Coos op Reis: EEN GOEDE BOS HOUT VOOR DE DEUR

De zon schijnt en … het is warm! Jôh, daar heb ik helemaal niet op gerekend. Ik verwachtte de eerder voorspelde regen. Fijn!
(We vervolgen onze serie “Coos op Reis” met een verslag van Coos van der Spek uit de Pyreneeën. Verhaal nummer 42… )

Ik bepak mijn paard en rijd met haar naar het dorp. Er is markt, dus mogen we het dorp niet in. Op mijn lijstje staat ontbijt, lunch, fruit, water, geld en … piment d’espelette, uit het Frans-Baskenland…

Piment d’Espelette is de Franse benaming voor peper uit Espelette, een plaatsje in het Zuid-Westen van Frankrijk, vlakbij de Atlantische oceaan. De peper is oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Amerika, maar omdat het daar niet goed kon gedijen, zou het door Columbus zijn meegenomen naar Frankrijk.

Op advies van de eigenaresse van het restaurant, mikte ik daar gisteravond een klein schepje van in de soep. Het is een soort scharfes Öl, maar dan in poedervorm. Gemaakt van speciale rode pepers. Lekker, jôh. En ik moet en zal het hebben. Nu. Vandaag. Gelukt!  Gewoon in de supermarkt. Whoeii!

Ik pak de route verder op en heb het reuze naar mijn zin. Het zonnetje schijnt, de weg is droog, het asfalt is super en het landschap is prachtig. Mijn bestemming voor vandaag is Saint Girons. Dat ligt op 500 meter hoogte, tussen Toulouse en Andorra.

Ik rijd een uurtje de route af en drink koffie in de zon in een gezellig dorpje.

Het is heerlijk motorweer.

Maar ook heerlijk hondenweer!

Rechts zie ik dikke wolken aan de toppen van de Pyreneeën plakken. Mmmm, daar is het vast geen lekker weer. Goede keus, jochie! Goed gedaan.

Het zonlicht is keihard en de schaduwen diepzwart. Ik moet de Franse weg-ingenieurs weer gaan begrijpen. Die gingen naar een andere school dan de Spanjaarden en de Portugezen. Het ritme van de weg is anders. Ik raak tot twee keer, bij het wegrijden van een rotonde, een raar hoog stoepje van een meter lang. Gewoon, op een gekke en gevaarlijke plaats. Idioterie. Ik geef bij de tweede keer het stuur echt een zwieper om het stoepje te ontwijken. Het scheelt een haartje. Zo’n zwieper gaat in alle gevallen goed. Maar als je zwaar beladen bent, dan komen je zijkoffers je bijna voorbij…

Ik rijd het Nationaal park van de Pyreneeën in en kom gelijk tussen een kudde schapen terecht. En later een kudde koeien. Mooi, jôh. We kijken verbaasd en nieuwsgierig naar elkaar. Ik heb 27 jaar bij Melkunie gewerkt, dus ik ben altijd gelijk stapelverliefd op koeien. Heerlijk, die natte, glimmende neuzen en die lodderige ogen.

En dan nader ik Lourdes. Ooit voor de echte diepgelovigen, die toen slechts een glimp van ‘de’ verschijning hoopten te zien. Nu is het één grote commerciële kermis. Je kunt hier nog steeds een plastieken Jezus kopen, gevuld met het ‘geneeskrachtig water’ van Lourdes.

Geloof doet veel met een mens. Water om je zonden weg te wassen! Ik mijmer voor wie ik een plastieken Jezus mee naar huis zal nemen. Ik kom tot tientallen vrienden die zo’n ding eigenlijk nodig zouden hebben. Maar voor hén zit daar echt veel te weinig geneeskrachtig water in. Een litertje is niks. Hun zonden zijn te groot!

Ik besluit om een stuk Pyreneeën te pakken. Ik vind het toch wel leuk. Ik stijg wederom tot sneeuwhoogte. Er zijn hier in het verleden heel wat wielertours gefietst. De namen van alle grote klimmers staan met grote letters op het wegdek geschilderd. Tevergeefs zoek ik naar mijn eigen naam….

Vlak voor het einde van de route krijg ik een enorme onweersbui over mij heen. De wolken zijn inktzwart en onweer en bliksem razen over mijn hoofd. Ik rijd hoog in de bergen en ik kan nergens schuilen. Ik kan alleen maar doorrijden. De wegen veranderen in bergbeekjes, het water gutst naar beneden. Een half uur later is het droog en schijnt de zon weer. Ik …. uh …. vond het best wel spannend….

Ik vind een eenvoudige caravan op een eenvoudige camping voor een schandalige prijs: € 85,-. Als ik twee nachten blijf, dan zakt de prijs naar € 60,-. Maar jôh, ik doe het. Ik vind het niet erg om veel te betalen voor veel comfort. En ook niet om weinig te betalen voor weinig comfort. Maar de verhouding moet goed zijn. Deze keer dan ff niet.

Nou ja, avontuur betekent ook gebrek aan comfort, pap, zei mijn dochter, voordat ik vertrok. Ze heeft gelijk.

ZIJ HEEFT EEN GOEDE BOS HOUT VOOR DE DEUR….

Jazeker. Dat klopt!

Delen op

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *