Tag archieven: Coos op reis

Coos op Reis: Cortina D’ Ampezzo in de sneeuw

CORTINA D’AMPEZZO IN DE SNEEUW

Het is maandag 17 juni (als Coos dit schrijft) en het is prima motorweer.

De ideale omstandigheden om onze serie Coos op Reis te vervolgen. Joepie! Zoals je in een vorig artikel al las ben ik tijdens mijn Balkanreizen even aangesloten bij mijn motorvrienden van MC Zegveld uit Nederland.

Bij MC Zegveld gebruiken wij al jaren een oud Afrikaans spreekwoord als motto: ‘Als je snel wilt gaan, ga dan alleen.

Als je ver wilt gaan, ga dan samen.
Bij MC Zegveld gaan we retever én retesnel….

De motorclub is inmiddels met 21 deelnemers volgens het draaiboek en het routeplan in Oberdrauburg (Oostenrijk) geland. Zij kwamen van ver en reden snel…

Wie of wat is MC Zegveld eigenlijk? MotorClub Zegveld is een kleine 25 jaar geleden ontstaan. Zegveld is een dorpje, in het midden van het land, een stukje ten westen van Utrecht. Daar is verder geen reet te doen. Er woont overigens geen enkel lid van MC Zegveld (meer) in Zegveld. We hebben de naam van de club nooit veranderd. En what’s in a name? Shakespeare schreef al eens: ‘ook al zou een roos anders heten, dan zou het nog steeds een mooie, heerlijk geurende bloem zijn, dus wat zegt een naam nu helemaal?’ En zo is het.

Onze motorclub telt circa 80 leden. We vormen een gewone afspiegeling van de samenleving: vrouw, man, kort, lang, dik, dun, jong en oud etc. De leden rijden allemaal op zware toermotoren en BMW is relatief stevig vertegenwoordigd. We hebben geen sjoppers of racers in onze club. We gaan te snel voor de sjoppers en de racers kunnen te weinig bagage meenemen tijdens onze lange internationale trips.

Het aantal écht actieve leden is wel een stuk kleiner dan die eerder genoemde 80. Het grootste deel van de harde kern is hier in Oostenrijk nu wel aanwezig.

We hebben een actieve motorclub. Elk jaar komt er in december een nieuwe toerkalender uit met nieuwe plannen voor dagritten, lange weekends en vakanties. We genieten per jaar met elkaar van zo maar 40 toerdagen.

Nou ja, kijk anders zelf even hier. Dan krijg je een goede indruk van ons. Een eerder filmpje uit 2017.

We slapen en eten hier in Oostenrijk de komende dagen in hotel Gasthof Post. Het is een prima hotel voor een grote groep motorrijders. Ik zou er echter met mijn meissie niet gaan zitten, dan zocht ik een wat meer romantisch hotel. En …. sinds 2020 of zo mag je in Oostenrijk binnen niet meer roken. Dat probleem is gelukkig opgelost.

Ik gaf al eerder aan dat ik hier in Oostenrijk wat minder tijd heb om een uitgebreid reisverslag van mijn belevenissen te schrijven. Ik zet jullie lezers een beetje op pauze. Maar ik heb wel mooie verslagen van de routes. En ik deel de foto’s natuurlijk. Jôh, weer ff iets anders.

Vandaag een nieuwe motordag voor en met de motorclub! We gaan het echte werk doen. De klus waar we voor gekomen zijn. Werk voor stoere vrouwen en mannen. De watjes en de Sissies blijven in het hotel of op de camping om de Libelle te lezen. Wij gaan een rondje de bergen in. En we gaan hoog. En koud. Bare Steering! Prachtige, stevig route van 300 kilometer. Genieten!

De route vandaag ziet er een beetje uit als een achtje, een soort brilletje We gaan naar het westen, naar Cortina D’ Ampezzo. Het is een fraaie en veelzijdige route. We rijden door dorpjes in Oostenrijk om daarna hoog in de Italiaanse bergen te belanden. Uiteindelijk komen we dan in Cortina D’ Ampezzo. Uiteraard stoppen we daar even. Het is mooi dorp. Tja, wel een beetje mondain, maar dat zijn wij, rijke stinkerds op onze vette BMW 1250-ers, natuurlijk ook.

