Tag archieven: motorreizen door Europa

Coos op Reis, elke dag nasi is ook niet lekker

COOS SCHRIJFT ONS VANUIT DE BALKAN – TRIËST

Met al die duizenden lezers hier op de website en sociale media, is elke dag de druk om te presteren gigantisch hoog. Mijn serie CoosOpReis wordt super gelezen, dus ik blijf gas geven uiteraard. Hapklare teksten en kekke foto’s. Daar gaat het om. En precies op tijd.

Net als de krant. Die moet ruim vóór zevenen ‘s morgens op de mat liggen. En de stukken moeten vermakelijk zijn. En informatief. En verrassend. En blijven boeien. En niet te kort. En niet te lang. Oei, dat laatste is wat lastig voor mij. Pffff…

Maar … exact vanmorgen om 06:00 uur bedenkt het brein in mijn geschoren hoofd bovenstaande regels als eerste voor vandaag. Want precies op dat tijdstip laat de matineuze (ok, ik zal het nu niet meer doen…) pater zijn klokken in de kerktoren beieren. Hard! Niet normaal. Aan het werk, aan het werk, schreeuwen die klokken. Ik zit gelijk rechtop in mijn bed. Idiote blote poten paters, dat zijn het.

Om 08:00 uur is het zwaarbewolkt. En het regent behoorlijk. Gatver. Nog een natte dag.

Mijn motor sliep in de zelfventilerende hotelgarage. Met lichte tegenzin hing ik gisteravond mijn zeiknatte kleding en handschoenen in het Trockenraum van het hotel. Ik heb nou eenmaal alles graag bij mij. Ja, ik ben een tikkeltje autistisch. Ik weet het. De hotelier keek gisteren naar mijn regenpak en vertelde zo sip dat het fraaie houten parket  al 200 jaar in het oude hotel ligt… Dat gaf voor mij de doorslag. Ik haal de motor en al mijn regenspullen op. Het is super. Echt. Alles is kurkdroog. Ik ben om.

Het hotel is prima. En de familie is erg vriendelijk. Precies zoals het hoort.

En de kamer heeft een fijne en moderne douche. Ik reken 75 euro (!) af, inclusief ontbijt, diner en drankjes. Het kan allemaal best.

Is er dan vandaag helemaal niks te zeiken, Coos? Weet je dat zeker?

Uh … jawel. Er mag daar binnen gerookt worden. Op veel plaatsen in Oostenrijk overigens. Als enige land in de EU. Ik ben zelf een kind van de jaren vijftig. Opgegroeid met een rokende vader en vanaf mijn middelbare schooltijd ook shaggies gepaft. Iedereen deed dat in die tijd. Tijdens een jarenlange avondstudie, die ik in de jaren tachtig volgde, ben ik met roken gestopt. Ik dacht: dan heb ik straks eindelijk mijn diploma en ga ik vervolgens dood aan longkanker; das zonde van de tijd. Sindsdien heb ik niks meer met roken. Ik vind het vies. En zeer zeker binnen. Ik zet daarom dit land voorlopig op mijn blacklist. Totdat het is opgelost. En verder wemelt het daar van de flitscamera’s en borden met maximum snelheden… Dat moedigt mij ook niet zo aan.

Opmerking: inmiddels heeft Oostenrijk ook de wet aangepast en mag je binnen niet meer roken.  Nou die snelheidscamera’s nog weg.

Ik bepak mijn ezel en vertrek. Al rap bestijg ik de Plockenpass. Saillant detail: ze verstoppen op deze pas de haarspeldbochten in de donkere tunnels. En dat is een heel raar gevoel. Ik los mijn desoriëntatie op door steeds net op tijd vlot mijn vizier omhoog te swipen. We stijgen tot circa 1400 meter. Het is 6 graden en nat. Echt een zomervakantie, jôh…

Mijn BMW en ik rijden Italië in. Gelijk verandert de structuur van het asfalt. Niet meer van die gitzwarte glimmende platen. Dit is ruwer, stroever. Zoals het verschil tussen een zijden blouse van een dame en een nieuwe spijkerbroek van een man. Zoiets. Het geeft direct meer vertrouwen en ik ben gelijk weer lekker aan het sturen. Italië is fantastisch.

