. Dus houden we het maar bij het Buitenste Buitenbos van Zuidlaren.

Heb je vroeger eerst brommer gereden?

Dat is wel grappig. Ik wilde eerst geen brommer want het geld wat ik daarvoor kwijt zou zijn kon ik beter aan een motor besteden als ik 18 zou worden. Maar toen besefte ik mij dat het wel handig was om ervaring op te doen, zodat ik minder hoefde te lessen. Dat kwam uit: half lesje, 3 maanden een oefenvergunning en voor nog geen 200 Pietermannen had ik het toen nog roze papiertje! 

Wat voor bromfiets was dat toen? 

Het werd uiteindelijk een Yamaha FS1, zo eentje met een ‘alles naar boven’ versnellingsbak. Of was het nou net andersom? In ieder geval zat de vrij-stand niet tussen de 1 en 2. 

Wanneer kocht jij jouw eerste motorfiets en wat voor een motor was dit? 

Dat was 14 dagen voordat ik 18 werd. Een Suzuki GT 550. Zo’n tweetakt driecilinder met RAM –air cooling. Ik zou en moest rijden vanaf de dag dat ik jarig zou zijn. Dat was op 15 februari 1979, twee dagen nadat het gigántisch gesneeuwd had (in het noorden) en alles plat lag. Metershoge sneeuwduinen. Had ik 8 jaar naar deze dag uitgekeken, moest ik nóg twee weken wachten. Maar mijn wraak komt nog wel: ik ben van plan nog twee weken door te rijden als ik ooit stop met motorrijden!

Ben jij een “mooiweer-rijder” of een “door-rijder”? 

Beide. Op mijn Speed Triple T509 (‘natuurlijk’ Roulette Green) met carbon dingetjes en gepolijste velgen rijd ik alleen met mooi weer. Dat is mijn hart. Die moet mooi en schoon blijven. Mijn trots. De Tiger 1050 Sport is mijn verstand: comfort, windbescherming, handvatverwarming, bagagemogelijkheden, die mag vies worden en een tijdje blijven. Nu ik over de vraag na denk: eigenlijk ben ik op beide een doorrijder: ik kan er geen genoeg van krijgen, kan úren achter elkaar door rijden.

Stel: je wint een flinke prijs in de loterij. Wat voor motorfiets zou je dan kopen? 

Weet je, hoe gek ik op motoren ben (misschien wel bezeten) maar eigenlijk moet een motor niet meer dan 10.000 euro kosten. Voor dat bedrag “happy al zoveel plezier”. Voor twee keer zoveel geld heb je hooguit 1,1 keer meer plezier. Maar ik heb nog nooit de pot gewonnen, dus vooruit: 2 MV Agusta Tourismo Veloce RC SCS. Niet één voor mooi weer en één voor slecht weer, maar één als reserve zodat ik kan blijven rijden als één van de twee kapot is… 

Wat was de mooiste rit die je ooit reed? 

Waarom nou weer één? Waarom niet honderd? Laat ik het bij een moment houden. In Amerika, onderweg naar Monument Valley. Rijdend op een kaarsrechte weg, kwam ik over de heuvel en toen ineens: baf! Daar stonden ze, die drie, tja: wat zijn het eigenlijk. Toen vooral bekend uit de Marlboro reclame en ineens oog in oog. 

Staat er nog een bijzondere toertocht op je bucket-list? 

Verdorie: alweer één, hahaha. Nou vooruit deel 2: als ik pensioengerechtigd ben een jaar lang door de Verenigde Staten. Dat is één toch?

Denk je al aan een volgende motorfiets? 

Nee, alleen aan het winnen van de loterij. Nou toch wel: Ik denk aan een Ducati Multistrada 950. (Maar dan wel een parelmoer witte, met rood frame, rode wielen, enkelzijdige achtervork en 17 ipv 19 inch voorwiel: de Minks Peak dus.) Fantastisch inlaat/aanzuiggeluid, heerlijk stille uitlaat, klaar met dat (overigens wel begrijpelijke) gezeur over lawaai.

Wat heeft motorrijden jou gebracht in je leven? 

Geluk. Héél veel geluk! (zie daar: hij kán wel kort zijn)



Wat heb ik je niet gevraagd, en wil jij mogelijk toch nog kwijt?

Ja, ja, ja, jaaaaah: wat doe je voor werk? Als je dát gevraagd zou hebben, had ik gezegd: ik organiseer groepsreizen voor //www.spanjemotortours.nl/


Op Facebook kun je deze pagina vinden.

