Tag archieven: reisverhalen serie

Coos op Reis: CAPO DEI CAPI

Het is vandaag 30 maart. En het is nog maar net 08:00 uur geweest en ik sta al naast mijn bed. Das best uniek!

(We publiceren vandaag het 33e verhaal in onze serie Coos op Reis. Coos van der Spek vervolgt zijn drie maanden durende motorreis door Zuid-Europa.)

Er is bewolking en ik zie de zon. Dikke waterdruppels liggen op de koffers van mijn motorfiets. Het heeft vannacht geregend. Of … het zijn dikke tranen van de BMW omdat ik haar vannacht moederziel alleen en in haar blootje op straat heb laten staan. Achgossie.

Ik heb haar gisteravond echter beloofd dat ik bijtijds zou opstaan, zodat de nacht niet zo lang zou duren voor haar… Maar gelukkig, niemand heeft haar óf gestolen óf beschadigd óf een tyfusschop gegeven. Mooi. Het is volledig tegen al mijn principes om haar op een dergelijke plek te parkeren, maar soms kan het gewoon even niet anders.

Alle spullen zitten inmiddels weer op de motor en ik start het geweldige motorblok van de dikke tweecilinder. Ze komt ronkend tot leven. Al honderd meter verderop vind ik mijn ontbijt tussen de locals in de supermarkt. Ik bestel o.a. een jus d’orange en krijg tot mijn stomme verbazing een flesje Hero. Nou ja, in het land waar de sinaasappels letterlijk op straat liggen…. Verder een prima supermarkt.

Je kunt daar ook kroketten en een wasmachine en zo kopen. Whoehaa! Als ik vertrek roept de juffrouw ‘adios’ en ikke met veel bravoure ‘Byebye’. De hele zaak roept mij giechelend ‘ByeBye’ achterna. Alsof het snel is afgesproken. FF die lange kale Hollander piepelen… Dat zou zo maar kunnen, want ik versta helemaal niets van de Portugezen. Ik kan er geen touw aan vastknopen. Het lijkt in mijn oren op Pools. Het klinkt rauw en Slavisch.

Ik vertrek uit Campo Maior en rijd al snel door een prachtig natuurgebied. Het is het nationale park ‘Parque Natural da Serra de S. Mamede’. De natuur varieert enorm. Het is Genieten met een grote G! Onderweg moet ik stoppen omdat ze een hele zooi stieren verweiden. Een heel bosje lullen op reis, filosofeer ik…

Ik dender met een gangetje recht op een hele boze donkere regenbui af. Mwah, het is nog te vroeg voor een regenpak, hoor. Ik weet dat hij vandaag onvermijdelijk is, maar nu nog even niet. Ik raadpleeg mijn navigatiesysteem en zie mogelijkheden om een lus van 25 kilometer af te steken. Ik krijg wat lichte spatten, maar kan precies om de donkere bui heen. Regeren is vooruitzien!

Zoals ik gisteren vertelde, rijd ik langs de grens Portugal-Spanje. Ik passeer een aantal keren de grens. Soms herinneren oude vervallen dreigende gebouwen aan vroegere tijden met strenge besnorde douaniers en met grote geweren bewapende militairen. Maar dat is verleden tijd. Ik rij onbelemmerd door.

Ik kom in een gebied dat op de Dolomieten lijkt. Grote, hoge kale in het zonlicht blakende naakte bergen zonder enkele begroeiing. Erg fraai. Ondertussen zit ik op ruim 700 meter hoogte. Ik zie zeven graden op mijn dashboard en vind al een poos dat ik te weinig kleding aan heb. Als de temperatuur nog verder zakt, trek ik mijn regenpak aan tegen de kou. Dat helpt.

Het is Goede Vrijdag. Er is niemand op straat. Waar is iedereen? Familie en vrienden zijn óf bij elkaar thuis of met elkaar in café’s.

Ik stap rond 14:00 uur in Alcántara een bar binnen voor de lunch. Het is er rétedruk. En vooral veel lawaai natuurlijk. De vriendelijke dame vertelt mij dat ik hier vandaag niks kan eten. Ik wijs op twee gerechten van andere bezoekers en vertel haar dat dáár niks mis mee is. Dus spoel ik met cola haar heerlijke kouwe pikante piepers en haar hete worstjes weg. Prima lunch voor € 2,20.

Ik vervolg mijn weg en kom door een gebied waar de wegen met stenen muurtjes zijn afgezet. Net als in Engeland. Wie heeft deze methode nou van wie gepikt?

Op veel plekken liggen hopen kiezels op de weg. Ik moet hier goed kijken hoe snel ik de bochten neem. Het gaat tien keer goed en dan ligt plots het verraad in losse stenen op de loer. Maar het is en blijft een prachtig gebied met adembenemend veel groen.