Na de toegekende, maar later afgelaste Winterspelen van 1944, vonden in 1956 in Cortina d’Ampezzo de Olympische Winterspelen plaats. De schaatswedstrijden speelden zich af in het dertien kilometer verderop gelegen Misurina.

Bij Cortina zijn we al weer over de helft van onze dagroute. De rit gaat verder door de Dolomieten en weer richting het oosten, terug naar het hotel.

De dag eindigt met het verzorgen van de motoren, een biertje in het zonnetje op het terras en een warme douche. Daarna volgt het diner en maken we de avond met z’n allen gezellig met verhalen en met spelletjes. We zijn net een uitgelaten schoolreisje op kamp…

En nog wat gevangen voor The Catch of the Day.

Wil jij die bijna 100 andere motorverhalen lezen van Coos?
Ga naar deze link
//ikzoekeenmotor.nl/category/coos-op-reis/  
… even scrollen en dan kun je ze onderaan allemaal doorbladeren….

Coos op Reis: bei fragen bitte klopfen

DE BALKAN – BEI FRAGEN BITTE KLOPFEN

Op het moment dat ik dit artikel voor de serie “Coos op Reis” schrijf is het zondag 16 juni. Hoera! Het lammetje is weg.

Het dashboard van mijn lichaams-managementsysteem staat weer op ‘groen’. Alle organen en systemen zijn weer ‘normaal’ in bedrijf. En ik heb als een marmot geslapen. Joepie.

De zon schijnt, het is prachtig weer en al 25 graden. Mooi weer om een stukkie motor te rijden. Alle accu’s van de e-reader, helm, telefoon en reserve-accu zijn ook weer opgeladen. Wij kunnen onze wereldreis van 150 km vandaag makkelijk aan.

Voor mij begint vandaag de VBT: De VrijheidBlijheidToer. Dat moet ik even uitleggen. Deze traditie begon in 2006 als De TentenToer 2006. Met z’n vieren, op vier motoren en met vier tentjes naar Zwitserland. Zwitserland is een fantastisch motorland. Ik kwam er al op de motor met Janny in 1971. Met de Honda 250cc over de Furka, de Grimsel en de Süsten. Ik droom er wel eens van en zou daar dolgraag nog eens rijden.

Enfin, de TentenToer. Maar toen we eens met de motorclub in het Zwarte Woud uit onze tentjes wegspoelden van de regen, doopten we de toer om naar de TeringTentenToer. Man, man, wat een nattigheid toen.


De tententoer is inmiddels uitgegroeid tot een jaarlijks evenement met circa 20 deelnemers. We worden wat ouder en zijn wat meer op luxe en comfort gesteld. En nu zitten de meeste leden liever in een hotel. Maar je mág gerust met je tentje. Wat jij wilt. Kortom, de jaarlijkse toer heet nu de VrijheidBlijheidToer!

Kortom, de nieuwe dag is begonnen! Ik trek mijn motor uit de garage en ga op weg. Heerlijk om weer te rijden. Al is het vandaag maar een stukkie. Ik zit weer te zingen in mijn potje. De temperatuur loopt snel op naar 29 graden.

Op de pas zakt de temperatuur naar 22 graden. Ik weet bijna niet meer hoe dat aanvoelt.

Rond enen ben ik in het hotel. De kamers zijn nog niet schoon. Ik zet mijn bagage vast buiten mijn kamer en stal mijn motor in de garage.

En dan eet ik een heeeeerlijke salade. Ich darf das!

Nog een paar uurtjes en dan denderen de vrienden en vriendinnen hier het grote plein van het hotel op. Ik sta dan als welkomstcomité klaar. Ik kan niet wachten…

BEI FRAGEN BITTE KLOPFEN

Aanstaande woensdag houdt de motorclub een rustdag. Dan gaan we met de trein naar Villach.

Als OberMotorradSturmGruppenLeiter heb ik extra taken en omdat ik vanmiddag toch wat tijd over heb, zoek ik vast de wandelweg naar het treinstation, de vertrektijden van het openbaar vervoer en de prijzen uit.

Het is buiten dertig graden. Onderweg zie ik dat er dit weekend hier een feestje is geweest…..

