(Een column van Dolf Peeters)
Toen ik op mijn motor stapte kwam er een doelgerichte man op me af. “Zeg luister eens! Denk je dat je goed bezig bent zo? “ Ik keek hem tevreden maar een tikkie verbaasd aan. “Als ik zie hoe jij op je motorfiets stapt, dan moet je nog veel leren!” Dat zou kunnen. Ik leer traag, maar kom er doorgaans mee weg… “Heb je geen enkel verantwoordelijkheidsgevoel dat je zo gekleed op een motorfiets stapt?!” En: “Mensen zoals jij zorgen ervoor dat de ziektekosten steeds hoger worden!”

“Ach, ik kleed me op de seizoenen. Dat doe ik nu al een jaar of vijftig”
“Man! In een korte boek, in een T shirt en op sandalen! Je weet echt niet waar je mee bezig bent!”
“ Hoor eens vreemde boterbabbelaar, ga je mond spoelen met karnemelk en hou je lippen op elkaar als je tegen me praat”. Ik startte en reed weg…

Ik rij meer dan vijftig jaar motor. Dik dertig jaar geleden heb ik voor het laatst asfalt-exceem gehad. Toen heb ik bedacht dat elk motorongeluk dat je overkomt voor 98 % eigen schuld is. En voor de resterende 2% wil ik het risico wel lopen. Risico is er altijd. Je kunt tijdens het tandenpoetsen met de steel van je tandenborstel in je oog prikken. Dan stap je achteruit, struikelt over het badmatje en breek je je nek op de rand van de wc pot.
Een motorrijder is een muis die onder een kast in de keuken woont in een huis waar ook twee katten leven. Nu kan die muis terecht vinden dat hij ook rechten op de keukenvloer heeft. Maar dat zien die katten anders. Einde muis.
Ik ben als motorrijder die muis in de keuken. En ik blijf zoveel mogelijk onder de kast omdat ik weet dat er ‘buiten’ katten zijn. Automobilisten en meer van dat spul. Die prettige paranoia belet me niet te genieten van het motorrijden. Omdat ik constant alert ben en anticipeer geniet ik zelfs meer. Bewuster. Dat doe ik in het besef van mijn sterfelijkheid. Want ook mij kan iets overkomen.
De motorrijder die in een bocht frontaal werd gepakt door een senior auto-debilist die even spookrijdend de bocht als tegenligger op dezelfde weghelft pakte als de motorrijder? Die motorrijder was kansloos. Al had hij twee helmen, een airbagpak en een schietstoel gehad.
In mijn eerste dertig motorjaren leefde ik zowat op de motor. Intussen ben ik van ooit 40D km/jaar afgezakt naar iets van 4000 kilometer per jaar op een paar klassieke motorfietsen. Maar mijn kledingstijl is ongewijzigd gebleven: In de lente goed verpakt, ’s zomers luchtig, in de herfst droog en ’s winters, als het glad is, met het zijspan.
In clubverband rijden doe ik op zijn hoogst met zijn drietjes. In groepen rijden is naar mijn mening niet relaxed. En gevaarlijk voor motorrijders en andere verkeersdeelnemers.
Wat me in die tijd is op gevallen is dat… Motorrijders tegenwoordig gewoon niet meer motor kunnen rijden. Je ziet mannen op dikke motoren. Je ziet aan hun hele rijstijl dat ze geen ervaring hebben, dat ze zelfs bang zijn op hun mega GS of Harley. Je ziet ze geen mooie vloeiende bochten maken, maar ziet ze een cirkelboog verdelen in een wankele 32 hoekige lijn. Ik heb motorrijders in bochten zien ‘bevriezen’ omdat het ze aan voertuig-controle ontbrak. En dan praat ik hoofdzakelijk over wat oudere motorrijders. De jongere exemplaren zijn tegenwoordig gewoon onderweg met vermogens van meer dan 150 pk. Tel daarbij dat die jongeren nog een hoger testosterongehalte hebben. In combinatie met het drukke verkeer waar het grootste deel van de auto-debilisten blind en of doof is en haast heeft of – in de weekends – de kuddes geriatrische bestuurders… Tsja: dat kan je inderdaad laten overwegen een volledige, maximaal beschermende motor outfit met airbagvest en nekbrace aan te schaffen.
Intussen vermijd ik de meest populaire routes. Als je je eigen plan trekt in plaats van je navigatie te volgen, dan kun je zelfs op een mooie weekenddag rijden zonder in een file motorrijders vast komen te zitten.
Ik gun verder iedereen zijn goddelijke gelijk. Maar intussen heb ik meer dan een halve eeuw motorrijden overleefd. En ik geniet nog steeds van elke rit. Dus heb ik het, naar mijn idee, niet helemaal ‘voud’ gedaan.

De helm op de foto is mijn souvenir van die val zo’n dertig jaar geleden. De knie met het verband er om?

Tijdens het uitlaten van de hond zag de hond ’s avonds een kat. Piet haat katten. Toen hij zijn uitval deed stond ik net op het verkeerde been. Ook mijn schuld dus.
Maar misschien moeten we er eens over gaan denken of je bij het honden uitlaten ok beschermende kleding moet dragen. Of tijdens de sex.

Wil je meer verhalen lezen van Dolf Peeters?
Hij heeft prachtige interviews, zakelijke verhalen, maar ook columns met een knipoog geschreven op Ikzoekeenmotor. Ga naar: //ikzoekeenmotor.nl/tag/dolf-peeters/