Rond 14:30 uur gaat het serieus regenen en wordt het takkeweer.

Op 800 meter is het nog maar drie graden. Mijn wintervoering zit in een tas en die ga ik er hier echt niet even in ritsen. Ik warm mij met een koffie bij een houtkachel. Mijn ACSI-app weigert dienst omdat hij eerst een nieuwe kaart van 220 MB wil updaten. Programmeur-van-lik-mijn-vessie. Sukkel. Ik zie wel campings, maar ze liggen allemaal op deze zelfde hoogte. Het is mij te koud hier. Mooi gebied om doorheen te reizen, maar niet om er te verblijven. Daar ben ik niet op gebouwd. Ik heb echt te weinig vet om mijn botten hangen. Ik besluit: het wordt vandaag weer geen camping.

Ik rijd door Rochoso en verwonder mij over de werkelijk enorme zwerfstenen. Jôh, sommige stenen zijn groter dan mijn huis. Níet normaal. En ik zie prachtige harige bomen. Het is koud en het regent nog steeds, maar ik moet en zal jullie laten zien wat ik gezien heb. Prachtig!

In Almeida gooi ik de handdoek in de ring. Ik heb het koud, ik ben het zat en ben moe. Ik begin dingen te zien die er niet zijn. Vet 350 kilometer binnendoor gestuurd. Ik stap bij een viersterrenhotel naar binnen, onderhandel over de prijs, plaats de motor warm en droog in de garage (had ik haar beloofd) en de dienstdoende mevrouw brengt al mijn bagage voor mij naar boven. Daar voel ik mij wel wat schuldig over. Prachtig hier. Kost wat, maar dan heb je ook wat. Dus eerst een flink hete douche! Ennuh … voor dat bedrag mag ik met hún doucheshampoo óók wel mijn shampooreisflesje vullen, vind ik. Want ik eet hier vanavond ook. Vet duur. Ik ga trouwens vandaag helemaal niet meer naar buiten. Mij te koud en te nat. Koelereweer. Daarnaast heb ik het reuze naar mijn zin. Weet je wat? Ik neem nog een wijntje!

Het was een stevige dag!

CAPO DEI CAPI / NOG EVEN OVER GISTERAVOND….

Als gisteravond het café dan eindelijk sluit, betaalt de kleinste Portugese druktemaker mijn biertje en troont mij mee naar ‘een ander café’ waar het nog gezellig is, gebaart hij met handen en voeten.

Ik aarzel even, maar ik moet en zal mee, volgens de druktemaker. Tja, dat kun je als vrouw-alleen natuurlijk maar beter niet doen, maar ach, wat kan mij als lelijke ouwe en straatarme vent nou precies gebeuren? Hij is een klein mannetje en ik ben 1.95 meter en weeg 87 kilo. En mijn mes uit Apeldoorn zit in mijn tas. Jôh, ik vind het wel leuk. We lopen door allemaal donkere en stille straatjes. Ik heb werkelijk geen idee waar we heen gaan. De straatjes worden smaller en smaller en stiller en stiller..

Dan staan we plots in het donker voor een grote groen deur. Hij geeft er een flinke duw tegen en de zware deur zwaait open. En ja hoor. Het is hier nog stampvol, de televisie staat hard aan, waar niemand naar kijkt, de muziek staat aan, waar niemand naar luistert en iedereen schreeuwt gezellig met een drankje in de hand met elkaar. Het ziet blauw want er wordt gewoon gerookt.

De kleine opdonder introduceert mij als een Engelse amigo. Later wijzigt dat in een Duitse amigo en vervolgens in een Zweedse amigo. Twee jonge Portugese studenten schieten in de lach en ik raak met hen in gesprek. Ze vertellen mij dat de kleine man de onderkoning van het plaatsje is, maar liefst twee vrouwen heeft, nog nooit gewerkt heeft, altijd geld heeft en níemand weet hoe hij daar aan komt. Jammer, dat de kleine man geen Engels spreekt, zeg ik. Ze schateren het uit. Hij spreekt ook geen Portugees. Alleen een dialect van hier. Niemand verstaat hem!

Het is hartstikke gezellig. De twee jonge mannen studeren elektronica in Lissabon, maar zijn hier vanwege de feestdagen. Ze zijn hier geboren en getogen. Iedereen hier in het café is familie van elkaar. En iedereen kent iedereen. Alle nieuwe bezoekers die later binnenkomen zeggen elkaar gedag en geven elkaar een hand. En ook mij natuurlijk. Het is gewoon één grote reünie.