Ik wandel het totaal verlaten treinstation in. Er heerst een doodse stilte. Dit is hier duidelijk géén Rotterdam CS…

Ik zie een kaartjesautomaat hangen en daarnaast is een loket. De zilvergrijze lamellen van het loket zijn potdicht. Ach, heb ik weer, flitst het door mijn hoofd: het is zondag en alles is weer eens gesloten.

‘Bei Fragen bitte klopfen’, hangt, geheel overbodig, tegen het glas geplakt. Uit balorigheid klop ik hard tegen het glas en roep: ‘Weer gesloten, hè! En de koelére, hoor!’

Ik spring van schrik een meter achteruit als iemand de lamellen opentrekt en vraagt wat hij voor mij kan doen…..

Whoeeehaaa!

En dit zijn ze dan. Mijn motorvrienden!

Wil jij alle andere verhalen lezen van Coos? Ga naar deze link
//ikzoekeenmotor.nl/category/coos-op-reis/  
… even scrollen en dan kun je ze onderaan allemaal doorbladeren….

Coos op Reis: een wippie

DE BALKAN – EEN WIPPIE

Het is 15 juni als ik dit schrijf voor de serie Coos op Reis. Inmiddels heb ik heel wat liters water opgedronken. Ik heb er een waterbuik van. Ondanks de zakjes ORS van de apotheek én zelfs een extra zakje magnesium, dat ik vaak na het hardlopen gebruik, sta ik vannacht heel wat keren naast mijn bed vanwege kramp in mijn benen. Ik heb zélfs kramp in mijn handen.

En ik plas nauwelijks. Kortom, ik heb nog steeds te weinig vocht en te weinig juiste stofjes in mijn lichaam. Het lammetje blaat mij om 07:00 uur wakker. Maar heeft zich wel 24 uur koest gehouden. Ik zie vooruitgang en heb hoop.

Er valt een licht regentje. Heerlijk. Het verdrijft die zinderende warmte. Het is goed om vandaag hier aan het zwembad even rust te houden. De zon komt zo, maar mag gerust ook even wegblijven van mij. Ik kan toch wel lekker zwemmen. Eerst maar even een klein ontbijtje wegwerken. Want als ik niet eet, dan ga ik dood.

De eigenaar heeft vrijdag zijn nieuwe 250cc KTM-crossmotor laten bezorgen. In een bestelauto. Dat is nou het toppunt van luxe. De banden zijn nog niet eens vuil. Hij staat naast de ingang van het hotel, gewoon met de sleutels in het slot. Zo stond hij daar ook afgelopen nacht, vertelt hij… Mijn dikke 1200 staat in zíjn garage, drie keer op slot en met het alarm aan. Veel mensen leven makkelijker dan ik, bedenk ik mij. Of ze hebben gewoon meer geld om schades op te vangen.

Het familiehotel heeft vriendelijk en correct personeel; het gebouw staat op een gigantisch terrein en net een beetje uit de stadsdrukte. Ik hoor de weg, maar het is niet hinderlijk. In het fraaie restaurant kun je fantastisch eten. De echte Italiaanse keuken! En dus géén pizza. Ik schreef al eerder: ik houd van Italië. En dit hotel Albergo Ristorante Al Ponte in Triest is een aanrader. Een mooie tussenstop als je op weg bent naar Kroatië. En daar moet je zeker eens heen, hoor.

Aan het einde van de dag, na vier grote flessen water tegen hotelprijzen à vijf euro per stuk, maar ik heb helaas geen keus, denk ik dat het wat beter met mij gaat. Zonder Diacure, maar met ORS.

Tja. Verder gebeurt er vandaag weinig in mijn leventje. En iets verzinnen of liegen doe ik nooit. Dat wéét je…. Er was trouwens verder ook niemand bij het zwembad om mee te praten. Dus boekje lezen, afkoelen in het water, dutje doen, kopje koffie, tosti etc. Lekker een dagje in mijn Nothing Box.

En je ziet het gelijk: het verslag is wat korter. Wat minder bijzonder. Minder foto’s. Ik help je met afkicken! Vanaf maandag temper ik tijdelijk mijn verslaglegging. Maar …. nu toch nog even een bijzondere afsluiter.

