Categorie archieven: Motorboeken en motorverhalen

36 Oranjesteden in 21 Dagen

Tom Boudewijns lanceert zijn nieuwe boek:  “36 Oranjesteden in 21 Dagen”.


Het is een interessant leesboek met 171 pagina’s, een must voor de motorrijder, automobilist en fietser, want je gaat met 21 toertochten 36 Oranjesteden in Nederland en Duitsland op je eigen manier beleven. 
Je bezoekt historische plaatsen, waarvan je waarschijnlijk het bestaan nooit geweten heeft. De tochten voeren je niet alleen over kleine verharde wegen door Nederland en Duitsland, maar ook door “36 Oranjesteden”.

Het boek bevat foto’s, tips, routekaartjes, hotels, campings, vermelding van bezienswaardigheden en GPS bestanden voor navigatie met Garmin, TomTom, iPhone enz. Deze bestanden zijn gratis te downloaden als GPX en GPX track.

Het boek is te koop in “Volledige Kleur” voor € 24,95 via:
ISBN 9789464430554.
//www.boekenbestellen.nl/boek/36-oranjesteden-in-21-dagen-nederland-en-duitsland-voor-motor-auto-en-fiets

In ”Zwart/Wit” voor € 14,95 via
//www.boekenbestellen.nl/boek/36-oranjesteden-in-21-dagen-nederland-en-duitsland-voor-motor-auto-en-fiets-zwartwit

Voor meer informatie kunt je kijken op deze website.

Ton sleutelt bouwt verder aan Royal Enfield

Ton Eppenhof ruilde een paar maanden geleden zijn prachtige oude BMW in op een splinternieuwe Royal Enfield Interceptor. Hij houdt deze motorfiets behoorlijk origineel, maar past hem graag aan naar zijn eigen wensen. Zo schreef onze motorcolumnist ons eerder al over het zoeken naar motortassen en topkoffer. Bagagerek en valbeugels kwam in eerdere artikelen aan bod. In dit verhaal schrijft hij ons over het aanpassen van zijn motorzadel en de vering.

Eind oktober had ik weer een paar kleine aanpassingen gedaan. Voor op de motorfiets heb ik een Philips X-Treme vision lamp gemonteerd en mijn achterlichtje achter vervangen. Het lampje achter was niet nodig maar misschien zit er zo’n lampje in wat kwalitatief ook niet bijzonder is. Maar die lamp aan de voorkant is een gigantische verbetering. Ze zijn niet goedkoop, maar het werkt wel.

Half november kwam mijn premium comfort zadel aan. Precies wat ik verwacht had. De montage was hooguit 10 minuten werk. Het heeft even moeten duren maar uiteindelijk zit het zadel erop. Het zadel past mooi bij de kleuren van de motorfiets en zit gewoon perfect. Als je versleten tussenwervelschijven hebt, dan moet je de druk op het staartbeen van je ruggengraat proberen te voorkomen. Daarom kocht ik dit zadel. Het schuim is gelukkig niet zo zacht; je zinkt er minder in weg. Het is tevens iets breder waardoor je meer steun krijgt. Het zadel is aan de voorkant bekleed met een anti slip materiaal en het is aan de achterkant tevens wat hoger waardoor je ook daar wat steun krijgt. Maar toch heb je nog iets aan schuifruimte voor als je wil verzitten. En tussen het schuim en het zadeldek zit tevens een 3d netting waardoor doorzitten niet zo gauw een probleem moet zijn.

De koppelingskabel is nog steeds niet binnen gekomen en ik heb besloten dat ik de gaskabels ook ga vervangen. Dan is alles perfect aangepast. De remleiding is goed en die ga ik ook niet verleggen. Vandaag ook nog eens contact gemaakt met Hagon in GB. Kijken of ze toevallig toch voorvorkveren leveren. Helaas kan Hagon geen voorvorkveren leveren en ondertussen heb ik dus mijn keus gemaakt. In de voorvork monteer ik de Hyperpro veren. In combinatie met een dikkere olie 15W moet dit een flinke verbetering geven.

De gaskabels bestelde ik bij bij Hitchcocks Motorcycles GB en die kwamen snel binnen. Met dank aan DHL. Met alle bijkomende kosten en verzendkosten waren ze erg duur maar de kabels hebben wel een nylon coating dus deze hoef ik niet meer te smeren met olie. Heel af en toe wat WD40 is schijnbaar alles wat nodig is. Zo zie je maar weer dat een stuur verhogen een stuk duurder kan uitvallen als je verwacht. Eigen schuld volgende keer niet vertrouwen op Youtube video’s. 

