Categorie archieven: Motorreizen

Itchy Boots gaat voor GOUD

We volgen Noraly op haar Youtube kanaal Itchy Boots verder op haar reis in Zuid-Afrika. De mijnindustrie is altijd groot geweest daar dus hoe kan het ook anders dat ze door het gebied van de goudmijnen gaat rijden. Haar filmpjes ervaren we sowieso al als “GOUD” en we zijn benieuwd wat er verder op haar pad komt. Het varieert van overstekende aapjes en koeien tot haast onbegaanbare wegen. Haar navigatie lijkt soms eigen plannetjes te maken. Het mooie in haar filmpjes vinden wij dat ze tijdens het rijden ook echt dingen te vertellen heeft over een streek of land die er toe doen. Haar achtergrond op het gebied van geologie is natuurlijk handig. En dat alles vanaf de motorfiets. Veel mooier kunnen we het niet bedenken. Bizar ook om te leren dat de helft van al het goud in onze wereld uit de streek komt waar zij nu rijdt.

Coos op Reis: ALBUFEIRA – PORTUGAL

 ALBUFEIRA – PORTUGAL

Het is vandaag zaterdag. Om 07:00 uur hoor ik nog grote druppels regen op mijn plastic dak vallen, maar om 08:00 uur is het droog. Ik zie zelfs een waterig zonnetje. Vandaag reis ik weer verder.

(We lezen hier verder in de serie “Coos op Reis“)

De beheerder wil de caravan vóór mijn vertrek persé controleren. Of ik misschien wel een vork krom heb gemaakt, een glas van 40 cent heb gebroken of met viltstift iets banaals op de muur heb geschreven. Zoiets. De procedure is mij bij aankomst wel drie keer verteld. Bij controle loopt de controlemanager met zijn grote vuile baggerschoenen dwars over mijn schoon gepoetste caravanvloer, kijkt verder nergens naar en zegt dat het allemaal prima in orde is. Dát had hij ook vanaf het terras kunnen doen. Of vanuit de receptie. Hoe bedoel je, overbodige managers en wassen neuzenprocedures?

Ik besluit om Anzar vandaag te tarten. Ik stop mijn regenpak diep en onzichtbaar in de topkoffer en kijk vol vertrouwen naar het zonnetje, dat inmiddels dapper door de wolken prikt.

Ik laad de route, zet het geluid in mijn helm aan, rits mijn jas dicht, trek mijn handschoenen aan en ga op weg. Ik rij het prachtige natuurpark Nacional de Doñana uit. Het is een enorm bosgebied. Mijn GSA en ik gaan vandaag Spanje weer verlaten. We gaan op weg naar Portugal.

Het asfalt is hier ruk. Dáárvoor kan ik beter in Luxemburg blijven. Daar hebben ze tenminste geld voor goede wegen. Grote delen van het asfalt hier zijn gekrakeleerd. Net als de tweezitsbank van mijn oude moedertje, denk ik. We zijn al jaren regelmatig aan het kijken voor een nieuwe bank. Maar ja, besluiten nemen is moeilijk voor mijn moedertje. Daarnaast vergeet ze snel wat ze precies gezien heeft. Dat mag ook wel, ze gaat al richting de 90. Ma zegt altijd: iedereen wil graag oud worden, maar niemand wil graag oud zijn. En zo is dat. Wellicht wil het asfalt ook helemaal niet oud zijn…

Het gaat harder waaien. De wind komt over de vlakten aanstormen en trekt en plukt aan mijn motorpak en buldert in mijn Schubert-helm. Ik hou mijn lichaam en geest ontspannen en ben helemaal zen. Want de wind waait ook alle stof weg, waait alle wolken weg, de regen weg, maakt de wegen droog en nog veel meer. De wind is goed. De wind is prima. De wind … is mijn vriend!

Ik zie borden met Matalascañas en mijn navigatiesysteem toont dat we de golf van Cadiz naderen. Hoe heette die boot ook al weer van dat beroemde scheepsongeluk? Owja, de Amoco Cadiz! In 1978, bij Bretagne. Ik weet het nog, mijn hersens zijn nog niet gekrakeleerd gelukkig.

De wind van de Atlantische Oceaan beukt en buldert tegen de werkelijk torenhoge duinen van de kust. Wat een geweld. En wat een prachtig gebied is het hier. Het is super. Ik heb trouwens nog nooit zulke hoge duinen gezien. Het zijn gewoon bergen!