EEN WIPPIE

Ik zit via de familiegroepsapp met Janny en Danielle te appen. Tja, ze hebben allebei geen Facebook, hè. Mijn leven gaat voorbij zonder dat zij het weten. Hahaha. Maar we delen via WhatsApp de dagelijkse gebeurtenissen.

Ik app dat ik voorlopig even hier aan het zwembad blijf. En wellicht vanmiddag met de bus naar het strand ga. Danielle vraagt vervolgens hoelang het rijden met de bus is naar het strand. Ach, antwoord ik, dat is vanaf hier maar een wippie.

‘Hoelang duurt een wippie?’, vraagt Janny, ‘want dat is al zo lang geleden, dat weet ik niet meer zo precies…’…😍

Danielle haakt gelijk af. Ik heb geen idee waarom…

O ja, de ‘catch of the day’:

Wil jij alle andere verhalen lezen van Coos? Ga naar deze link
//ikzoekeenmotor.nl/category/coos-op-reis/  
… even scrollen en dan kun je ze onderaan allemaal doorbladeren….

Coos op Reis: Jazeker, de apotheker!

DE BALKAN – JAZEKER, DE APOTHEKER!

Het is (op het moment dat ik dit schrijf) vrijdag 14 juni, denk ik. Ik raak soms de dagen een beetje kwijt. Voor mij zijn alle dagen weekenddagen. En vakantiedagen trouwens…
We schrijven verder in de serie “Coos op Reis”. 

Ruim vóór zevenen maken de golfslag van de zee en de zeemeeuwen mij wakker. Glimlachend hoor ik vrolijke, droevige en chagrijnige zeemeeuwen met elkaar converseren. Ik luister naar die ene schorre ouwe en die twee jonkies met hun hoge piepstem. Iedereen heeft vanmorgen het hoogste woord. Bespreken ze de kwaliteit van hun ontbijt? Waar zou het toch over gaan? En zijn ze het nu eens met elkaar of juist niet? En natuurlijk zijn er de klagers, die steeds maar blijven zeuren. En het nooit ergens mee eens zijn. Altijd in verzet. Elke keer hetzelfde deuntje roepen: Kraakwaa, Kraakwaa, Kraakwaa. Het is in de wereld overal hetzelfde.

Om 08:00 uur schrik ik mij de tandjes en zit ik plots rechtop in mijn bed. Ik wist het niet, maar de geopende ramen van mijn slaapkamer liggen 20 meter van de kerk. Met haar klokkentoren. Een lawaai! Niet normaal. Maar wel een mooie tijd om op te staan. Als je naar je werk moet, tenminste.

De balkondeuren aan de zeekant staan ook open en ik kijk eerst eens minutenlang naar dit prachtige tafereel. Het lijkt mij fantástisch om hier te wonen. Elke dag de zee te zien en te horen. Ik zou er een been voor over hebben. Nou ja, een teen dan. Een kleintje.

Het is prachtig weer en inmiddels 28 graden. Ik heb geen idee wat voor weer het in Nederland is. Ik volg het niet zo.

Sommigen vroegen het al, maar het geelbruine lammetje is er nog steeds. Dank voor alle tips trouwens!

De mevrouw van het appartement en ik spreken Duits met elkaar. Zij is Kroatisch en ze spreekt het prima. Aan haar vertelde ik gisteravond al dat ik last had van Durchfall. Ze heeft mijn ontbijt voor een groot deel al op tafel in haar woonkamer klaargezet. Ze gebiedt mij te gaan zitten en begint in de keuken te rommelen. Zó, dat is goed voor jou, vertelt ze. Lekker opeten. Zie foto…. Hatseflats. En ook de tomaten en de komkommers opeten, gaat ze verder. Alles uit mijn tuin. Zo lekker heb je ze nog niet gegeten. Zou ze toch net wel haar handen ….?

Wat een schat van een mens is het. Ze doet dit al veertig jaar. En iedereen komt altijd naar haar terug, ratelt ze verder. Dat snap ik best. Haar man is zes jaar geleden overleden, vertelt ze met vochtige ogen. Ik zou wel met haar willen trouwen. Dan krijg ik vast korting als ik weer zo’n appartement bij haar huur. Maar dat doe ik natuurlijk niet. Janny is gisteren pas 68 geworden. En zij is al 70. Dat is geen goede deal. Dan ga ik er op achteruit. En zij heeft hier vast geen AOW. Van Janny word ik slapend rijk. Waar denken jullie anders dat ik van op vakantie kan, huh?