Rond 11:30 uur is het droog. Een uur later regent het weer. En zo wisselt het de hele dag. Het goede nieuws is dat alle watervallen op ‘aan’ staan. Het water gutst de bergen af. Ik ben dol op watervallen en vind het elke keer prachtig om te zien. Ik stop bij elke waterval.

Dan denderen we Slovenië in. Uh …. het asfalt is hier meestal Kwalitatief Uiterst Twijfelachtig… Ik doe het wat rustiger aan.

Van de Slovenische taal snap ik helemaal niks. Het is een Slavische taal.  Ze spreken soms wat Duits en soms wat Engels. Maar … ik snap de plaatjes. Zie foto. Welja jôh, jij ken die shit, ouwe!, zou mijn Danielle zeggen, die overigens cum laude is afgestudeerd in Letteren aan de Universiteit in Utrecht.

Slovenië is ruiger, steiler en woester. Het is veel meer echte, ruige natuur. Ik vind het mooi.

Ergens in de hoogte en in de Sloveense kou scoor ik een warm broodje met tomaat en mozzarella. En een warme choco, die meer naar melk smaakt. Ach, wat maakt het uit.

TRIËSTE

Ik rijd door Triëste. Dat is een grote Italiaanse stad aan de Adriatische Zee. Vlakbij de grens van Slovenië. Het is een magische stad voor mij. Ik weet niet waarom. Morgen ga ik er met de bus heen en daar lekker wandelen.

Voor nu heb ik een stacaravan op een Sloveense camping gevonden op 50 meter van de Middellandse Zee. Ik blijf hier twee nachten. Voor ruim € 170,-. Gekkenhuis. Maar goed, even iets anders, even geen motorrijden. Het is net zoiets als elke dag nasi eten. Dan is dat ook niet meer lekker…

THE CATCH OF THE DAY

Ik heb nog wat gevangen voor The Catch of the day. Veel plezier. Welterusten.

Coos op Reis: ijs in Katzenelnbogen

DE BALKAN – IJS IN KATZENELNBOGEN

Dit is aflevering 2 in de BALKAN serie Coos op Reis. De eerdere 70 verhalen kwamen uit Zuid-Europa, de komende (ongeveer) 30 verhalen gaan over de Balkan. Dit reisverslag schrijft Coos van der Spek over zijn avonturen een tijdje terug en gelukkig deelt hij ze weer met ons op Ikzoekeenmotor.nl.

Het is zondag 26 mei. Precies om 09:00 uur trek ik de garagedeur in Linschoten open en maak vervolgens mijn trouwe blauwe dikke tweecilinder wakker. Zij is al gepakt en bezakt en wacht gepoetst en verlangend in haar hoekje. Donkerronkend komt zij met een druk op haar knop tot leven.

Ik vind 09:00 uur nou eens echt een hele mooie tijd voor een pensionado. Potver, de matineuze medemensen regeren de wereld. Hoe bedoel je, om 06:50 uur starten met heipalen heien? Of zand brengen om stenen te metselen? Of een vergadering om 08:00 uur! Of op de motor stappen? In de winter is het dan zelfs nog pikkedonker.

Enfin, 09:00 uur dus. Het is bewolkt. Droog. En 16 graden. Ik ga vandaag in Duitsland 24 graden zien. Prima weer om motor te rijden. De wintervoering is gelukkig al uit mijn Stadler-pak…

Ik dender met mijn motor de A2 af. Ik heb Flitsmeister op mijn iPhone gestart en de smartphone aan de 12 volt-stekker gekoppeld. Ik voel mij voor 95% veilig voor bekeuringen en durf best een extra poepie gas te geven. Soms tik ik even de 150+ km per uur aan. Dat schiet op. En ik ga zeker nooit tussen de slaperige koekblikken hangen. Das levensgevaarlijk. Vroemmm…

Kort na Budel, daar komen die mooie overhemden van LeDûb met mouwlengte 7 vandaan, ze draaiden gewoon de letters van het gehucht om, ga ik bij Nederweert de snelweg af. Vanaf nu pruttel ik heerlijk binnendoor. Het echte motorrijden is begonnen. Op de snelweg rijden is niks aan.