In Mazagón drink ik een café solo. En ze hebben wifi! Als de uiterst vriendelijke meneer eindelijk het password heeft gevonden, ben ik al weer bijna op pad. Het password voor de geheel gratis dienst is LasDunasWifi1234Gratis#. Lekker makkelijk en klantvriendelijk… Ik snap dat nooit. Mjin password is gewoon overal COOS. Veilig genoeg toch zo? Maar ik kan eindelijk mijn reisverslag van de dag ervoor even opsturen.

In het restaurant trek ik gelijk mijn elastische Scott-regenpak aan. Ik ben net een vrolijke kanarie. De Spaanse buienrader toont namelijk dat er een groot breed regenfront mijn kant op komt. Recht op mij af. Ik ben kánsloos! Anzar heeft echter vast niet gezien dat ik binnen mijn regenpak aantrok. Hij wacht nu nog steeds bij de ingang van het restaurant op mij. Sukkel…

Ik kijk even in een dorp waar aan het begin een bord staat dat het dorp alléén toegankelijk is voor dorpsbewoners. Ja, dág! Dat willen we allemaal. En Amsterdam alléén voor de Amsterdammers zeker. Het zou overal een mooi zootje worden. Dat is ongeveer dezelfde onzin als de Lekdijk afsluiten voor motorrijders. En ken je die wegen die alleen toegankelijk zijn voor bestemmingsverkeer? Ammehoela. Daar wonen alleen maar wethouders die rustig willen wonen. Wie wil dat niet? Zolang vreemden mijn straat in Linschoten in mogen rijden, mag ik het straatje van iemand anders inrijden. Zo werkt dat en niet anders. Hahaha. DrOetker heeft gesproken. Pudding! Aardbeismaak was het deze keer, geloof ik.

Een vriendelijke jonge Engelsman komt enthousiast naar mij toe en is blij dat ik Engels spreek. Hij is hier met een lorry. Hij hoopt dat ik hier blijf want er is verder niks te doen. Maar helaas, er staat voor mij nog ruim 100 km op het programma vandaag. Hij geeft mij een hand en verdwijnt weer naar binnen.

De huizen van het dorp staan, net als het Urks-mannenkoor, schouder aan schouder, aan de rand van de Oceaan. Het huizen worden in de rug gedekt door de zo kenmerkende gele rotsen van de zuidkust. Het regent en ik geniet. Ik voel de nabijheid van de zee. Het is hier gewoon anders dan een uur terug. Het ruikt ook anders. Het voelt erg goed. Goede aardstralen hier! Ik ben goed beschermd tegen de regen. Eenmaal ingepakt blijf ik zo makkelijk een hele dag droog. Het water rolt zo m’n regenpak af. Als je maar goede spullen hebt en als alles maar waterdicht en warm is. Dan is het goed.

Aan de zuidkust van Spanje rijd ik heel lang door een natuurgebied. En precies grenzend aan dit gebied heeft Repsol zijn benzine-opslagtanks. Ik ben helemaal niet zo’n milieufreak, hoor. Dan zou ik ook immers niet met mijn motorfiets helemaal hier zijn. Wie zonder zonde is…… Maar deze lelijke dingen in dit prachtige gebied vind ik echt een misdaad tegen de natuur. Ik rijd er snel voorbij.

Ik steek de Rio Tinto over. De rivier kleurt zo groen als gras. Oplichters. Je wordt ook overal belazerd tegenwoordig. Een automobilist toetert naast mij. Als ik opzij kijk, dan steekt de bestuurder zijn duim omhoog en grijnst breeduit. Best leuk zoiets. Vrienden onderweg die geen vrienden zijn. Een soort Facebook van weggebruikers.

Er is niet zoveel horeca in het dorp waar ik met mijn kasteel binnen dender. Er is één plein. En dát is het. In een diarreecafé bestel ik een broodje gebakken ei. De eigenaar doet mij een beetje aan Boy Bensdorp denken. Uit de tijd van De Lachende Scheerkwast. Zelfs het snorretje klopt. Dus lijkt het mij veiliger als de man mijn voedsel verhit. Maar ja, er is hier verder even weinig keus. Joh, als avonturier moet ik natuurlijk straks ook een paar ziektes opgelopen hebben.