Nederlanders staan bij haar in een extra goed blaadje. Nederlanders zijn op afstand haar betere bezoekers, beter dan alle andere gasten, vertelt ze. Nederlanders zijn vriendelijk, innemend, relaxed en niet afstandelijk. Leuk om te horen, hoor. Ik doe dan ook net alsof ze het over mij heeft… Als ze naar een ander land zou verhuizen, gaat ze verder, dan zou ze naar Nederland verhuizen. Wat leuk om te horen. Wellicht kunnen we ruilen. Zij naar het druilerige Nederland, met haar miljoen regeltjes waar anderen beter van worden en waar ik zelf niks aan heb, en Janny en ik aan zee wonen. Ik vind het een goede deal.

Na mijn ontbijt neem ik een Diacure in als verzekeringspremie. Het knijpt de anus samen, staat in de bijsluiter. Fijn. Precies wat ik nodig heb. Hoef ik dat tenminste niet de hele dag zelf te doen. Toiletbezoek leidt mij teveel af en gaat ten koste van mijn concentratie op de weg. Maar voor de zekerheid trek ik toch de van thuis meegenomen en ver naar beneden gezakte reserve-pleerol in mijn zijtas omhoog… Je weer ut maar nooit.

Ik vertrek vandaag richting Triëst in Italië. Dan wil ik zaterdag een rustdag inbouwen en zondag met een korte rit naar Oostenrijk rijden en daar ‘s middags een beetje wandelen.

Zondagavond tref ik dan mijn motorclub MC Zegveld in Oberdrauburg in Oostenrijk. We zijn daar tot vrijdag met een grote groep: twintig motorrijders. Deze toer organiseer ik jaarlijks. Das een oude traditie.

Tijdens deze dagen worden mijn persoonlijke reisverslagen dan wat korter. Anders kost dat teveel tijd. Als ik met de motorclub ben, dan moeten we ’s avonds schnitzels eten, bier drinken, schuine moppen vertellen, Coyote spelen en ouwehoeren. Tuurlijk schrijf ik een paar regels over de belevenissen van die dag en maak ik voldoende foto’s. Als ik tijd heb…

Mijn hospita loopt met mij mee en zwaait mij uit. Na een kwartier zit ik al weer te genieten en te sturen op de kustweg. Het gaat van links naar rechts. Wat een genot om hier te mogen rijden. Fantastisch. De route is nu van zuid naar noord en we rijden met het licht mee. Dat geeft een nog fraaier beeld en de kleuren komen nog sprankelijker uit. Super.

Ik maak, met een behoorlijk sportief tempo, een rechterbocht en kom bij de apex een oude witte bestelauto tegen, die half op mijn weghelft rijdt. Wat een levensgevaarlijke oetlul. De chauffeur heeft aan zijn kant het autoraam open. Net als ik er langs daver, claxonneer ik met mijn speciaal gemonteerde extra luide hoorn. De chauffeur springt van schrik bijna op de stoel van de bijrijder. Dat zal je leren, halve zool. Blijf gewoon op je eigen baan. Grrrr….! Al weer een bijna-dood-ervaring. Tja, als je zo’n auto raakt, dan hoef je je helm niet persé op te hebben, hoor.

Mijn pauze gebruik ik om de resterende Kuna’s in mijn tank te gooien. Inwisselen heeft geen zin. Ik blijf Nederlander, hè.

Ik rij een poos samen op met een Oostenrijker en zijn duo. Ik houd ruim afstand. Ik wil hem persé niet opduwen. Hij rijdt voor.

We gaan lekker en rijden sportief. Als ik echter zie dat het voor hem een wedstrijd wordt en hij samen met zijn duo levensgevaarlijke inhaalmanoeuvres uithaalt, laat ik hem gaan en stop om wat water te drinken. Als ze voor mijn neus verongelukken sta ik mooi voor Jan Lul met mijn drie overgebleven pleistertjes.

Het is warm en ik zie een paar keer de 33 graden voorbijkomen. Er is bijna nergens schaduw. De zon staat zowat recht boven ons; het is ook bijna de langste dag.