In Roermond zoek ik een koffiestop. Ik rijd een piepklein stukje de verkeerde kant in van een straat met eenrichtingsverkeer. Onmiddellijk staat een oud mannetje op het stoepie druk te gebaren. O, ik ben in de buurt van Duitsland hoor, denk ik. Het land van de regeltjes en de wetjes met ijverig gepeupel om je de les te lezen als je iets overtreedt. Duitsers… Maar toch haal ik opgelucht adem als ik de grens oversteek: de komende weken geen verkeersdrempels meer. In Afrika heten ze spoedhobbels. Leuk, hè? Dat leerde ik van Itchy Boots. Maar fijn om die hobbels eens een poossie te missen.

Eerst even tanken.

De E10 kost hier € 1,45 per liter. Het kan dus best, Den Haag. Stelletje dieven!

Onderweg geniet ik van het zacht glooiende landschap en de vergezichten.

Ik steek een paar keer de Rijn over, één van de belangrijkste rivieren voor Nederland.

En natuurlijk gluur ik even bij Klooster Arnstein. De weg daarheen is 16%!

Het wordt in de middag wat warmer. Ik verwijder nog een voering uit mijn jas en zet wat ritsen open. De voering berg ik vlot op in een waterdichte zak, snel bereikbaar op mijn topkoffer. Die zak zit met robuuste elastieken spanbandjes van The Rok vast. Ik schreef er al eerder over. Die dingen zijn werelds. Koekel op ‘Rokstraps’. Goedhart Motoren in Bodegraven heeft ze.

Tja. En dit jaar dus geen kampeerspullen bij mij. Dat scheelt veel volume en veel gewicht. En die twee zware zijtassen op mijn zijkoffers heb ik vorig jaar gelijk verkocht. Daar begin ik niet meer aan. Het rijdt echt beter zo. Ik heb ook minder spullen en kleding bij mij. Ik ga nu gewoon wat vaker wassen. Maar ja: nog wel twee paar schoenen, twee e-readers, twee slaapzakken, een elektrische bandenpomp, een sleepkabel en een doorzichtige benzineslang. Dat bedoel ik…

Vandaag ruim 450 km te gaan. Ik ontwierp in Basecamp voor vandaag wat meer routes over doorgaande wegen. Anders kom ik wel heel laat in het hotel aan.

En zo is er straks voldoende tijd voor een lekkere lunch en .. ijs in Katzenelnbogen. Kom je daar ooit in de buurt? Rijd daar dan persé NIET voorbij. En maak er gelijk een waypoint van. Voor drie grote kogels betaal ik slechts € 2,70. En ze hebben hier zoveel smaken. Heerlijk. En ze hebben er óók spaghetti-ijs. Aardbeismaak, met verse aardbeien. Oei, oei, alsof er een engeltje over je tong piest… Héééérlijk!

Ik arriveer rond 18:30 uur in het familiehotel Kern in Idstein. Het is meer dan prima hier. Het is nog heerlijk weer, dus ik geniet eerst van een biertje en dan van een glas droge witte wijn en asperges met gerookte ham op het buitenterras in het hof. En een kopje koffie. Wat een genot. Vannacht mag mijn BMW daar lekker veilig op het terras slapen.

De eerste dag is bijna voorbij. En mijn verlangen is al een beetje bevredigd. Een heel klein beetje. Ik ben immers onderweg. Mijn dromen achterna. Het was een mooie dag. En ik heb heerlijk relaxed gereje en genoeg gevangen voor The Catch Of The Day….😍

Coos op Reis: op naar de Balkan

Onze trouwe motorcolumnist gaat weer op reis. Vorig jaar hebben we in ruim 70 heerlijke verhalen mogen genieten van de belevenissen van Coos van der Spek.

