Alle berichten van Redactie

Redactie Ikzoekeenmotor.nl.

Coos op Reis: PERSPECTIEF

Coos van der Spek vervolgt zijn motorreis. Drie maanden door Zuid-Europa, we lezen zijn 14e verhaal vanuit Spanje.

De wekker loopt om 07:00 uur af. Het is koud in het huis. Ik heb niet zo goed geslapen. Geen idee.

Ik plaatste gisteravond mijn reisverslag heel laat op de avond en noteer ‘s morgens vroeg al méér dan 35 reacties.

Mijn Facebookvrienden hebben ook niet zo goed geslapen, denk ik.

Ik ruim de laatste spullen op en laad alles in en op de motor. Das best even een werkje. Ik zie haar onder het gewicht diep in haar vering zakken.


Maar dáár heeft zo’n BMW R1200 GS Adventure een mooie oplossing voor: ESA. Dat staat voor Electronic Suspension Adjustment. Ik pas vóór vertrek met één druk op de knop aan het stuur mijn vering elektronisch aan. Ik voel de GSA zichzelf oppompen. Zij staat weer recht. Verder kan de vering van de GSA o.a. in de ‘harde’ stand staan. Dat gaat ten koste van het comfort, maar het geeft ook wel meer stabiliteit in de bochten. En dat is nodig met deze bepakking.

Overigens kan ik óók de dynamiek van het motorvermogen op het stuur aanpassen. Voor elk rij-karakter is een modus. Als het regent, als ik gewoon wil toeren of als alles lekker dynamisch en fel moet zijn. Prachtige techniek en allemaal bereikbaar onder wat knopjes.

Om 09:30 uur heb ik het ontbijt achter de kiezen, de sleutels bij het buro ingeleverd en dender ik het dorp uit. Het is prachtig weer en er staat een stevige bries. Ik gooi de machine een paar keer links en rechts om weer even aan het gewicht te wennen.

In Mazarrón vul ik de werkelijk enorme brandstoftank van de GSA voor een prikkie met benzine. Lekker dik dertig liter aan extra gewicht voorin hangen. Is goed voor de balans. Ooit was ik met een reisgenoot ten zuiden van de Pyreneeën. Mijn maat vroeg of ik moest tanken. Welnee, antwoordde ik, dat heb ik vorige week toch nog in Utrecht gedaan… De motorwereld kenmerkt zich door sterke verhalen.

Omdat de route veelal door de bergen voert, verwacht ik onderweg weinig horeca. Als ik plots door een stadje rijd waar de supermarkt wél op zondag open is, sla ik mijn slag. Bij twee bakken lekkers staat geen tekst, dus die kies ik allebei meteen. Met handen en voeten ritsel ik een plastieke vork en bezweer de blozende Spaanse señorita dat ik mijn héle leven van haar zal blijven houden.

De weg slingert omhoog en de wind is ondertussen tot stormkracht aangetrokken. Bij Puerto Lumbreras werp ik vanuit de verte even snel een blik op Castillo de Nogalte. Ik kijk vlug weer voor mij. Ik moet echt mijn aandacht op de weg houden.

Inmiddels waarschuwen borden boven de weg voor extreme wind en windstoten. De storm buldert om mijn Beierse kasteel en fluit en giert door alle schietgaten.

Niet normaal. Ik zie lege containers omvallen, reclameborden aan barrels gaan, afgewaaide palmboombladeren op de weg liggen en grote stukken losgelaten landbouwplastic door de lucht vliegen. Ronde, verdorde struiken bolderen sinister als verlaten geesten over de weg. Tumbleweeds uit horrorfilms!

Maar het is wél gewoon strakblauw en 18 graden in de bergen.