Ik vermijd de snelweg om zo de langdurige grenscontrole te omzeilen. Daar zie ik enorm tegen op. Bij de Kroatische grens staat niemand. Het interesseert ze niet als je vertrekt. En .. bij de grens van Slovenië is geen file. De beambte ziet gewoon aan mijn betrouwbare Rotterdamse ponem dat ik geen armlastige en werkzoekende Afrikaan ben. Ik mag zo doorrijden en daar ben ik heel erg blij om.

Om 15:00 uur is het tijd voor een zout groentensoepie en een cola. Dat blijkt een soort erwtensoep te zijn. Wellicht niet zo’n heel handige keus. Tegen zevenen vind ik in Italië een mooi hotel met een zwembad. Daar ga ik morgen op een bedje mijn boekje lezen. Maar ik ga eerst even heerlijk naar het toilet. Ik kijk er naar uit. En dan zondagmorgen door naar Oostenrijk. Mooi plan!

JAZEKER, DE APOTHEKER!

Dochter Danielle en motormaat / dokter Hans adviseren allebei om ORS bij een apotheek te kopen en dat in te nemen. Om schaarse stofjes in mijn lichaam aan te vullen. Dus storm ik dorp ÉÉN in en kijk ik scherp om mij heen of ik een apotheek zie. Noppes.

Bij dorp TWEE schiet ik een autochtoon aan om mij even een apotheek aan te wijzen. Zij snapt werkelijk helemaal niets van mijn vraag.

Dorp DRIE blijkt een flinke stad te zijn. Ik ram mijn kasteel de stoep op en stap met mijn zware laarzen de vloer van de Toeristinfo op. Uitgebreid vertelt men mij hoe ik snel bij de pillendraaiers kom.

En dan begint het. Het is vréselijk druk en hectisch in de stad. En abnormaal warm. Luxe auto’s, stinkende diesels, dubbel geparkeerde vrachtauto’s, autobussen met een strak schema, overal tussendoor racende scootertjes, overstekende winkelende mensen, luchtig geklede scholieren in groepen, een loslopende hond, motorrijders die willen dat je naar hen terugzwaait, en iedereen weet hier precies de weg behalve ik, en potver, zei die dame nu dat ik hier links moest of pas bij de volgende zijstraat?

Kut. Te laat. Het was hier… Ik sta op een éénrichtingsweg en ben tien meter te ver. Doorrijden betekent de hele stad weer door. En het is zo fucking heet en zo druk. Teringjantje.

Ik wandel mijn motor zachtjes achteruit. Maar gelijk komt een auto achter mij staan die juist daar ff dubbel wil parkeren. Het water loopt van mij af. Ik word gek. Maar ik zal die zooi nu kopen en nu opvreten! Het moet en het zal!

Tja… Achteraf denk ik dat ik ook andere stofjes te kort kwam. Ik was het plots zo zat en ik werd zo vreselijk pissig op die koelére hectiek. Ik draaide mijn kasteel een kwart slag, zette hem midden op de weg, draaide hem vervolgens weer een kwart slag om en reed tien meter dwars tegen de stroom in. Ze toeterden en gebaarden, terwijl ik hard in mijn potje riep:

JAAAZEEEEEKER, ik moet potverdorie ff naar de apotheeeeeker!

ORS gescoord. Gelijk ingenomen. Gatver. Vies, man!

Nog wat voor The Catch of The Day


Wil jij alle andere verhalen lezen van Coos?
Ga naar deze link
//ikzoekeenmotor.nl/category/coos-op-reis/  
… even scrollen en dan kun je ze onderaan allemaal doorbladeren….

Coos op Reis: het lammetje blijkt hardnekkig

DE BALKAN – HET LAMMETJE BLIJKT HARDNEKKIG

We gaan verder in onze serie Coos op Reis. Al enkele jaren schrijft Coos de mooiste reisverhalen op onze website.

We hebben in zijn rubriek al meer dan 90 verhalen gepubliceerd. Je vindt ze via deze link.

Mostar is de heetste stad van Europa, vertelt de eigenaar van het hotel. Het was gisteravond laat dan ook nog bloedheet in de stad. Toch trok ik om 23:00 uur op het terras een truitje aan en stapte rond twaalven rillerig mijn bed in. Ik voelde mij toen al niet lekker…

Om 01:00 word ik plots wakker. Het is pikkedonker en ik ben misselijk. En niet zo’n beetje. Het rommelt overal. Alsof de oorlog in Bosnië terug is.