De twee Portugezen vinden mijn verhaal ook prachtig. En helemaal als ik ze vertel dat ik uit Nederland kom. En ja, het is wel een beetje laf van mij om ze niet te vertellen dat ik het stuk naar Barcelona ben komen vliegen.

Ze geven mij nog een biertje, gelukkig zijn het mini-flesjes van 150cc, maar als ik bij de volgende fles vertel dat ik morgen verder reis en dan de hele dag op de motor zit, dan is het goed als ik oversla.

Iemand maakt nog een afscheidsfoto en ik vertrek naar de frisse lucht. Wat een aparte belevenis. En wat leuk en gezellig. En wat is het vreselijk laat geworden…

The Catch of the Day:

Coos op Reis: Marmergroeven van Borba

(Het 32e verslag in onze serie reisverhalen “Coos op Reis“.)

Vandaag zijn er best veel wolken.
Maar ook aardig wat zon. Ze voorspellen 16 graden. En het is droog!

Ik pak alles vlot in, zadel de spullen op mijn ijzeren paard, wandel langs de receptie voor de administratieve rompslomp en ben op weg.

Maar éérst afscheid nemen van mijn favoriete ontbijtrestaurant en heerlijk zitten op mijn rustige favoriete plekje, gewoon op straat. Ik stuur foto’s mee.

Vandaag verlaat ik de kust, reis naar het oosten het binnenland in en ga de dagen erna vervolgens ‘lijntrekken’ langs de Portugees- Spaanse grens, richting het noorden. De lijn heet officieel A Raia.

Het is de oudste officiële staatsgrens in Europa. De Portugezen bouwden er door de eeuwen heen indrukwekkende verdedigingswerken. Ik heb een mooie route langs wat verdedigingswerken ontworpen.

Mijn nieuwgierigheid wint het en ik besluit om toch nog eerst even bij Sines kijken. Maar dat gebied valt erg tegen. Daar is veel petrochemische industrie. Het lijkt op Pernis en Moerdijk. Ik zet de Beemer op een stuk provinciale weg en rijd vlot weg uit die stank en narigheid.

De wegen zijn wat veranderd en ik kom een paar keer aan de achterkant van een vangrail uit. Maar via een fraaie cactusweg lukt het mij te ontsnappen. Het decor wisselt net zo snel als bij een komische act in een theatervoorstelling. Ik zie polders en bossen, jong groen blad, vlak land en heuvels, voor het éérst wijnvelden, maar ook stokoude naaldbomen en hele velden met schattige gele bloemen. Flinke stukken land zijn in het verleden verbrand. Maar de natuur is sterk en herstelt zich snel. Prachtig om te zien.

Bij Alcácer do Sal dender ik over een fraaie ijzeren brug de Rio Sade over. Het stadje ligt prachtig aan het water in het zonnetje. Ik stop even voor een expreszo. Er lopen veel mieren, dus ik leg mijn helm niet op de grond…. Op mijn buddyseat ligt hij trouwens ook veiliger tegen rondpissende zwerfhonden. Geen idee waar die reu van gister woont…

Tijdens de koffie besluit ik om de vering van mijn motorfiets anders in te stellen. Omdat ik wel erg veel bepakking bij mij heb, stelde ik eerder de vering op ‘twee rijders’ in. Dat bevalt mij nu niet meer. Een duo is zo maar 60 kilo, maar dat gewicht heb ik absoluut niet bij mij. Ik stel de vering in op ‘één rijder plus bagage’ en…..dat rijdt echt veel beter. Ik ben er blij mee. De motor ligt nu veel stabieler op de weg. Ik zit dieper en het voorwiel voelt veiliger. Hij staat ook veel minder hoog op zijn poten en daardoor heb ik ook meer controle als ik stil sta. Tja, achteraf denk ik: ik kan zaken wel hetzelfde blijven doen en dan maar hopen dat het resultaat een keer anders is, maar ik kan óók een keer wat anders proberen… Jaaaaa, ik weet het, ik ben een sufferd… Maar wel een sufferd met een goeie tip voor mijn maatjes, die nog gaan…

Dan dender ik het plaatsje Borba in, één van de eerder genoemde vestingsteden. Ik zie enorme stapels geordende stenen langs de weg. Ik draai om en rijd terug om te gaan kijken. Het blijkt een gigantische marmergroeve te zijn. Wat een machtig gezicht, jôh. En het principe om te delven is zo simpel Ze beginnen gewoon boven aan de oppervlakte vierkante hompen kaas uit het marmer te snijden en graven zichzelf zo naar beneden naar een enorm diep gat. Ze rijden er gewoon met vrachtauto’s in. Als zo’n homp steen niet zo’n mooie homp is, dan gooien ze hem weg. En anders maken ze er mooie tegels in een uitstekende kwaliteit van. Ook in het dorp blijkt al snel dat marmer een belangrijke rol speelt, in de kozijnen van de deuren en ramen, in de uitgehouwen schoorstenen, in de borden op straat en in de monumenten. Leuk om dat allemaal van nabij te zien. Heb je thuis ergens marmer? Wellicht komt het hier vandaan. Als ik de route weer oppak, zie ik nog veel meer marmergroeven.