Ik heb weinig plezier op de motor. Het is gevaarlijk. Door de wind bonkt en schudt en steigert de zwaarbeladen BMW enorm. Als ik een bocht neem, en daardoor van rijrichting verander, ligt de wind op de loer om de motor en mij te grazen te nemen en ons een greppel in te flikkeren. Ik schroef het tempo terug. Het is te tricky. Jôh, ik ben gewoon een ouwe kale Sissie. Ik geef het toe. Maar ik kom vanavond wél veilig aan. Dat dan weer wel.

Ik rij onderweg door de beroemde Tabernaswoestijn. Het is de enige woestijn in West-Europa. De zon schijnt er 3000 uur per jaar. In de jaren zestig zijn hier veel westerns door regisseurs zoals Sergio Leone opgenomen. Eén daarvan is de bekende film The Good, The Bad and The Ugly.

De woestijn is nu een beschermd natuurgebied van zo’n circa 300 vierkante kilometers. Het ziet er daar vreselijk stoer uit. Kicken, man! Maar nu snel weer voor mij kijken en op de weg letten.

Waarschijnlijk hou ik door de bulderende wind het stuur te stevig vast. Ik krijg extreme kramp in beide handen. Mijn vingers staan gespreid en ik kan soms mijn duimen niet meer opponeren. Ik moet er voor afstappen en pauzeren. Ik doe ontspanningsoefeningen, eet een banaan, drink voldoende water, plas, heb op grotere hoogte de handvatverwarming aan en probeer het stuur meer losjes vast te houden. Het helpt wel, maar eigenlijk komt het de hele dag elke keer terug.

Ik zal mijn hulptroepen van thuis eens aanroepen, bedenk ik mij. Dus ik vraag via Facebook dokter Hans Den Ouden, onechte nicht en coureur Nikki van der Spek, instructeurs Stephan Moerkerken en Bert Duursma en ervaren motoragent Dennis. Hoe voorkom ik het? En wat doe ik verkeerd? Dan zie ik de kracht van social media. Ik krijg mijn antwoorden. En natuurlijk houd ik het stuur te stevig vast en moet ik meer ontspannen. En moet ik voldoende eten en drinken. En moet die klerewind een keer ophouden, mopper ik in mijzelf…

Na 300 km vind ik rond half zes een hutje op een strandcamping bij Almería.

De camping telt 700 plaatsen en was in december vol, aldus een Engels echtpaar. Als je meer dan 100 dagen blijft, dan krijg je 60% korting. Maar ik blijf zoveel dagen niet, dus ik betaal € 53,- per nacht. En aan mijn zo slim aangeschafte speciale ACSI-kortingskaart heb ik geen reet. Die geldt alleen voor een tentje.

Owja, en ik moet minstens twee nachten blijven. Maar het hutje is veel groter dan mijn tent, ik kan morgenochtend poepen op mijn eigen doossie en daarna onder mijn eigen douche stappen. In die volgorde trouwens. En al mijn spullen staan hier achter slot en  grendel en mijn motor in mijn eigen tuin, op mijn eigen oprit. Voor € 53,- per nacht terug naar de jaren zestig, terug naar The Good, The Bad and The Ugly. Wat een goudmijn hebben ze hier aangeboord. Kleredieven. Jôh, wat kan mij het schelen…

PERSPECTIEF

Ok, ik zal eerlijk zijn. Ik zie mijzelf best wel een beetje als de grote flinke ik-durf-alles-reiziger. Stoere motor, voor een wereldreis beladen, slaapzakken en tentje en kookspullen mee, grote stoffige laarzen aan, intermediate handschoenen, navigatie en natuurlijk als een wijze uit het oosten een landkaart van Spanje en Portugal zichtbaar onder het ruitje van de tanktas. Heb je het beeld een beetje? Dat beeld ff vasthouden dan…

Ik heb benzine getankt. Ik sta nog een beetje te dralen, slokje water te drinken, mijn bepakking te controleren en zo. Komt de dame achter haar kassa vandaan om te vragen of ik soms ‘assistentie nodig heb bij het tanken’….