Ik kijk een paar minuten naar het plafond, besluit dat het niet goed gaat, stap snel mijn bed uit, vergeet in de haast mijn brilletje met jampottenbodempies sterkte -5, zie daardoor in het donker de verhoogde drempel naar de badkamer niet en stoot vreselijk mijn teen. Ondanks de erg lelijke woorden, die indruisen tegen mijn gereformeerde opvoeding, haal ik de wasbak nog maar net. Een seconde later verlaat het lammetje  mijn lichaam. Ze komt binnen 10 minuten nog een paar keer in golven terug. En dan is de rust weergekeerd. Ik val weer snel in slaap.

Om 02:00 uur word ik weer wakker en dient het lammetje zich aan op een plek van mijn lichaam waar de zon nooit komt. Een klein sprintje, waarbij ik rekening houd met de drempel naar de badkamer, zorgt ervoor dat ik ‘s nachts niet hoef te wassen. Ik val daarna weer vlot in slaap.

Om 03:00 uur hoor ik buiten iemand een paar keer een motor starten. Het lukt ‘m niet. Kort daarna timmert iemand ergens op een stuk ijzer. Teringjantje… Ik vecht een halfuur tegen de aandrang om met mijn Rocky-1 mes in mijn blote kont te gaan kijken of ze aan mijn motor aan het rotzooien zijn. Die heb ik immers met gevaar op krassen en deuken een smal hellend vlak opgereden en uit het zicht, strak naast het hotel, geparkeerd. Mooi verhaal, maar hij staat wél buiten….

Om 05:00 uur flikkert in mijn kamer met een oorverdovende klap één of ander schilderij naar beneden. Het valt bovenop het keiharde parket en spat uit elkaar. Alsof er een mortiergranaat inslaat. Nu is het hier écht weer oorlog, denk ik even. Als ik ga kijken, zonder mijn -5 brilletje, zie ik in het donker ongeveer wat er is gebeurd. Het kan niet waar zijn. Ik stap mijn bed weer. Het duurt nu een poosje voordat ik slaap.

Ok. Vannacht is mij weinig slaap gegund, vind ik. Ik hoef gelukkig morgen niet naar mijn werk. Om 09:30 uur vertrek ik. Maar ik voel mij niet fit. Ben een beetje wiebelig. Maar dat is mijn motor ook, dus het moet saampies lukken. Here we go… Natuurlijk heb ik antirace-tabletten bij mij. Maar daar ben ik altijd wat voorzichtig mee, want dan houd ik binnen wat naar buiten wil.

Tja, ik eet natuurlijk ook drie keer per dag het eten dat anderen voor mij bereiden. Je moet er maar vanuit gaan dat alle kokkies de regels van hygiëne in acht nemen. Wassen zij hun handen na toiletgebruik, reinigen zij het gebruikte materiaal goed en maakt het schoonmaakpersoneel deurknoppen, kranen etc goed schoon? Werkt men in de keuken op een ordelijke manier? Je weet ut niet. Ik heb overigens wel een beetje smetvrees, realiseer ik mij. Anders koop je onder Tilburg immers geen water in flessen.

Maar goed! Op pad! Het is prachtig weer en nu met 27 graden al lekker warm.

Ik vertrek uit Mostar. Heb vannacht mijn plan gewijzigd. Ik verlaat per vandaag Bosnië. Het is niet mijn land. Teveel culturen bij elkaar. Teveel tegenstellingen, zienswijzen en uitingen. Ik voel mij minder vrij hier en ben immers onderweg naar de Vrijheid-Blijheid-Toer met mijn motorclub in Oostenrijk. Ieder zijn mening en zijn geloof, maar ik ga terug naar Kroatië. Dat is een vakantieland. Meer zeg ik er niet over.

Ik creëer een mooie route en rijd avontuurlijk binnendoor. De wegen zijn half verhard en soms deels onverhard. En vaak erg smal. Het is een mooie en spannende trip terug naar de kust.