Een klein meisje kijkt verkikkerd naar mij en mijn kanariegele regenjas. Ze ziet in mij vast een avontuurlijke opa. We maken foto’s van elkaar en ze zwaait als ik weer vertrek.

Bij Ayamonte steek ik de rivier Guadiana over en verlaat Spanje. De rivier Guadiana is één van de grootste rivieren van dit gebied. Ze is maarliefst 750 km lang en vormt een deel van de grens tussen Spanje en Portugal.

Ik rijd Portugal binnen. Een mooi moment voor mij.

Maar onmiddellijk worden de wegen nóg slechter. Dat is nou weer jammer. Ik ontwijk talloze gaten en kuilen. En diep! Bij ééntje kan ik mij nog nét aan de rand vasthouden… Ik zit veel te veel op het asfalt te letten. Dat is echt geen rijden zo. De kuilen zijn natuurlijk niet erg comfortabel, maar daar komt over het algemeen weinig gevaar vandaan. Ik besluit de vering op comfort te zetten en de kuilen verder te negeren. Ik ga er dwars doorheen. Maar ik word er wel moe van.

In een bushokje doe ik een hazenslaapje. Slechts twee minuten. Ik droom over heerlijke…. Tja, dat zou je graag willen weten, hé!

Een kleine 300 km gestuurd. Aan de rand van Albufeira vind ik een prima plekkie voor 35 euro per nacht. Motor straks in het piepkleine tuintje, maar mét een tuinset en mét een eigen palmboom. Vanzelf.

Ik heb hier een uur tijdverschil. Jéétje, wat ben ik ver van huis. Zo’n beetje het verste punt: 2400 km!

Ik ga straks eerst maar eens een echte Portugese port drinken! Maakt mij niet uit hoe duur hij is. Ik heb ‘m verdiend. Ik denk wel dat ik een paraplu meeneem. Of ik die bij mij heb? Zeg, eh, …is de Paus …..?

Itchy Boots: The Blyde River Canyon

“Good morning South Africa”

Vandaag maakt Noraly een locale trip en laat ze ons wat prachtige plekjes zien uit de regio: The Blyde River Canyon. Dit is de 8e aflevering uit haar serie. We plaatsen niet alle filmpjes maar als het trips op haar motorfiets zijn, dan nemen we ze hier mee op site.

Mooie beelden. Genieten.

Coos op Reis: Middelburg en Portugal

De wereld is nu ruim een jaar in de ban van Corona. En terwijl er door motorrijders momenteel nauwelijks tot niet gereisd kan worden, genieten wij van de verhalen van Coos van der Spek in onze serie “Coos op Reis”.  We krijgen al vragen van lezers zo van:  “Hee, waar blijft het volgende verhaal van Coos?” Welnu, hier is nummer 19 dus.

Middelburg en Portugal

Het is 16 maart en prachtig weer. Half bewolkt. Prima voor een ingekorte afritsbroek, zonnebril, factor 50 en een BMW-truitje in de aanslag.

Vroeg in de middag wandel ik voor mijn lunch zo’n 10 km door het bos naar het dorp Hinojos. Het is een mooie en rustige omgeving en onderweg geniet ik van het groen en alle bloemen.

In het restaurant organiseer ik een pannetje garnalen. De dame plaatst ze borrelend en sissend in de olie op tafel. De geuren van knoflook en rode pepers vullen de lucht. Een paar stukken vers stokbrood maken de maaltijd compleet.

Een meneer tikt mij op mijn schouder en zegt dat, als ik uitgegeten ben, hij even met mij wil praten… Ik schrik er eigenlijk een beetje van, maar ben wel erg benieuwd.

Wat blijkt? De man is de baas van de supermark. Hij had mij gisteravond, toen ik daar mijn diner bij elkaar aan het sprokkelen was, ook al opgemerkt. En zonet heeft hij de logo’s op mijn kleding herkend. Hij komt op zijn gemak aan mijn tafel zitten. De man graait in zijn zak en toont mij vol trots foto’s van zijn BMW 1200 GS, alle drie zijn koffers en een enorme lawaaipijp. Hij is razend enthousiast en vertelt allemaal verhalen van zijn reizen, mooie gebieden in Spanje en interessante steden. En aan langslopende dorpsgenoten vertelt hij dat ik uit Hollanda kom. Erg leuk en gezellig. We hebben wel twee uur zitten praten.