Jemig, ben ik toch plotseling weer zo’n hulpbehoevende ouwe bejaarde in Spanje…. Whoeii! Teringjantje….

Coos op Reis: ZIJN ZE ÉCHT OP DE MAAN GEWEEST?

Werkelijk schítterend weer vandaag. Geen wólkje. Mijn telefoon voorspelt 21 graden. Whoeiii! Sorry voor mijn enthousiasme… Morgen zeker wél, maar vandaag geen heel erg spannende dag. Een beetje een opvuldagje, de opmaat tot Departure Day…  Dus ik moet bij het ontbijt even een dagbesteding verzinnen. Haha, wat een seniorenwoord, hé!

Omdat ik morgen met de motorfiets hier weer vertrek, organiseer en verzamel ik nu vast alle losse zooi en stop dat in zakjes, tassen en koffers. Dat doet normaal Janny. Maar die is hier niet. Ik ben het niet gewend en loop er dan ook al dagen in mijn hoofd over te miepen. Het is werkelijk in tien minuten gebeurd. Stelt niks voor.

De wintervoeringen zitten trouwens nu in een vacuüm getrokken zak. Tip van Coos! Die koop je voor een paar centen bij de Marskramer. Dat scheelt ruimte, jôh. Ik gebruik ze al jaren. En alles dat morgen niet meer past, flikker ik gewoon weg, besluit ik. Zo, DAS opgelost, zeiden we bij de DAS in Amsterdam.

Ik kledder factor 50 op mijn kaalgeschoren hoofd en deze keer smeer ik ook maar gelijk mijn knieholtes in. Pfff… En dan fluitend op pad natuurlijk. Naar het ontbijt natuurlijk. In de zon natuurlijk. Stralend weer natuurlijk.

Het verbaast mij dat dingen zo snel vertrouwd raken. Natuurlijk het weer, maar ook elke dag monter door dezelfde straten stappen, naar dezelfde palmbomen kijken, dezelfde oude Spaanse mijnheer gedag zeggen die elke dag op hetzelfde stoepie zit, naar hetzelfde winkelcentrum, op hetzelfde plein, op hetzelfde terras etc. Terwijl ik tóch zo’n enorme bloedhekel heb ‘aan elke keer hetzelfde’. Das niks voor mij. Maar die constantheid geeft ook rust. Dat is de andere kant.

Ik ben trouwens ook héél slecht in herhalingen. Zet mij aan de lopende band bij Volkswagen en ik laat heel VAG failliet gaan. Na het vierde moertje aan het nippeltje denk ik al lang ergens anders aan en draait de boel in de puin. En bij het vijfde moertje ga ik lopen klieren. Dat deed ik als kind al.

Maar jôh, eerlijk waar, dat ontbijtje én dat kekke pleintje én dat nikszeggende terrasje, waar die bloedmooie, lieve mevrouw met die donkere fonkelende ogen ondertussen precies weet wat ik elke dag bij haar nuttig, voelt voor die paar dagen wel heel lekker aan.

Tijdens het ontbijt ontdek ik een omgedraaid ANWB-setje. ANWB-setjes zijn paren die allebei dezelfde kleding dragen. Er is zelfs een speciale Facebook-pagina van. Zoek maar eens op. De dame van dit setje draagt een broek met een opvallende print en een zwarte polo en de heer een zwarte broek en de polo in dezelfde opvallende print. Ik moet er stiekem om lachen.

Na mijn ontbijt wandel ik naar het lokale fietsverhuurbedrijf om een fiets te huren. Dat lijkt mij leuk.

Toen ik voor mijn 65e verjaardag een nieuwe Koga Traveller kado kreeg, ruilde ik mijn 43 jaar (!) oude Batavus-fiets in. Die zag er nog prima uit. Toch was de restwaarde minimaal. Maar ja, wat moest ik er verder mee?