Ik fotografeer wat mooie bloemen. Het ministerie van Buitenlandse Zaken gaf code geel als reisadvies af voor Bosnië. Dat wist ik voor ik vertrok. Ik blijf hier dan ook altijd op het asfalt en durf vanwege eventuele mijnen niet van de gebaande wegen af te wijken. Onderweg zie ik veel zwerfvuil en illegale stort van vuil. Complete wasmachines, televisies en bankstellen. Het is werkelijk asociaal. En op de wegen zie ik nogal wat slangen. Dood en levend. Het asfalt is natuurlijk lekker warm. Daar houden ze van. Ik ook, als het niet te gek is tenminste. Het is inmiddels 35 graden.

Via mijn fantasieroute kom ik terug richting Kroatië. Via het scherm van mijn Garmin navigatiesysteem kies ik wat piepkleine weggetjes uit en kom via een gehucht de grens over. Gelukt! Er is hier geen file en de grenscontrole is een fluitje van een cent. De politieman vraagt zelfs de kentekenpapieren van de motor, maar als ik bereidwillig afstap om mijn topkoffer te openen, gelooft hij het wel en mag ik zonder verdere controle doorrijden. Ik maak nog even een praatje. Hij vertelt dat overdag in de bossen patrouilles met honden lopen en dat ’s nachts drones met infraroodcamera’s vliegen. De Europese Unie houdt haar grenzen daar goed dicht.

Om 13:00 uur stop ik in Promajna mijn motor. Ik wandel een schaduwrijk terras op. Het ligt nog een tien meter van zee en er staat een heerlijk windje. De ober verwacht dat ik een halve liter bier wil hebben en rent al bijna weg. Nou, dan flikker ik vanmiddag echt van mijn kasteel, hoor. Of over één of ander muurtje.

Maar als je niet eet, dan ga je dood. Dus ik bestel een lichte lunch, maar laat zelfs daar nog een deel van staan. Het water smaakt mij eigenlijk nog het beste. Ik heb zo’n krankzinnige dorst de hele dag.

Ik heb op dit tijdstip al meer dan anderhalve liter vocht op. Zou ik suikerziekte hebben? Ik ga weer snel op mijn buddyseat zitten. Dat voelt lekker veilig…

Rond 16:00 uur meldt het lammetje zich weer aan. Ik zet mijn tanden op elkaar en vervolg mijn weg. Rond 16.30 uur kies ik voor een stuk snelweg om wat eerder bij mijn privé-toilet te zijn. Ik heb een afschuw om op een vreemd toilet de broek te laten zakken. Vréselijk. Jaja, ik weet ut, ik ben een Sissie. Maar het is aangeboren, want ik had het als kind al. Ik heb vrienden die zelfs in een drukke en bezeken kroeg gaan zitten bouten. Nou, mij niet gezien.

Maar het lammetje dringt nu wel héél erg aan. Ik knijp ferm de billen bij elkaar en probeer aan iets anders te denken. Bij Starigrad gooi ik de handdoek in de ring. Ik ben kansloos. De krachten zijn werkelijk enorm. De natuur wint. Het lammetje wint. Het water staat mij op de rug. Ik moet, ik moet, ik moet… Ik kan aan niets anders denken.

Bij het eerste de beste restaurant knijp ik de rem in, gooi de machine op de zijstandaard, laat de boel de boel en trek een sprintje het restaurant door terwijl ik als een debiel roep ‘toilet? toilet? toilet?’. Ik haal het … nét. Met mijn motorlaarzen aan en met mijn dikke motorbroek aan. Op het nippertje… En ik vergeet niet om tijdig mijn bretels veilig te stellen. Ook niet onbelangrijk. Hèhèhè…

Ik heb vandaag ruim 300 km gereden. Het is mooi zat. Dus wandel ik hier zomaar een stukje de boulevard op, spreek een vrouw aan van in de zeventig die in haar tuin staat te werken en vind bij haar een prima appartement. Het ligt direct aan zee en het heeft een prachtig uitzicht over het water. Haar woonkamer op de begane grond is van haar en van haar gasten.

Fantastisch!

Nog wat gevangen voor The Catch of the Day.

 

Wil jij alle andere verhalen lezen van Coos? Ga naar deze link
//ikzoekeenmotor.nl/category/coos-op-reis/  
… even scrollen en dan kun je ze onderaan allemaal doorbladeren….