Ik vervolg mijn weg en nader Elvas, een vestingstad die qua opzet lijkt op Naarden Vesting. Het is een  mooie stad met prachtige oude stenen. De fortificaties van Elvas zijn erkend als werelderfgoed. In de verte zie ik een kasteel op een heuvel liggen. Castelo de Elvas, ik had het kunnen weten.

In Campo Maior eindigt mijn dag. Het ligt vlakbij de Spaanse grens en werd duizenden jaren terug al  bewoond. Ik vind na lang zoeken en rondvragen bij een Duits sprekende Portugees een kamer in zijn pension. Voor 30 euro. Mijn motor staat gewoon op straat, op een stoepie. Teringjantje. Je moet ALLES geprobeerd hebben in je leven… Even doorbijten, Coos!

‘s Avonds ga ik, op advies van de pensionhouder, eten in een soort betegelde huiskamer. Het heet Prima Verde.  Geweldig. Ze ratelt wat af, maar ze spreekt gelukkig ook wat Frans. Ik eet een heerlijke vis in de knoflook, tezamen met een vreselijk berg groenten en wat wijn, compleet voor twaalf euro. Heerlijk. Het zijn twee ouwetjes die samen hun authentiek Portugese restaurantje runnen. Ik ben de laatste gast. Ze gaan samen in hun eigen restaurant zitten eten en kijken naar een soort Portugese GTST en hebben plezier en geven elkaar commentaar op wat er op de tv gebeurt. Zo snoezig. En het eten is zo lekker en met liefde bereid. Heerlijke avond en nog tijd over voor een verkenning van het dorp.

Ik eindig om half twaalf in een kroeg met drie Portugezen die hem lekker om hebben. Ze trakteren mij op een biertje. Ik versta, op wat gebrekkige Engelse woorden na, er verder geen reet van…Geweldig!

Lekker gereden. Mooie omgeving, mooie dag.

Kijk nog even naar The Catch of the Day.

Coos op Reis: EEN BOSJE LULLEN EN WAT BALLEN

Het is stralend weer en er staat een bulderende zon aan de hemel. Eerst stevig ontbijten. Strandweer!

Mijn dochter Danielle is vandaag spreker op het VNG-congres (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) in Utrecht. Daar zijn bijna alle gemeenten aanwezig. Ze spreekt voor een groot publiek over haar privacy-project bij de gemeente Amersfoort. Ik ben op grote afstand zo trots als een aap met zeven lullen. Zéven maar? Nou, ik vond er dezelfde dag wel méér. Kijk straks maar op de foto.

Janny laat mij via de app weten dat we vijf euro wonnen in de staatsloterij. Jeetje, wat hebben we daar een hoop geld voor betaald, app ik terug.

Het is erg verleidelijk om op het strand in de luwte van een kommetje van hoge rotsen te gaan zitten. Maar de gemeente waarschuwt met borden dat de rotsen niet stabiel zijn. Ik heb liever geen stenen op mijn hoofd, dus ik schuif een stukje op. Better safe than sorry. Uit de wind en in de zon is het super aan het strand. En mijn e-book van Lee Child is nog niet uit… Ik geniet met volle teugen. Het water is wel iets te fris.

Ik maak die dag nog een wandeling en vind nog wat mooie plaatjes voor The Catch of the Day. Kijk maar rond.

OK, IK BEN NU RUIM VIER WEKEN OP REIS. HOE BEVALT DAT NU?

Wat ik er van vind? Het is helemaal uitstekend! Ik vind mijn reis werkelijk fantastisch en ik heb het reuze naar mijn zin. Het voldoet ruimschoots aan mijn verwachtingen. Ik vermaak mij erg. Wat een enorme ontspanning en wat een vrijheid. Ik kan doen en laten wat ik wil. Ik bepaal alles zelf en hoef met niemand rekening te houden of maar iets te overleggen. Ach, gewoon net als vroeger op mijn werk dus…

Wat ik zo al doe? Ik ben elke dag buiten, ongeacht het weer. Ik zit nooit binnen. Ik slaap alleen op de locatie die ik huur. Verder doe ik er niks. Het weer bepaalt wel in grote mate mijn dagbesteding. Das een mooie seniorenterm trouwens. Regen is het minst leuk. Uiteindelijk word je éérst nat en dan koud. Als het niet regent, dan komt alles goed. Dan is de dag helemaal ok. Motorrijden in landen zoals hier is super, wandelen geweldig en het strand is top. Wat een fantastisch leven zo! Ik ben in korte tijd een wandelfanaat geworden en vind 15 km maar een piesofkeek.