Maar voor de fietsen die deze Spaanse mijnheer verhuurt, haalt elke eerlijke Nederlandse fietsendief zijn neus op. Wat een ongelooflijke barrels. En voor mijn 1.95 meter allemaal in kindermaatjes natuurlijk…

TIEN euro (!) huur voor één dag vraagt de señor, met droge ogen, voor een dergelijk lijk. Jôh, zeg ik tegen hem, ik wil alleen maar een fiets húren hoor, ik wil je hele bedrijf niet kopen…

Overigens moet ik voor het roestige geval ook nog HONDERD euro borg betalen. Hij denkt écht dat er mensen zijn die zo’n stuk schroot willen houden. En hij wil de fiets persé vóór 17:00 uur terug hebben. Hij is trouwens niet eens stiekem over zijn prijzen. Ze hangen gewoon aan de muur…. Hij kan krijgen wat Piet Heijn heeft gekregen en díe is er aan dood gegaan. Oplichter!

Dus een ander plan. Ik wil vandaag niet met de bus. De bus is voor Sissies, wees eerlijk. Ik besluit om via het strand langs de vloedlijn naar Santiago de Compastella te gaan lopen. Dat ligt een stuk noordelijker. Zei ik net nou Compastella? Het is ondertussen warm geworden en er staat een stevige wind. Whoeii!

De gemeente hoogt het strand al vast op voor het nieuwe toeristenseizoen. Nog een poosje en dan kun je het zand niet meer zien van de zonaanbidders.

Best veel werk om elk jaar dat zand weer aan te voeren, mijmer ik. Nou, daar hebben ze hier echt een héél simpele oplossing voor: gewoon met de dragline de zee in en zand scheppen. Je verzint het niet.

Op het strand donderen de Spaanse gevechtsvliegtuigen weer over mij heen. Ik schrik mij de tandjes en duik bijna plat in het zand. Ze oefenen veel formatievliegen, maar duikelen ook als harlekijnen over en naast elkaar en uit elkaar. Eéntje oefent touch and go en stormt recht op mij af. Nou, met hem ga ik geen riddergevecht aan. Ik geef mij over.

Wat een helse machines.

Ze oefenen verticaal stijgen en komen in formatie op volle snelheid weer wervelend naar beneden. Ik sta wel een uur te kijken.

Heb ik een foto? Is de paus …?

Restaurant San Antonio nodigt via een reclamebord haar voorbijgangers uit om een driegangendiner boven de zee te komen nuttigen. Dat lijkt mij erg luxe, maar ik ga niet. Mij te duur.

En dan ook nog ‘drinks not included’. Pfff.

Tijdens een “expreszo” heb ik op een terrasje een gezellig gesprek met een Engels echtpaar. Ze komen oorspronkelijk uit Manchester. Ik vertel ze dat ik ooit Manchester bezocht, in Old Trafford was en twee keer de Curry Mile heb gedaan. Ze zijn gelijk enthousiast. Curry Mile? Koekel maar en ga er maar eens lekker eten. Het echtpaar heeft al tien jaar een appartement in Spanje, maar zijn nu op de terugreis naar Engeland. Hij werkt bij de gemeente. Zij overwegen om naar Spanje te emigreren. Ze wonen nu in Yorkshire. Het is te koud en te nat daar. Wat houdt jullie tegen, vraag ik hen. De Brexit, roepen ze in koor. De koers van de pond ten opzichte van de euro, de gezondheidszorg in Spanje is duurder en de onzekerheid hoe het allemaal verder gaat uitpakken. Ze denken er nog over na. Maar hij mag binnenkort met pensioen, zegt hij glimmend. Wat hebben sommige mensen toch mazzel….

In de verte vertrekt een grote groep veldwerkers met een bus. Ze hebben kroppen sla geplukt. De sla is gelijk in plastic verpakt en in kratten gestopt. De kratten staan klaar en worden direct door een vorkheftruck in de reeds gereedstaande vrachtauto gezet. Iedereen is in 10 minuten vertrokken. Uiterst efficiënt proces.

