Met regelmaat plaatsen we hier een verhaal van Dolf Peeters. Dolf is geboren met de helm. Een valhelm. Omdat het leven een avontuur is.Motorrijdend Nederland kent Dolf vooral van zijn unieke columns en verhalen in AUTOMOTOR Klassiek. Op sociale media lazen we van Dolf dit verhaal:
“Ik ben nu alweer een poosje eigenaar van een 2017 Mash 125 cc. En hier in de schuur staat ook de Honda CBF 125 die onze zoon door zijn studietijd heeft geloodst. Die Honda is ‘Made in India’. De Mash is Frans, en made in China. De Honda heb ik net even een beurt gegeven. Het konijn had bijna een jaar niet gelopen en startte met de eerste druk op de knop. Mijn Mash had ook ongeveer zolang gestaan en had twee tanks met een forse dosis brandstofsysteemreiniger nodig voordat hij weer gewoon wilde starten.
Vandaag heb ik de twee 125 cc giganten eens na elkaar bereden en naast elkaar gezet. De Honda is ‘modern’ gestyleerd, dus in mijn ogen lelijk. De Mash ziet er uit zoals een motorfiets er uit hoort te zien. Qua productiekwaliteit en afwerking blijft de Honda ver achter bij de Mash, die gewoon een echte motorfiets is. Het meest overtuigende deel van de Mash is daarbij zijn tankdop.
Het blokje en de inspuiting van de Honda zijn wat beter. De Honda loopt mooier rond. Aan de andere kant: Het Mash blokje is een clone van de Suzuki GN ( met carburateur). En dat blokje komt uit de vroege eerste helft van de jaren tachtig. Vanuit die hoek bezien is er weinig reden tot zeuren.
De Mash loopt iets van ruim 1 op 30. De Honda is (nog) wat zuiniger. Op secundaire wegen komen allebei de brommers goed mee. Maar als je achter een bus zit ben je de sjaak tot hij een halte pakt. Allebei de eenpittertjes lopen een kilometer of 100/uur.
De vering en remmen van de Honda zijn gemoedelijker. Met de Mash kan ik toch wat meer stoeien.
Qua prijsstelling is de Mash een 100% winnaar. Qua looks en motor gevoel ook. Misschien scoor ik er nog wel een ‘zware’Mash bij.”
Wil je meer lezen van Dolf Peeters?
Kijk dan ook eens op op de website van AUTOMOTOR Klassiek.