Ik eet drie keer per dag buiten de deur. Dat kan ik hebben, want ik beweeg heel veel. Daarnaast eet ik maar kleine maaltijden. ‘s Morgens een broodje met wat verse jus, als dat tenminste lukt, ‘s middags zo’n heerlijke gezonde salade, die je echt niet zelf kunt maken voor dat geld, en ‘s avonds iets kleins, licht en gezond. Het liefst vis. Ik overweeg absoluut niet om piepers te kopen, piepers te jassen, piepers te koken en vervolgens piepers op te eten. Piepers zijn namelijk heel vaak vies… Tuurlijk, dáár moet je wel de financiële middelen voor zoiets hebben. Maar dat is geen probleem. Ik heb gelukkig géén Belgisch pensioentje… Maar een indicatie? Voor mij is dat circa één euro per kilometer tot nu toe.

En het alleen zijn dan? Mwah, dat ligt gewoon aan jezelf. Als je jezelf open opstelt, dan kan je voldoende contacten hebben. De ene keer vluchtig, de andere keer diepgaand. Maar je bepaalt het zelf. Dat blijft bijzonder. Lees je een e-reader of tik je geconcentreerd een reisverslag op je mobiele telefoon, dan valt niemand je lastig. Kijk je een beetje open om je heen, glimlach je, stap je op iemand af, dan heb jij je praatje. En verder vind ik het prima voor een poossie zo. Zeker niet voor altijd, maar zo, voor wat weken, is het uitstekend.

Is mijn reis therapeutisch voor mij? Nee hoor, dat is het zeker niet. Het is voor mij een reis die ik al heel lang heel graag wilde. Ik denk ook niet dat ik een therapeutische reis nodig had. Ik heb bijna 50 jaar leuk werk gehad in de ICT, in die wereld werkelijk alles kunnen doen en leren, wat ik maar wilde en kon. Ook de laatste jaren was mijn werk uitdagend en ik heb een prachtig afscheid op mijn werk gekregen. Nee, geen therapie dus.

Ben ik op dan zoek naar mijzelf?  En heb ik mijzelf dan inmiddels gevonden? Ja hoor, zo’n kleine 70 jaar geleden heb ik mijzelf gevonden. Haha. Nee, ik ben nooit op zoek geweest naar mijzelf. Ik ben trouwens ook helemaal niet zo’n diepzinnige denker. Veel mensen in mijn omgeving die dat wel waren, zag ik vaak in moeilijkheden met zichzelf komen. Ik ben meer een doener en ik vind het avontuur leuk. Doeners kunnen hun energie kwijt. En dat lucht op. Gewoon doen! En de kans lopen dat het mislukt. En dan pak je het opnieuw op en dan probeer je het noges. En noges. Heerlijk in het diepe springen en kijken waar je aan de kant kunt komen. Of niet…

En verder? Nou, het inpakken van alle zooi en bepakken van de motor is ondertussen redelijk routine. De meeste spullen hebben inmiddels een eigen plek gekregen en ondertussen weet ik waar alles ongeveer zit. Das al heel wat. De tijd gaat wel erg snel. Ik ben nu al vier weken weg. De tijd vliegt. Absurd.

En jaaaaa, ik heb teveel zooi meegenomen. Absoluut. Jullie wisten dat al, maar ik nog niet. Koelere, wat is die motor zwaar en looiig. Niet normaal. Dat is een leerpunt. Ik kom daar zo op terug.

GA IK NOGES?

Jazeker ga ik dit noges doen. Absoluut. Volgend jaar zelfs al, hoop ik. Met de motor neem ik dan zeer zeker minder zooi en kleding mee. En als ik vroeg in het voorjaar ga, dan neem ik ook geen tent en kookspullen meer mee. Minder gewicht en minder ruimte.

Die mobilehomes zijn trouwens uitstekend en veelal ook niet zo heel duur. Ik heb dan mijn motorfiets naast mij op het terras, voldoende ruimte voor mijn spullen, vaak in een aparte kamer, een eigen toilet en douche en … verwarming. En die is echt nodig in het voorjaar. Het is ‘s morgens 10 graden in de caravan. Brrr.. Met de afstandsbediening zet ik dan om 08:00 uur vanuit mijn bed de airconditioning op 23 graden. Als hij dan afslaat, kom ik op Portugese temperatuur mijn bed uit. Ik hou nou eenmaal van luxe. Ok… uh… een verwend jong dan. Ik moet er niet aan denken om nu op de grond in een tent te liggen. Koud!