Als Catch of the Day laat ik je ook zomaar wat foto’s van mooie dingen zien, die ik vandaag tegenkwam.

Morgen reis ik verder naar het zuiden. Ik slinger alle bepakking er dan weer op. En zal de vering weer op het gewicht van mijn onderbroekies afstellen. Ik moet vast weer aan dat extra gewicht wennen. Vroemmm! Ik heb er zin in. Ik ben hier klaar. Mijn doel is bereikt. Ik ben geaard in Spanje. Ik ben zelfs inmiddels wat gewend aan de enorme koelereherrie die alle Spanjaarden met hun televisies, radio’s, getelefoneer en weet ik veel wat maken. Ze zijn gek.

Ik zette vandaag ruim 23 kilometer op de schoenenteller. En ondanks de factor 50 voel ik mijn bolletje gloeien als zo’n ouderwets lampje.

Inmiddels totaal vet 100 km hier gewandeld. Lekker, man. Ik ben met de snelheid van cocaïne op een junkie verslaafd geraakt aan het wandelen. Heerlijk. Maar nu wil ik mijn vrijheid. Mijn motor. Zij gromt als een ontembare vrouw als ik langs haar loop. Ik wil spanning, zij wil sensatie, zij wil kilometers maken, ik wil verrotte spieren en gewrichten, pijn in mijn reet, ik wil de enorme stuwende kracht van die vette tweecilinder voelen, ik wil aan haar quickshifter rukken, ik wil …. on the move! Ik reis morgen verder. De volgende stop is circa 300 km verder. Het doel is Almería. Vroemmmm!!!

Ik heb voor mijn reis verder geen overnachtingen meer geregeld. Ik ga ‘op geluk’. Ik zie wel. Het moet immers een avontuur blijven.

Owja. Over foto’s gesproken…. Nog één afsluiter. Mijn vriend Jos reageert zojuist op één van mijn eerdere foto’s van een fraaie boom in Murcia. Hij laat weten een poosje terug precies dezelfde foto van dezelfde boom te hebben gemaakt. Dat kan best, want de moeder van Jos woont in Murcia. Haalde jij die foto ook van internet, vraag ik hem lollig. Jôh, vervolg ik, ik haal álle foto’s van internet! Ik ben trouwens ook gewoon thuis in Linschoten en verzin al die verhalen moeiteloos in de woonkamer. Janny heeft geen Facebook en weet niet eens dat ik elke dag een reisverslag maak.

Mwah, wees eens eerlijk, denk jij dan dat ze écht op de maan zijn geweest?

Coos op Reis: MURCIA

Ik word wakker met getik in mijn oren. Wat hóór ik toch? Het zijn grote dikke druppels water. Ze vallen op het zeiltje dat de BBQ droog houdt. Het regent!  Gekkenwerk. This is Spain, man! (Coos van der Spek vervolgt zijn verhalen, hier nummer 12 in de serie Coos op reis.)

Maar…..tegen de tijd dat ik al mijn standaard-thuis-dingetjes-in-volgorde heb gedaan en naar buiten stap, is het droog. Het is windstil en achter de wolken zie ik een waterig zonnetje.

Het leven is echt een stuk mooier als je, na je ontbijt en terwijl je blikken over zee dwalen, via de promenade naar je bushalte wandelt. Dat is absoluut níet te vergelijken met ’s morgensvroeg met z’n allen via  de A2 naar Amsterdam sukkelen. Om maar eens een naar voorbeeld te noemen. Jeetje, als ik iets niet mis, dan is het dat wel.

Herinner je je de fraaie muurtekening van eergisteren nog? Kijk, hij is hier noges. De regen van vanmorgen zorgt voor grote plassen op de weg. De Spanjaarden rijden er als gekken doorheen. Zit ik wel veilig in mijn bushokje, op weg naar Murcia?, vraag ik mij af.