Ik ben echt zeer benieuwd, omdat ik alles zowat gelezen heb wat je kunt doen om de voorvork te verbeteren. Van een 6mm opvulring tot de YSS upgrades. Ik ga ervan uit dat ik tevreden zal zijn omdat ik al eerder deze veren gekocht heb. Voor de achterzijde gaan het uiteindelijk dan de Hagon 2810 worden. Afstelbare preload en demping maar dat komt er dit jaar dus echt niet meer van.

Een paar dagen later zijn de Hyperpro veren gemonteerd. Het demonteren van de vorkpoten ging redelijk goed. Eigenlijk maar één probleem. Bij één van de vorkpoten ging één inbusbout amper los. En hij moest toch echt een beetje los om de vorkpoten te demonteren.

De montage van de Hyperpro veren ging goed. En de olie heb ik ook meteen vervangen voor een 15W olie van Hyperpro. Daarna alles weer in elkaar gezet en de bout die zwaar draaide voorzichtig weer wat vaster gezet. Misschien moet ik die bout een keer laten controleren bij de dealer. Bij al de andere bouten was het een paar slagen los en daarna weer vast geen probleem. Het comfort is weer beter geworden en de motor rolt nu een stuk beter over de verkeersdrempels en putdeksels. Eigenlijk wel zo goed dat ik misschien wel niks doe aan de achtervering of het zou puur voor het uiterlijk zijn.

Qua comfort ben ik nu helemaal tevreden met de Royal Enfield Interceptor. Het benzineverbruik van 1 op 25 van de motor is ook iets waar je telkens blij van word. Van al de motoren die ik gehad heb tot nu toe is deze Royal Enfield Interceptor wel de leukste motorfiets. Zo gauw je de startknop indrukt, geniet je van het heerlijke motor geluid. Aangezien we nu voldoende RE dealers hebben verwacht ik dat er in de toekomst veel Royal Enfield rijders bijkomen.”

Ton zoekt verder naar accessoires

Vanaf september is Ton Eppenhof al bezig met het aanpassen van zijn nieuwe Royal Enfield aan zijn eigen wensen.

Vorige keer vertelde hij over het zoeken naar bagage rek en tassen, hier een vervolg:

Het begon met een bagarek van Renntec dat meerdere bevestigingspunten heeft waardoor ik iets meer bagage op het rek kan meenemen. Sommige rekken zitten met enkele boutjes vast maar dit rek zit ook vast aan de bovenste bevestiging van de schokbrekers.

Ondertussen toch een topkoffer gekocht . Een Shad SH37 is het geworden. En ja je hebt helemaal gelijk als je zegt dat die niet mooi staat op de motor. Hij is praktisch maar niet mooi maar als mijn kerstcadeau in gebruik is gaat de koffer minder vaak mee.

Het kerstcadeau zie je na kerstmis wel. Eigenlijk heb je niet veel aan grote topkoffers omdat het maximum gewicht wat daarin mag meestal toch maar 5 kg is. Dat heeft de maken met de bevestiging maar ook vaak met de positie van de topkoffer die toch vaak behoorlijk ver achter de achterkant van de motor uitsteekt. Stop je er teveel gewicht dan doet het de wegligging geen goed.

Mijn flyscreen zit erop en je zou het niet verwachten maar de winddruk op het lichaam is veel minder nu. Iets meer wind op mijn helm maar ik kan er mee leven. Mijn oordopjes doen voldoende om dit geluid van de wind te verminderen tot een acceptabel niveau.

De valbeugels zitten er ook op en ze passen perfect. Ze zijn van RVS dus dat is weer een pluspunt. Ik vind het wel een fijn gevoel als het blok een beetje bescherming heeft. Geen grote valbeugel omdat die bij een val zelfs het frame kan verbuigen. Bovendien zien ze er ook niet uit.

De stuurverhogers van Motone zitten erop en de zithouding is nu 100% naar wens. Ze zijn 2,5 cm hoger en ze hebben een setback van 2,5 cm. De koppelingskabel is nu eigenlijk 2,5 tot 3 cm te kort maar met een andere kabel van Venhill ga ik dit probleem oplossen. Ze leveren een betere kabel nagenoeg onderhoudsvrij en op de gewenste maat. Kost wat maar dan heb je ook wat. De kabel vandaag (20-10-2021) besteld maar het zal enkele weken duren voordat ik hem heb.

Nu is het wachten op mijn premium touring seat. En ik ben zo slecht in wachten.

En daarna moet ik me verdiepen in de voorvering. Iets meer voorspanning en misschien emulators. Of andere veren van Hyperpro of Ikon. De demping en vering voor hebben allebei iets nodig. De achtervering is na het verhogen van de voorspanning op de veren voorlopig acceptabel. Eigenlijk wel meer dan dat. Ik laat die nog een tijd zitten.

De volgende verbeteringen zullen de banden zijn maar ik ga deze eerst gewoon rijden tot ze aan vervanging toe zijn. En dan weer een paar Bridgestones erop. De BT46 is toch wel een fijne band. De Indiase Ceat banden zullen er dan afkomen eind 2022. Tenzij ze erg vlug verslijten.