En jôh, wellicht ga ik een volgende keer eens heel ergens anders heen. De Balkan staat al veertig jaar op mijn lijst. Dat kon op ons Hondaatje met haar 10 litertank in de jaren zeventig persé niet. De brandstofpompen lagen verder uit elkaar dan de actieradius van de Honda.

Of misschien eens een camper huren. Er zijn wat regels, maar je mag in principe vrij kamperen in Spanje en Portugal. De westkust van Portugal is prachtig met haar vele kleine strandjes en plaatsjes. Het is veel authentieker en rustiger dan de Algarve. En uiteraard minder toeristisch.

Of gewoon met mijn eigen nieuwe bolide? Die staat straks in mei bij de dealer klaar. Naar Frankrijk met een tentje? Of toch naar Portugal? Een caravan in Albufeira kost 20 euro per nacht als je hem een maand huurt. Normaal is het weer veel beter dan dit jaar. Drie dagen flink doorrijden en dan een paar weken in de zon leven en op het strand zitten. Olé!

MORGEN

Morgen reis ik verder met de motor. Ik laat Lissabon links liggen, besluit ik. Het is Paasweekend. Teveel drukte. Daarnaast zit 96% van de accomodaties vol, zegt BookingDotCom. Voor € 150,- per nacht is overigens nog voldoende keus. Yeah, sure…

Ach, Lissabon loopt niet weg. Daar vliegen we ook makkelijk even naar toe. Leuke stedentrip met Janny. Komt een andere keer wel.

Het weer wordt de komende dagen minder, appt Janny. Ik ga het zien. Ik ben toch al poepiebruin…

EEN BOSJE LULLEN EN WAT BALLEN?

Nou, waar zijn ze dan? Gewoon, hier….

Coos op Reis: PORTUGAL – NEDERLAND

Het is stralend weer en een strakblauwe hemel. Er waait een frisse wind. … (We vervolgen onze serie “Coos op Reis”) …

Het is maandag, dus het is wasdag! Op de camping verkopen ze niks, zelfs geen brood, maar ik heb nog wat bramen over van gisteren. Eérst maar eens wassen en de was ophangen. En dan naar het dorp.

Ik kocht thuis bij de Hema een tube wasmiddel, speciaal voor ‘wasjes onderweg’. Nou, en dát ben ik…

Ik ga binnen nog even op de bank zitten om mijn schoenen aan te trekken en … flikker zó door de bank naar beneden. Ik kan bijna niet uit die houten put komen. Whoehaa! Schande, de kwaliteit die ze tegenwoordig leveren voor 30 euro per nacht. Gelukkig kan ik ‘m zelf snel repareren.

Ik wandel naar het dorp en zie dat er ruim tien campers net buiten de camping geparkeerd staan. Dat scheelt natuurlijk verblijfkosten, maar waarom dan tóch naast een camping? Of gaan ze daar dan gewoon douchen en gelijk de pot onder kakken? Overigens zie je in toenemende mate campers wildkamperen. In woonwijken, op parkeerplaatsen, bij havens. Jôh, het zijn net meeuwen, ze zijn en schijten óveral…

In het dorp scoor ik een voedzame brunch. Ondertussen besluit ik dat ik hier tot donderdag blijf. Ik denk nog na of ik Lissabon wel tijdens het Paasweekend wil bezoeken. Mwah… Maar na Lissabon ga ik het binnenland van Portugal verder verkennen. Daar vertel ik later over.

Ik maak een flinke wandeling over de rotsen en langs de Atlantische Oceaan. Wat een enorme zware golfslag hier. En wat een enorm geweld en gebulder. Daar is de golfslag van de Middellandse Zee maar een pisplasje bij. En berenleuke strandjes. Absoluut een gebied om noges terug te komen. En heerlijk die zee weer. Morgen is het een paar graden warmer, dus…

Aan zee waait het te hard, dus ik zoek de luwte van de camping op. Met op de achtergrond het gewapper van mijn frisse heetgestoomde onderbroekies, lees ik lekker op mijn luxe vouwstoel, uit de wind en in het zonnetje, op de camping een elektronisch boekie. Wees eerlijk: welke motorrijder heeft géén luxe vouwstoel bij zich? Nou?