Met dank aan Bas Bijl voor de fotobewerking.

Hij nam ons toen mee op motorreis door Zuid-Europa. Op onnavolgbare wijze schreef hij zijn verhalen, met een lach, een knipoog en soms een traan. En altijd met de mooiste foto’s, weet hij je een gevoel te geven dat je achterop zijn BMW zit en mee reist. Vandaag kunnen we melden dat we met een nieuwe serie “Coos op Reis” beginnen. Enfin, Coos legt het uit:


DE ULTIEME BEVREDIGING VAN EEN OUD VERLANGEN

Mijn vorige reisverslag op deze website ging over mijn drie maanden durende motortrip door Zuid-Europa. Na ruim 70 verslagen eindigde mijn reisverslag met dit sfeervolle plaatje van de ondergaande zon.

Wees eerlijk, zo’n tafereel houdt ook een belofte in. De belofte van een stralende nieuwe dag, een prachtige toekomst en … een mooi nieuw reisplan.

Het nieuwe plan is er na mijn vorige reis dan ook gekomen. Eigenlijk is het de realisatie van een heel oud plan.

Het is een motorreis die ik in 1971 al met mijn vrouw wilde maken. Maar omdat de benzinepompen toen in dat gebied nog 250 km van elkaar lagen en de actieradius van mijn Honda 250cc maar 160 km was, heb ik die reis toen ’een poosje’ uitgesteld. Mijn huidige motor heeft een actieradius van een kleine 600 km én de brandstofpompen liggen lang niet meer zover uit elkaar als vroeger. Alle belemmeringen zijn intussen opgeheven.

Een klein jaar na mijn thuiskomst uit Zuid-Europa begon alles weer te kriebelen. En een paar maanden later gingen mijn BMW R1200 GSA LC en ik dus weer op reis. Deze keer met meer ervaring, veel minder bepakking en zónder tent.

Het werd een gemengde trip: het grootste deel reisde ik in mijn eentje: heerlijk zonder overleg, zonder discussies, zonder ergernissen en zonder verantwoordelijkheden. Vrijheid!

Het andere deel van de reis genoot ik samen met mijn motorclub MC Zegveld in Karinthië. Maar liefst 20 deelnemers deden mee met het reisplan dat ik ’s winters schreef.

Voor mij werd het een reis die mij via Duitsland, Oostenrijk en Italië naar Slovenië bracht. En vervolgens naar Kroatië, Bosnië en Montenegro. En via Oostenrijk weer terug naar huis.

Het was de ultieme bevrediging van een oud verlangen….

Wijngaarden bezoeken op de motor

De Duitse motorrijdster Lea Rieck publiceert ook haar motorreizen op YouTube. Hier rijden we met haar mee door Frankrijk richting de Atlantische kust.

Haar beheersing van de Engelse taal is helaas stukken minder dan die van Itchy Boots. Haar verhalen zijn wat serieuzer. Haar opnames zijn echter niet minder mooi. De rit is gefilmd in augustus en het was erg koud voor de tijd van het jaar. Twaalf graden Celsius. Mist en regen is vrij normaal hier in Europa. We zien een motortrip waarbij ze vooral proberen te ontsnappen aan de regen door rap naar het westen, richting Bordeau. Onderweg slapen ze in een Frans ‘château’ tussen de wijngaarden en genieten ze van het goede leven.

Coos op Reis: slapen, bij een andere vrouw

Het is 8 mei vandaag, prachtig weer en een strakblauwe hemel.

(Redactie: het was 8 mei toen Coos dit artikel schreef, nummer 70 in onze serie Coos op Reis, we publiceren later….  in het volgende motorverhaal komt Coos weer thuis.)

We hebben vannacht samen lekker dichies-bij-dichies geslapen en rijden kort na tienen weg. Dat is een mooie tijd. Ik heb vakantie, hè! Dus geen gehaast. Ik hoef niet naar mijn werk of zo. En er zit vandaag nog niemand op mij te wachten.  Het wordt een warme dag, dat voel ik nu al.