Terug door het bos denk ik er glimlachend nog eens over na. Er schiet mij plotseling een dergelijke gebeurtenis uit het verleden te binnen. En die wil ik noges delen….

MIDDDELBURG

Enfin, wandelen we in Middelburg terug naar de auto. De wind giert door de straat in ons gezicht. Het is mei, maar koúd, jonguh…!

We stappen een willekeurig café binnen voor een warme versnapering. De eigenaar staat achter de bar. Hij ziet er gevaarlijk uit. Levensgrote tatoeages trekken mijn aandacht: afbeeldingen op zijn armen, teksten op zijn handen, op zijn vingers, in zijn hals en in zijn nek. De meest raadselachtige en bizarre geschriften geven aan hoe zijn ruige leven is verlopen. Hel en verdoemenis over zijn hele lijf. Een deel van zijn café bestaat uit oud meubilair van een gereformeerde kerk. Da’s vast nu van de duivel, bedenk ik mij.

Bij het afrekenen vraagt hij aan mij of ik straks nog even een minuutje heb…

Nondeju, ik gaf hem maar een euro fooi. Op een bedrag van 7 euro. Dat is onder de norm van 15%, flitst er door mij heen. Man, dat wordt hier echt knokken met die goser.

Heb ik, met mijn 1.95 meter, vanmorgen voor Jan Lul mijn hoofd kaal geschoren, heb ik voor niks vanmiddag mijn gevaarlijke zonnebril in het formaat van een Mengele brilletje opgezet en is hij niet bang van mijn onzichtbare bodywarmer, die mij zo breed doet lijken als de bodyguard van Willem Alexander?

Janny weet van niks, kijkt argeloos om zich heen en ik zoek in gedachten de kortste weg naar de uitgang.

Komt die kroegbaas met een plattegrond van Middelburg gemoedelijk aan ons tafeltje zitten!

Kijk jochie, ik zal jou es ff de mooie plekkies van Middelburg laten zien. Want jij bent een toerist en ik ben een echte Middelburger en ik vind dat ik wat voor mijn stadje moet doen. En hij toont ons op de kaart waar we die dag nog allemaal heen moeten, waar hij geboren is, wat het oudste gedeelte is en waar de film van Michiel de Ruyter is opgenomen en hoever je moet bukken als je een toertje met de rondvaartboot doet. Het is leúk en leerzaam!

En … hij weet o.a. precies te vertellen wáár de kazerne heeft gestaan waar ik in Middelburg in 1972 in militaire dienst zat. Natuurlijk zijn we daar even gaan kijken. Er is nu alleen nog maar een grasveldje over…

Toffe gast, die kroegbaas met al zijn tattoos. We gaan noges langs, hoor. Heeft hij verdiend!

Morgen reis ik verder. Naar Portugal. Ben benieuwd waar ik terecht kom. Het weer is niet zo best. Maar dat kan ik toch niet veranderen.

In de Catch of the Day uiteraard veel natuur.
Ik ontsnap wéér aan een hevige bui. Hij scheert precies langs.

Coos op Reis: DARWIN

Het is bewolkt. Maar het regent niet. En dat was wél voorspeld. Geluk? Ach, dat dwing je af. Maar helaas geen strakblauwe luchten vandaag.

Ik smeer mijn hoofd met factor 50 in en trek mijn verleidelijke afritsbroek, het sexy losse goretex-jasje van mijn Stadler-motorjas en mijn betoverende goretex-wandelschoenen aan. Uh…ik zie er niet zo heel erg charmant uit. Maar ik kan vandaag wél dik 10 graden temperatuurverschil overbruggen. Dat blijkt vaak nodig. Ik vertrek ’s morgens meestal met een warm zonnetje en ben dikwijls ’s avonds laat pas terug bij mijn overnachtingsplek.

Vandaag ga ik met de bus naar Nerja. Das een plaatsje aan de kust, wat kilometers verderop.

Toeristisch weliswaar, maar het heeft ook een historisch centrum uit 1487. Ik ben benieuwd.

Ik praat nog even bij de receptie van de camping over de bustijden en maak aanstalten om in het restaurant te gaan ontbijten. Komt er een stevig gebouwde kerel met een levensgroot stokbrood op mij af en vraagt of ik Coos van der Spek ben. Ik rol bijna om. Whoehaa! Hij vertelt dat hij Piet heet. Hij heeft via zijn nicht, en das mijn buurvrouw Astrid van der Pijl, op Facebook gelezen dat ik met de motor op zijn overwintercamping ben aangekomen. Piet komt mij even gedag zeggen. Hoe klein is de wereld als je gebruikmaakt van social media. Wat leuk!