PORTUGAL – NEDERLAND

In Spanje en Portugal staat bijna overal de televisie aan. In supermarkts, winkels, in bars en ook in restaurants. Loeihard. En de bezoekers en het personeel schreeuwen er allemaal over heen. Wat een idioterie. Hier kom je echt van je lawaaifobie af en leer je jezelf afsluiten. Je moet, anders word je gek. Als het kan, dan selecteer ik mijn restaurants op de afwezigheid van televisie. Ik heb níks met televisie, reclames, nieuwsuitzendingen, praatprogramma’s, discussieprogramma’s en weet ik veel. Voor mij geldt: opinions are like ashholes, everyone has one…

Maar vanavond lukt het mij niet om televieloos te eten. Ik heb mijn zinnen gezet op een visrestaurant waar ik zelf mijn vissie mag kiezen.

En helaas, de tv staat aan. Sterker nog, er zijn zelfs twéé televisies. Je moet en zal kijken. Ze staan allebei wel gelukkig op dezelfde zender afgestemd. Want dat durven ze ook: twee verschillende zenders aanzetten mét het geluid aan. En in een bar dreunt daar de muziek van de audio-installatie dan weer overheen. En iedereen maar schreeuwen en blèren en telefoneren via de speaker en met stoelen over de harde plavuizen schuiven. Er is geen Spanjool die zachte doppies onder de poten van zijn stoel plakt. Néé, het moet en zal pokkenherrie maken. Heb je het beeld een beetje? Het went. Afsluiten. In een andere partitie gaan en daar je eigen programma verder draaien…

Enfin, vanavond tonen ze voetbal op de televisie: Portugal – Nederland. Ik had géén idee. Grappig als je Nederlander bent en in Portugal zit. En hélemaal grappig dat ik niet eens kijk. Zelfs niet als het 3:0 wordt voor Nederland. De eigenaar staat maar met zijn hoofd te schudden. Zou dat nou voor het verlies van Portugal zijn óf dat hij totaal niet begrijpt dat deze Nederlander geen enkele belangstelling voor zijn vonkenbak toont?

Vergeet de Catch of the Day niet!


Coos van der Spek reist drie maanden door Zuid-Europa.

Wil jij meer verhalen lezen in onze serie “Coos op Reis”?  Klik dan op deze link, en we hebben ze allemaal op een rij gezet voor je.

Coos op Reis: LAATSTE BRATWURST VOOR AMERIKA

Vandaag reis ik weer verder. Met héél veel zin! Ik vertrek van Albufeira en rijd met een grote bocht naar Sines. Die plaats ligt aan de westkust, 100 kilometer onder Lissabon. Het is een rit van een kleine 300 kilometer.

Het is droog en het blijft vandaag droog, de zon schijnt, het waait als een malle en ik zie 17 graden op mijn dashboard.

Ik rijd met de zwaar beladen BMW-motorfiets door wat badplaatsen. Soms is de weg lekker heuvelachtig en dansen we samen, met de muziek van een Portugese fado zachtjes in mijn hoofd, door de bochten. En steeds is daar de zee weer, het oneindige zoute water dat mijn hart altijd wat sneller laat kloppen…

Vlak voor Portimão passeer ik via een moderne tuibrug de monding van de Arade river. Vervolgens rijd ik Praia da Rocha in. En daar ontdek ik onmiddellijk waarom er ook negatieve verhalen over Portugal zijn. Werkelijk enorm daar. Allemaal flats van zomaar 30 verdiepingen. Als je daar  achter de boulevard wandelt, zie je het daglicht niet. Absurd. Dan is Albufeira toch heel wat gezelliger.

Pal op mijn route hebben ze een groot hek geplaatst. Dwars over de straat. Achter het hek zijn ze een enorme put aan het graven om er nóg een flatgebouw tussen te proppen. Jeetje! Het is een chaos in dat straatje. Ik vecht met mijn navigatiesysteem om uit de drukte en weer ergens terug op mijn route te komen. Maar de vele eenrichtingswegen brengen mij in een gebied waar ik niet wil zijn. De aardstralen zijn hier niet goed, dus wegwezen. Vertrouw altijd op je gevoel en je instinct. Er blaft een straathond woedend naar mij. Hij is erg kwaad. Hij blaft zo hard dat hij met vier poten tegelijk van de grond komt. Hij zet zich in beweging en komt vanaf de zijkant op mij af. Ik besteed geen aandacht aan hem en rijd hem hooghartig voorbij. Plots zie ik puntjes van twee flapperende hondenoren in mijn spiegel en het geblaf verstomt niet. Dat stinkt naar de misdaad. Potver, de lummel komt mij achterna. Ik geef twee streepjes gas en de hond verdwijnt rap uit mijn spiegel.

Het herinnert mij wél aan een gebeurtenis uit het verleden. Janny en ik waren onderweg van Rotterdam door de polders naar Giessenburg. We reden samen op mijn Kreidler-brommer en waren 17 jaar. Een grote pokkenhond sprong uit een hek en rende ons hard en blaffend achterna. Janny wachtte rustig tot de dolle hond naast ons liep en een poging deed om in haar kuit te bijten. Precies getimed gaf ze hem met haar vlakke hand een ferme klap op zijn platte harses. Benggg! Wég hond. Whoehaa! Echt gebeurd.