Waar heb ik al dit mooie weer toch aan verdiend? Ik heb in alle landen alle regels en geboden aan mijn grote motorlaarzen (maat 46) gelapt. Te hard gereden, foutief ingehaald, voorrang genomen, over de doorgetrokken streep geraced, door donker oranje gereden, kutbrommertjes klem gereden, ouwe vrouwtjes laten schrikken, tegen het verkeer in gemanoeuvreerd, verkeerd geparkeerd, teveel in de zon geweest, teveel gelopen, hard kut geroepen als ik struikelde, teveel gegeten, gedronken en noem maar op. En toch blijft elke dag dat mooie weer maar komen. Misschien hebben ze mijn misdaden gewoon niet gezien…. Ik ben ook niet zo’n opvallend type, nu ik er eens goed over nadenk.

Ik zie op mijn Garmin-navigatiesysteem dat ik nog circa 700 kilometer van huis ben. Dat is een mooi stukkie om in tweeën te delen en lekker nog wat binnendoor te prutsen.

Dat toeristisch rijden bevalt mij erg goed, overigens. Dat wordt straks met de ritten van de motorclub weer even omschakelen. Dan zien we alleen maar asfalt, links en rechts een waas van bomen en kijken we alleen maar naar de strepen op de weg. Anders vliegen we de bocht uit.

Ik laad een oude route van een paar jaar terug en ga op pad richting Bollendorf in Duitsland, vlak bij de grens met Luxemburg.

Het is 17 graden en das net nog een tikje fris met alleen een piepdun shirtje onder mijn motorjas. Mwah, het is maar 80 kilometer Autobahn, dus ik neem de gok. Het valt mee.

Op de Autobahn waarschuwen borden voor een hellingspercentage van 6% gedurende 4 kilometer. Snelheidscamera’s zorgen ervoor dat de auto’s zich aan de snelheid houden.

Ik begin de daling op 775 meter hoogte. Ik denk aan Peter Hermens. Hij zou vlot uitrekenen hoe hoog ik over 4 kilometer nog ben met 6% daling.
Tja, en dát komt dan weer door het kerstdiner met de familie en Peter, vele jaren terug…

Janny en ik namen het reeds klaargemaakte eten in een plastic kratje mee naar de familie bij ma in Zwijndrecht. Omdat het buiten toch net zo koud was als in de koelkast, plaatste ik het kratje op het terras in de tuin. Toen het tijd was voor het diner, kwamen we erachter dat ook de rode wijn nog in het koude kratje stond. In vier graden dus. Geen paniek. Peter checkte het maximale wattage van de magnetron, de inhoud van de flessen, de buitentemperatuur, stelde de gewenste temperatuur van de rode wijn vast en berekende uit het hoofd het aantal minuten dat de flessen in de magnetron moesten. En … de wijn was super!

Nou, ik ben een gewone boerenlul en ik zie pas na 4 kilometer hoe hoog het hier is. En nog belangrijker: het is hier gelijk 23 graden! Dat zou zelfs Peter niet weten. Whoeiii….!

Een Poolse vrachtauto is duidelijk niet gewend om in de bergen te rijden. Ik ruik dat hij zijn remmen aan het verbranden is. Gauw er achter vandaan. Na een klein uur mag ik de Autobahn af en kan ik lekker binnendoor rijden. Het feest gaat weer beginnen.

Ik meander kilometers lang mee met een prachtig authentiek regenwaterriviertje dat zich heel lang geleden in de kleigrond een weg heeft gebaand. Erg bijzonder voor mij, ik blijf er maar naar kijken. Zo mooi en ik kan daar zoveel fantasieën over hebben, jôh. Hoe oud zou dat riviertje nou zijn? En wat en wie heeft dat riviertje allemaal gezien? Wie is er in verdronken?

En ik blijf maar blij en gelukkig van al dat mooie groen. Ik maak foto’s aan de doorgaande weg en zwaai luchtig naar een Duitse motorrijder. Hij komt prompt terug om te vragen of alles in orde is en of ik hulp nodig heb. Weet hij veel dat ik zijn groene bomen zo mooi vind. Haha.