Wordt vervolgd…. Groeten, Ton.

Het aarden Beest

Het aarden Beest: een avontuur tussen ratio en de verborgen wetmatigheden van schijnbaar toevallige gebeurtenissen.

Het aarden Beest (boek van Benno Graas) neemt je mee langs de exotische kusten van Mozambique, regenwouden van Uganda, maagdelijke woestijnen van Namibië en Sudan en duizelingwekkende hoogten van Ethiopië. Het boek voert je mee door een wildernis vol inheemse dieren en laat je kennismaken met intrigerende stammen allen met hun eigenaardige rituelen.

Al in het begin van hun reis komen Benno Graas en zijn vrouw Thecla er achter dat de kleine 350cc motor veel te licht is om de zware vracht van twee personen en een aanhanger door het zand, de modder en de bergen te trekken. Dit zorgt voor krankzinnige situaties. Door hun open geest en eenvoudige manier van reizen rollen ze van het ene toeval in het andere en weten zich iedere keer op een wonderbaarlijk creatieve wijze te redden.

Het wordt een avontuur vol kostelijke taferelen; van verbrande koppelingsplaten die vervangen worden door champagnekurken tot ongelukken in Malawi waarbij ze hulp krijgen van de monteur Useless. Ze ontmoeten meerdere malen een kudde olifanten die de reizigers vlak naast hun tentje hart-verknetteringen bezorgen. In Botswana worden ze op huiveringwekkende wijze belaagd door vijf leeuwen. Nog niet bekomen van de schrik rijden ze even later recht op een luipaard in. In Tanzania gaan ze op zoek naar ‘de berg van God’ en belanden in een pick-up vol meteoorstenen. De hoofdroute van Kenia loopt vast in een supermarkt. In het grensgebied van Somalië raken ze dagenlang gevangen in de onstuimige brij van Moeder Aarde en overwegen zwemmend verder te gaan. Ethiopië verwelkomt ze met een regen van stenen en één van hen loopt malaria op. In het hart van dit fascinerende land dalen ze af naar de miljoenen jaar oude onderaardse rotskerken van Lalibela waar ze betoverd raken door wierook en engelen in vlooiengedaanten. In Sudan gekomen zuigen de spirituele soefie’s ze mee in een draaikolk waar het verstand oplost en het ego geen bestaan meer heeft.

De geest van Afrika voert ze verder langs de magische Nijl en door de gouden woestijnen van Nubië. Hier worden ze geconfronteerd met de ontzagwekkende sereniteit van de stilte. In deze overrompelende leegte blikken ze terug op een film van toevalligheden en herinneren zich met een schok de uitspraken van een helderziende man aan het begin van hun reis… Alles lijkt uit te komen.

Het is na deze ontmoeting dat ze achtervolgd worden door een mysterieus klein vogeltje dat de verdere reis iedere dag op de meest onmogelijke plekken opduikt. Maar de reis gaat dóór langs de heilige tempels van Egypte waar ze worden “aangevallen” door een melkkarton. Libanon vluchten ze uit na een bomaanslag op de president en Turkije overvalt ze met sneeuw. De laatste kampeernachten in de verlaten bossen van het Oostblok gaan vergezeld van wolvengehuil.

Na vele grappige en ontroerende momenten weten ze uiteindelijk thuis te komen. Hier komen ze tot het besef dat er zich een inwendige reis heeft voltrokken over een afstand die verder ging dan Afrika.

De lach van Afrika met zijn ondraaglijke schoonheid heeft hun bewustzijn geopend naar een andere kijk op de werkelijkheid. Een werkelijkheid waarin tijd en afstand oplossen, gedachten gebeurtenissen beïnvloeden of aantrekken waar hun denken op dát moment het meest door bezeten is. Het avonturenboek is dan ook mede een gevecht tussen ratio en ervaring…

Een reis van het hoofd naar het hart.

Wil je dit boek van Benno Graas bestellen? Klik dan hier.

Dolf Peeters op de Zero (motorrijden zonder franje)

Toen ik (Dolf Peeters) zestien was kocht ik een Norton 99 Dominator. Voor 75 gulden.. Later en legaler bleef ik op goedkope motoren rijden. Eerst uit armoe. Daarna uit een soort vertedering. Daarna uit overtuiging. Omdat ze me snel genoeg waren. Omdat ik ze zelf kon onderhouden (en repareren). En dat die oudste en goedkoopste motorfietsen die ik had nu heel dure klassiekers zijn? Dat is toch grappig?