Ik verlaat Praia da Rocha en dender een prachtig wit dorp door. Om de hoek staan twee stoere politie-agenten in uniform, compleet met pistolen, knuppels en handboeien aan hun lichaam. Ik krijg van beiden een brede grijns en ze steken hun hand op. De politie is je beste kameraad!

Het asfalt is erg wisselend. Soms prachtig, soms erg onbetrouwbaar. Ik doe het rustig aan, zodat ik om mij heen kan kijken. Lekker, hoor. Niemand van de motorclub achter mij om mij op te duwen. Lekker Remi-alleen-op-wereld zijn. Heerlijk.

Het gebied waar ik doorheen rijd, is zeer afwisselend. Ik zie veel bloemen en het is erg groen. Dat komt wellicht omdat er de laatste tijd veel regen viel. Soms is het polderachtig, zoals Het Groene Hart waar ik woon, soms heuvelachtig zoals de Ardennen, soms meer bergachtig zoals het in Oostenrijk kan zijn, soms wat ruiger zoals in Het Zwarte Woud, soms bosachtig en soms lijkt het op glooiend Texel. En ik ruik de zee. Het is prachtig. Mooi gebied. Ik geniet met volle teugen. Uh …. schreef ik nou vol….?

Ik stop, want ik wil tanken. Dat wil ik op tijd doen want dat heb ik mij voorgenomen. Ik kan bij de benzinepomp kiezen tussen Gasóleo en Gasolina. Nou, lekker dan. Ik kom er ff niet zo snel achter wát nu precies benzine en wát nu precies diesel is. Ik herinner mij mijn vriend Gerry, een paar jaar geleden in Italië. Hij tankte per ongeluk diesel. Wat een gezeik levert zo’n simpele vergissing op. Ik twijfel en twijfel en besluit gewoon om de volgende pomp te nemen.

Ondertussen denk ik aan een mooi nummer van David Bowie met de tekst: put it on fire with gasoline. Maar ja, wáár deed hij dat nou mee? En ondertussen is Bowie ook dood.

Voor de zekerheid vraag ik bij de volgende pomp tóch even wat nu precies benzine is. Ik moet gewoon even op de 95 letten, blijkt dan. Wat een spraakverwarring hier, joh. Ik heb inmiddels nu ruim 200 km met deze tank gereden en ik twijfel nog steeds…. Haha. Wat een muts ben ik, hè?

Omdat ik niet onnodig veel tijd in een restaurant wil verspelen, stop ik bij de Lidl voor een broodje.

Vlak bij de gevel ligt een jonge dood vogeltje. Tegen zijn vader en moeder vertel ik straks dat hij een KIA (Killed in Action) is. In het echies is hij met zijn botte harses tegen de glazen winkelruit van de Lidl gevlogen. Suffie!

Ik zoek in de winkel mijn lunch bij elkaar en vind kaas uit Maasdam. Het is flets verpakt en de kaas heeft de kleur van stopverf. Kaasfabrieken in Nederland: doe er wat aan. Ik schaam mij voor jullie product! Ik kies voor de véél duurdere Spaanse ham. Lekker, jôh. De vette randjes deel ik bij de vuurtoren op het méést zuidwestelijke puntje van Europa met de broer van onze kater Tijger. Hij smult er van.

En kijk wat je daar op dat puntje van Europa nog meer kunt kopen. Zoooo grappig!


Op een picknickbank houd ik een hazenslaapje in de zon. In tien minuten beleef ik de meest prachtige dromen. Ik word wakker van een motorfiets die aan komt scheuren en vlak achter mijn motor stopt. Ik heb je toch niet wakker gemaakt?, vraag een vriendelijke Engelsman. Ik vind het onbeleefd om zijn vraag bevestigend te beantwoorden. Hij stelt zich voor als Mike en staat hier te shinen met zijn BMW. We zitten samen een uurtje te kletsen. Hij vertelt dat hij met pensioen is, al dertien jaar in Lagos woont en zijn vrouw een bar in Lagos runt. Hij rijdt deze weg altijd om het motorseizoen op te starten. We keuvelen gezellig over motoren, motorrijden, de omgeving en hij geeft mij tips over routes in de buurt. Het is erg gezellig.

Over zessen vind ik in Porto Covo, een stukje onder Sines, bij een camping op een paar minuten wandelen van het dorp én van het strand, een stacaravan met drie kamers voor…. 30 euro per nacht. Het moet niet gekker worden!

Lekker gereje vandaag. Prachtig motorweer.