De bus naar Murcia is van een andere busmaatschappij dan die van de keren ervoor. Deze rijdt wel op tijd. Maar, in tegenstelling tot de bus van eergisteren, heeft deze géén 220-volt stopcontacten, geen Windows-besturingssysteem voorin en beeldschermen in de hoofdsteunen waar je je eigen films via USB vanaf je smartphone kunt afspelen. Jullie dachten toch niet dat Spanje nog een bananenrepubliek was, hè?

De bus stopt bij een volgende halte.

Een gesluierde zwangere vrouw stapt met twee jonge kinderen in. Terwijl de vrouw haar geld opbergt, schakelt de buschauffeur in en trekt vast op… Lekker klantvriendelijk. De vrouw pakt zichzelf snel vast aan een paal en kan haar dochter nog net aan de punt van haar jasje grijpen, maar het jochie komt als een golfballetje door het gangpad aan stuiteren. Armen en benen alle kanten op. Ik schiet in de lach maar steek ook gelijk mijn arm uit en vang hem als Eddie PG op. Grote donkere ogen kijken mij stomverbaasd aan. Ik krijg een brede glimlach met veel witte tanden van zijn moeder. Wát een mooie dag.

Er is in deze omgeving veel landbouw. De landbouwwerktuigen hebben de wegen modderig gemaakt. Zelfs de buschauffeur schakelt terug voor de bochten en gaat er voorzichtig doorheen. Hij is vast niet bang dat zijn bus vies wordt, denk ik, het moet hier gewoon spekglad zijn.

De stad Murcia is rond 800 ontstaan. Er wonen een kleine half miljoen mensen.

Google Maps op mijn iPhone stuurt mij feilloos naar het centrum van de stad.

 

Daar geniet ik, op het grote plein voor de kathedraal, een poos van een abstracte, kunstzinnige expressie van een grote groep enthousiaste jonge mensen. Ik ontcijfer dat 8 maart de dag van de  internationale strijd voor de vrouwenrechten is. Dolle Mina’s heette dat in mijn tijd. Ik vind het allemaal prachtig en allemaal best, ze maken mij hier de pis niet lauw.

Trommels begeleiden de expressie en er is een enorme menigte op de been. Het is erg leuk om te zien wat ze uitbeelden en ik geniet volop.

Op zoek naar een lunchplek in de zon kom ik aan tafel met een stel van mijn leeftijd uit Limburg. Errug jonge goden dus. Zij zit in een elektrische rolstoel en ze zijn al vier weken met hun camper onderweg. Eind april terug in Nederland. Hoezo, beperkingen? Doen en gáán! We eten met z’n drietjes, wisselen kennis en ervaringen uit, het is erg gezellig en het is prachtig weer. Wat moet een mens nog meer?

GoogleMaps brengt mij naar de mooie plekken van Murcia. De stad moet een mengelmoes van Arabische, Joodse en Christelijke culturen zijn. Dat gaat samen met een rijk verleden. Maar dat ademt de stad voor mij niet echt uit. Ik zie natuurlijk wel pracht en praal in de kathedraal. Verrek,  dat rijmt. Het meeste is trouwens geroofd in het verleden.

En ik zie best mooie gebouwen.

Maar toch… Er is bijvoorbeeld slechts een beperkt voetgangersgebied. De auto’s, scooters, vrachtauto’s en bussen razen door de overige straten van de stad.

De stank van de stokoude diesels blijft lang hangen in de straten met hun hoge woongebouwen van zomaar 15 verdiepingen hoog.

Murcia? Mwah. Ik ben er geweest.
Ik hoef er niet persé noges heen.

 

Ik pak de bus van 18:00 uur terug. Na 70 minuten hobbelen ben ik weer waar ik de dag begon. Ik  loop langs zee terug. Er staat 17 kilometer op de schoenenteller. Best een relaxed dagje. Ik ga straks een plan voor morgen verzinnen.