Ik wandel wat kilometers naar de bushalte. De bus is te vol om alle toeristen mee naar Nerja te nemen. De buschauffeur is nog niet echt toegekomen aan de klantvriendelijkheidstraining van het vervoersbedrijf en blaft iedereen af. Wat een lelijke bullebak, wat een stuk chagrijn. Allemaal onzekerheid van zo’n schriel mannetje, denk ik. Net als die kleine keffertjes altijd. Nou, de volgende bus komt over een half uur, hoor. Ik heb de tijd.

Mijn iPhone, GoogleMaps met de offline-kaarten en mijn extra accu zijn mijn beste vrienden tijdens deze trip. Ik kan er alles mee. Ze brengen mij moeiteloos naar het Balcon de Europe. Voor mijn motorclub: ze vergissen zich. Het moet zijn: El Bacon door Europa. Maar dát wisten ze in 1885 natuurlijk nog niet..

GoogleMaps brengt mij ook naar Barco de Chanquete van de beroemde serie Verano Azul uit de beginjaren tachtig van director Antonio Mercero.

De blauwe boot (zie foto) speelde er een belangrijke rol in en de serie heeft een wezenlijke rol gespeeld in de toeristische ontwikkeling van Nerja.

Jullie hebben er vast wel van gehoord. Nee? Nou, ik ook niet, hoor.

Een mondain stel vraagt of ik een foto van hen wil nemen.

Hij heeft een bijrol gespeeld in de serie en heeft er goede herinneringen aan, vertelt hij megatrots.  Ik knik begripvol.

In de kerk steekt iemand een elektrisch kaarsje aan. Dat vind ik nou echt het absolute toppunt van nep, hebberigheid en een toonbeeld van diefstal in de naam van het geloof en de here jezus. De meeste bezittingen van de kerk zijn gewoon in het verleden gepikt of door onderdrukking verkregen, maar zo’n elektrisch kaarsje! Daarvan kan je het verleden niet de schuld geven.

Dat rotding brandt in het nú. Wát een stuk kitsch. In géén honderd jaar… Maar ieder zijn ding. Ik zie dat de oprecht gelovigen gewoon hun euro’s in het kermisding duwen. Ik ga op zoek naar een echt kaarsje voor mijn overleden vrienden en familieleden, nondeju!

Bij het Balcon de Europe speelt een jonge violiste geweldige klassieke nummers. Het geluid draagt prachtig over het plein. Het is supermooi en het ontroert mij.


In het verkeersdrukke Nerja dendert een 1200 GSA voorbij. Ik herken de diepe brom onmiddellijk. Hij is op dezelfde manier bepakt als mijn motor. Alleen heeft deze óók nog een echte, levende duo achterop in plaats van die grote plastic zak van mij. Het kan altijd gekker..

Ik bezoek een kapel uit het jaar 1700 met fraaie schilderingen in de stijl van Granada. Wat zou het handig zijn als ik hier even plassen kon. Maar ja, in zo’n kapel zijn ze ook meer met het verleden bezig dan met het heden.

‘s Avonds zit ik in het restaurant aan zee zomaar uren te praten met iemand uit IJsselstein. We drinken samen een wijntje. Hij is een gepensioneerde bankman, is 75 jaar en hier alleen op vakantie. Het is erg gezellig. Ik herkende hem trouwens als Nederlander omdat hij in steenkool Engels om mayonaise vroeg…

Mooie dag, ondanks de bewolking!

DARWIN

Onderweg naar de bushalte zegt een poes mij gedag. Het verkeer raast op topsnelheid over de tweebaansweg langs. Iedereen die hier oversteekt, of daar maar even aan denkt, is op slag dood. Maar poes is slim en blijft aan háár kantje op háár stoepie…

Das nou eens een mooi en praktisch voorbeeld van de evolutietheorie van Darwin, mijmer ik. Poezen die oversteken worden doodgereden. En zo blijven de slimme poezen, die aan hun eigen kantje blijven, in leven én planten zich voort. En ontstaan er poezen die niet oversteken. Zoiets dus….