Motorrijders onder elkaar. Het blijft uniek. Toen ik in 1970 ging motorrijden, waren er minder dan 30.000 motorrijders in Nederland.

Nu meer dan een half miljoen. Maar het sfeertje blijft. Ongeveer dan.

Ik rij op de Weinstrasse van Stromberg en stop omdat het stoplicht op een kruising op rood gaat. Ik gluur een beetje gedachteloos om mij heen en check na een halve minuut het stoplicht. Verrek, alle stoplichten zijn plots uit! Huh? Ik ben even de weg volledig kwijt. Waarom sta ik hier eigenlijk? Nou, ze zijn hier gewoon klaar vandaag met kleur geven. Of zo. Ik geef een poep gas en speer er vandoor. Gekkenhuis.

Bij Knielingen steek ik de Rijn over. En daar besluit ik dat ik honger heb. Kort daarna dender ik een dorpje in.

Ik koop een broodje en wat fruit …

Fruit koop je immers gewoon bij de bakker.

 

Ondertussen zie ik dat het 28 graden is. Man, wat ben ik blij met mijn textielen doorwaaihandschoenen van Rukka. Koele handen houden je hoofd koel.

Ergens onderweg halen ze sjalotjes uit de grond. Ik ruik ze eerder, dan dat ik ze zie. Mmmmm….! Net een Franse groentewinkel. Tientallen mensen staan gebukt hun zware werk te doen.

Bij Neustadt an der Weinstrasse doemen in de verte de bergen op. Op de voorgrond de verse druivenranken voor de wijn van dit komende wijnjaar.

Het is nu 29 graden. Verderop is de weg afgezet vanwege een ongeluk met een bus. Gewoon midden in de polder. Hoe kan dat nou? Ik zie weer politie en ambulance staan. En na een paar minuten landt zelfs de traumahelicopter. Narigheid op het platte land. Snel er vandoor.

Ik kom in de bergen en rijd door een prachtig bos. In de schaduw is het heerlijk koel. De zon brandt het hars uit de naaldbomen. Ik ruik het. Van dat bos hebben ze sinds kort een natuurpark gemaakt. Op zaterdag en zondag is het verboden voor motorrijders.

Ook de weg naar Johanniskreuz is in het weekend afgesloten voor motoren. Logisch, want de weg kronkelt heel spannend als een slang door het gifgroene landschap. Dus maatjes, wijzig de route voor over drie weken. Dit is een topper om te rijden!

Ik ben het zat na de vijfde omleiding. Het is ondertussen tegen half zes en de avondspits is lekker op gang. Het is druk en warm en ik rijd door een woud van stoplichten. Ik erger mij aan die braveriken die 26 km rijden waar je 30 km mag. Grrrr…!

De laatste 130 km neem ik de snelweg. Veel sneller en koeler. En je mist Saarbrücken. Het is erg leuk om elke keer op jacht te gaan naar een slaapplek. En een bed te schieten. Spannend. Mannen zijn jagers. Dat is toch de natuur, hè?

Vandaag slaap ik in een Landhotel. Landhaus Oesen. Maar het is gewoon kamernummer 2 bij een oude mevrouw in een huis bij Bollendorf. Leuk en rustig. 40 euro met ontbijt en balkon met uitzicht. En gelukkig is het password van de WiFi niet zo lang : 7922382771669327. Zij kent het uit haar hoofd.

Ik dacht vanmorgen: ik schrijf vandaag een kort verhaal. Kunnen we zachtjes afkicken. Das niet gelukt. Wel minder foto’s. Maar dat komt omdat ik 450 kilometer moest overbruggen vandaag.

Pittig dagje! Pffff….

EN VANNACHT … SLAAP IK ZELFS BIJ EEN ANDERE VROUW….

Ik vertel Janny dat ik een oude mevrouw vond die een mooi pension bestiert. En hoe oud is die mevrouw?, vraagt Janny. Ik stuur haar een foto als bevestiging…

Maarruh …. is zij het wel…?