Daarnaast ben ik bezig met het opstarten van EuropaMotorTours. Dat laatste is een ‘platvorm’ voor mensen die zelf graag een motorreis willen organiseren omdat ze helemaal verliefd zijn op een bepaald land, gebied of streek en dat dan via EMT kwijt kunnen. Voor deze laatste heb ik nog geen website, maar alvast wel op Facebook. Zo jammer dat je die vraag niet gesteld hebt, want ik heb zulke leuke reisjes 🙂

Coos op Reis: EEN GOEDE BOS HOUT VOOR DE DEUR

De zon schijnt en … het is warm! Jôh, daar heb ik helemaal niet op gerekend. Ik verwachtte de eerder voorspelde regen. Fijn!
(We vervolgen onze serie “Coos op Reis” met een verslag van Coos van der Spek uit de Pyreneeën. Verhaal nummer 42… )

Ik bepak mijn paard en rijd met haar naar het dorp. Er is markt, dus mogen we het dorp niet in. Op mijn lijstje staat ontbijt, lunch, fruit, water, geld en … piment d’espelette, uit het Frans-Baskenland…

Piment d’Espelette is de Franse benaming voor peper uit Espelette, een plaatsje in het Zuid-Westen van Frankrijk, vlakbij de Atlantische oceaan. De peper is oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Amerika, maar omdat het daar niet goed kon gedijen, zou het door Columbus zijn meegenomen naar Frankrijk.

Op advies van de eigenaresse van het restaurant, mikte ik daar gisteravond een klein schepje van in de soep. Het is een soort scharfes Öl, maar dan in poedervorm. Gemaakt van speciale rode pepers. Lekker, jôh. En ik moet en zal het hebben. Nu. Vandaag. Gelukt!  Gewoon in de supermarkt. Whoeii!

Ik pak de route verder op en heb het reuze naar mijn zin. Het zonnetje schijnt, de weg is droog, het asfalt is super en het landschap is prachtig. Mijn bestemming voor vandaag is Saint Girons. Dat ligt op 500 meter hoogte, tussen Toulouse en Andorra.

Ik rijd een uurtje de route af en drink koffie in de zon in een gezellig dorpje.

Het is heerlijk motorweer.

Maar ook heerlijk hondenweer!

Rechts zie ik dikke wolken aan de toppen van de Pyreneeën plakken. Mmmm, daar is het vast geen lekker weer. Goede keus, jochie! Goed gedaan.

Het zonlicht is keihard en de schaduwen diepzwart. Ik moet de Franse weg-ingenieurs weer gaan begrijpen. Die gingen naar een andere school dan de Spanjaarden en de Portugezen. Het ritme van de weg is anders. Ik raak tot twee keer, bij het wegrijden van een rotonde, een raar hoog stoepje van een meter lang. Gewoon, op een gekke en gevaarlijke plaats. Idioterie. Ik geef bij de tweede keer het stuur echt een zwieper om het stoepje te ontwijken. Het scheelt een haartje. Zo’n zwieper gaat in alle gevallen goed. Maar als je zwaar beladen bent, dan komen je zijkoffers je bijna voorbij…

Ik rijd het Nationaal park van de Pyreneeën in en kom gelijk tussen een kudde schapen terecht. En later een kudde koeien. Mooi, jôh. We kijken verbaasd en nieuwsgierig naar elkaar. Ik heb 27 jaar bij Melkunie gewerkt, dus ik ben altijd gelijk stapelverliefd op koeien. Heerlijk, die natte, glimmende neuzen en die lodderige ogen.

En dan nader ik Lourdes. Ooit voor de echte diepgelovigen, die toen slechts een glimp van ‘de’ verschijning hoopten te zien. Nu is het één grote commerciële kermis. Je kunt hier nog steeds een plastieken Jezus kopen, gevuld met het ‘geneeskrachtig water’ van Lourdes.

Geloof doet veel met een mens. Water om je zonden weg te wassen! Ik mijmer voor wie ik een plastieken Jezus mee naar huis zal nemen. Ik kom tot tientallen vrienden die zo’n ding eigenlijk nodig zouden hebben. Maar voor hén zit daar echt veel te weinig geneeskrachtig water in. Een litertje is niks. Hun zonden zijn te groot!

Ik besluit om een stuk Pyreneeën te pakken. Ik vind het toch wel leuk. Ik stijg wederom tot sneeuwhoogte. Er zijn hier in het verleden heel wat wielertours gefietst. De namen van alle grote klimmers staan met grote letters op het wegdek geschilderd. Tevergeefs zoek ik naar mijn eigen naam….

Vlak voor het einde van de route krijg ik een enorme onweersbui over mij heen. De wolken zijn inktzwart en onweer en bliksem razen over mijn hoofd. Ik rijd hoog in de bergen en ik kan nergens schuilen. Ik kan alleen maar doorrijden. De wegen veranderen in bergbeekjes, het water gutst naar beneden. Een half uur later is het droog en schijnt de zon weer. Ik …. uh …. vond het best wel spannend….

Ik vind een eenvoudige caravan op een eenvoudige camping voor een schandalige prijs: € 85,-. Als ik twee nachten blijf, dan zakt de prijs naar € 60,-. Maar jôh, ik doe het. Ik vind het niet erg om veel te betalen voor veel comfort. En ook niet om weinig te betalen voor weinig comfort. Maar de verhouding moet goed zijn. Deze keer dan ff niet.

Nou ja, avontuur betekent ook gebrek aan comfort, pap, zei mijn dochter, voordat ik vertrok. Ze heeft gelijk.

ZIJ HEEFT EEN GOEDE BOS HOUT VOOR DE DEUR….

Jazeker. Dat klopt!