Mijn interesse, of noem het hebzucht, naar merken of types stopt aan het begin van de jaren negentig. Vanaf toen werden motoren naar mijn smaak lelijke Tupperware vermogenspakhuizen met een overdaad aan elektronica. Meer dan 120 pk en topsnelheden boven de 250 km/u? Dat is voor mij net zoiets als het hebben van een jongeheer van 49 centimeter: Heel indrukwekkend in de sauna. Maar wat kun je er nog mee? Dat lelijke gaat trouwens ver sinds Star Trek en Manga series blijkbaar ‘leading edge’ zijn bij motorfiets designers. Aan de esthetische kant zijn de huidige motorblokken zelf ook het best bediend door ze achter plestik te verstoppen.
En dat steeds groeiende leger aan elektronische regelneefjes dat de motor nog net toestaat dat er iemand met zijn fikken aan het stuur zit? Dat is de wildgroei die je krijgt als je techneuten en marketeers in één hok hebt laten slapen. ABS is slim. Maar voor de rest vertrouw ik op de software tussen mijn oren, in mijn rechter pols en mijn kont.
Mijn daily driver was tot voor kort een Moto Guzzi Cali 3 uit 1991. Die machine belichaamde alles wat ik van een motorfiets vraag. Maar na nog geen drie ton was hij zo moe dat hij op pensioen mocht. Hij is vervangen door een nette 1984’er.

In de tussentijd rijdt ik ‘voor werk’ af en toe nog op moderne motoren. Die machines maken de oude werktuigbouwkundige in mij erg blij. Maar emotioneel doen ze me niets. Ik blijf dus gewoon op ouwe zooi rijden. Maar soms heb ik medelijden met die gedateerde, brave verbrandingsmotoren. Zoals op het moment dat ik na wat korte winterritten een druipende klont mayonaise aan mijn oliepeilstol zie. Mayonaise hoort op frieten. Niet in motorblokken.

En dan wordt je uitgenodigd om op een elektrische motorfiets te rijden. De elektrische motorwereld is uit de puppiefase en hangt nu ergens tussen pubertijd en adolescentie. De mensen die er vakmatig mee bezig zijn, zijn nog onbevangen. Die insteek zal er ook toe geleid hebben mij als fossiel uit te nodigen voor wat een stille omgang over het mooiste klaagdijkentraject.

In E-motorland zijn Zero (USA) en Energica (It) blijkbaar de pioniers. Het zijn jonge bedrijven, geen motofabrikanten die een loodzware historie achter zich aan trekken. De gevestigde grote motormakers stellen zich nog wat terughoudend op. De nieuwelingen hebben niets te verliezen en hopen alles te winnen. De Zero’s en Energica’s zien er gewoon uit als moderne motorfietsen. Ze hebben ook een hele pluk elektronische hulpjes. Maar met de rijmodus op ‘street’ ben je gewoon net zo bediend als op een BMW R75/5. Maar daarna gaan de zaken anders. Je zet de sleutel op contact en je geeft ‘gas’. Dan rijd je. Naar gelang je meer ‘gas’ geeft ga je sneller. Helemaal traploos versnellend. En met een maximum koppel dat vanaf de eerste meter domweg ongelofelijk is. In mijn MTS tijd zaten we midden in de overstap naar de Nieuwe Eenheden. We moesten leren dat 1 kW gelijk stond aan 1, 36 pk. De 82 kW van de Zero SR/S is dus bijna 112 pk. Het – feitelijk constant aanwezige – max koppel is een massieve 190 Nm.

Het rijden op de Zero is motorrijden zonder franje aan het kleed. Alle emo-opties zoals geluid en trillingen zijn afwezig. Elektriciteit brengt motorrijden terug naar zijn naakte essentie. Dat is anders. Dat is wennen. Maar dat wennen gaat snel. Tijdens de rit greep ik maar één keer naar het afwezige koppelingshendel.
Qua actieradius blijft de zaak nog wat achter voor de lange rittenrijders. Je BMW GS met Touratech tank aftanken gaat sneller dan het stekkeren van je E-Motor. Veel sneller. Maar voor regionaal gebruik zijn er geen problemen.

Maar wat mij overhaalde om zo’n elektriekeling als volgende daily driver te kiezen is dat je zo’n fiets niet mishandelen kunt door hem niet op temperatuur te krijgen. Op een elektrische motoriets (met 5 jaar en onbeperkte kilometer garantie) heb je nooit meer mayonaise aan je dipstick.

En of mijn toekomstige boodschappenfiets straks net zo’n klassieker wordt als de Norton die ik voor 75 gulden kocht? Daar praten we over 35 jaar eens rustig over verder.

Dit artikel is geschreven door Dolf Peeters. Als je hier op zijn naam klikt dan vind je nog meer artikelen van hem op Ikzoekeenmotor.nl

Hou je van heerlijke (echte papieren) boeken over onze passie voor motoren? Je bestelt zijn boek via deze link.