Categorie archieven: Gastcolumns & blogs

Motoragenten begeleiden een MICU

Dit artikel mochten we plaatsen met toestemming van het Politie Team Motorondersteuning.

Na ruim 300 km te hebben gereden om La Vuelta te verkennen, zitten we gezamenlijk bij de debriefing in Driebergen. De dienst zit er bijna op. De motoren zijn inmiddels gewassen en afgetankt voor de volgende dag. De wapens – dienstpistool, pepperspray en wapenstok – liggen in de kluis, als de planner de personeelsruimte binnen komt lopen.

“Ik heb vijf man nodig voor een begeleiding van een MICU van Amsterdam naar Groningen. Wie heeft er tijd?” Meteen steken meer dan vijf man – ons team bestaat op dit moment alleen uit mannelijke motorrijders – hun hand op. “Jullie horen zo van mij. Ik krijg zo meer informatie van Politie – Afdeling Infrastructuur Amsterdam”, reageert de planner op de vele snel opgestoken handen.

Een MICU, een Mobiele Intensive Care Unit, is een ambulance die opgebouwd is als intensive care. Alle voorzieningen om een patiënt van de intensive care te vervoeren, inclusief verpleegkundigen en artsen, zijn aanwezig tijdens een rit van de MICU.

Even later komt de planner terug: “Ik heb twee mensen nodig die nu weg kunnen. De MICU vertrekt over 35 minuten vanaf het Amsterdam UMC!”. Meteen springen twee mannen op om vijf minuten later met toeters en bellen het bureau te verlaten.

Vóór het tijdstip dat de MICU zou vertrekken, melden de twee motoragenten zich bij de spoedeisende hulp van het ziekenhuis in Amsterdam. De MICU van Ambulance Amsterdam – Kennemerland staat al klaar. Even later arriveert ook een VTB-opgeleide collega van Amsterdam evenals een koppel van Landelijke Eenheid Noordwest.

Via de mobilofoon melden zich ook de verkeerscentrales van Rijkswaterstaat. Zij monitoren de route voor de begeleiding en plaatsen eventueel rode kruizen boven de weg, mocht dat door omstandigheden nodig zijn.

Bij een begeleiding van een MICU is de patiënt er meestal erg slecht aan toe en wordt deze overgebracht naar een vaak meer gespecialiseerd ziekenhuis. Bij zo’n transport gaat het niet om de snelheid, maar om stabiliteit. Elke onverwachte beweging kan vervelende gevolgen hebben voor de patiënt en voor het personeel dat hard aan het werk is achterin de ambulance. Daardoor moet de chauffeur van de MICU zijn snelheid vaak aanpassen aan de omstandigheden achterin zijn auto, oneffenheden in de weg en bochten. Dit alles is dan ook de reden dat wij zo’n ambulance begeleiden en zorgen dat het verkeer op afstand blijft. Uiteindelijk vertrekt het transport anderhalf uur later dan gepland.

In goed overleg verdelen de drie motoragenten de taken. De motorrijder van Amsterdam neemt de rol van commandant op zich, terwijl de twee motoragenten van ons team ervoor zorgen dat de weg vóór de ambulance vrij is. Daarnaast signaleert de voorste van motorrijder eventuele oneffenheden in het wegdek, zodat de MICU tijdig zijn snelheid kan aanpassen. De tweede zorgt ervoor dat het verkeer, dat door de eerste motorrijder naar de rechter rijstrook is gestuurd, ook daadwerkelijk daar blijft rijden. De commandant is de laatste buffer en tevens de gids voor de ambulance. Het snel interventievoertuig van de Dienst Infrastructuur Noordwest van de Politie Landelijke Eenheid heeft geen actieve rol in de begeleiding. Mocht de MICU onverhoopt op de autosnelweg moeten stoppen, dan zorgt dit koppel ervoor dat het verkeer op de autosnelweg tot stilstand wordt gebracht.

De rit verloopt voorspoedig. Het is erg rustig op de weg. De meeste weggebruikers wachten gelaten totdat de grote ambulance voorbij is, op een enkele vrachtwagenchauffeur na. De tweede motorrijder reed met blauwe knipperlampen schuin achter de vrachtwagenchauffeur en schuin voor een bestuurder van een auto met caravan om deze op de rechter rijstrook te houden. De chauffeur was het hier niet mee eens en wilde toch gaan inhalen. De motoragent greep direct in waardoor het extra oponthoud voor de ambulance werd voorkomen. Non-verbaal uitte de chauffeur zijn ongenoegen aan de motoragent en leek hij aan te geven dat hij vond dat hij nog wel even vóór de MICU een collega vrachtwagenchauffeur kon inhalen.

Na 1 uur en 45 minuten arriveert de MICU in het UMCG – Universitair Medisch Centrum Groningen. Na een korte evaluatie van de rit, keren alle betrokkenen terug naar hun standplaats. Iedereen kijkt terug op een erg prettige samenwerking. Zowel onderling als met de externe partners.

Terug in Driebergen staan er inmiddels 720 kilometers op de dagtellers van de motoren. Moe na een hele lange dag met veel kilometers, maar voldaan stappen de collega’s onder de douche voordat ze naar huis gaan. Morgen weer een nieuwe dag, wie weet wat deze dag met zich mee gaat brengen. In elk geval het verkennen van een andere etappe van La Vuelta.

Politie Team Motorondersteuning is een klein team van 24 fulltime motorrijders. Zij zijn gespecialiseerd in het verkeerstechnisch begeleiden van bijzondere transporten, met name in het kader van bewaken & beveiligen. Zo worden zij onder andere ingezet bij VIP-bezoeken, hoog risico transporten, (inter)nationale wielerwedstrijden en interregionale ambulancebegeleidingen.

Bron: de Facebookpagina van Politie Team Motorondersteuning

Jan Braber bouwt verder aan zijn Yamaha XJ900

Eind mei schreef kunstenaar Jan Braber ons over zijn nieuwe project.

Je leest dit vorige eerste deel in deze link.

Vandaag publiceren we het vervolg.
Jan schrijft ons zijn Deel 2:

Project van de bouw van een caféracer op basis van een Yamaha XJ900.

Het plan is een caféracer of scrambler te bouwen en uiteraard heb ik een paar voorbeelden op mijn computer staan. De motor loopt, het schakelwerk is in orde en de remmerij werkt en het cardan klinkt gezond en er zijn geen lekkages of ”zwetend blok”.

Het eerst wat moet gebeuren is alle noodzakelijke aanpassingen uitvoeren en de motor volledig opbouwen. Daarna moet alles weer uit elkaar, het frame gepoedercoat, andere onderdelen gespoten en sommige delen zullen worden verchroomd. Tevens begint dan de revisie daar waar nodig. In ieder geval moet de voorvork van nieuwe sterkere veren worden voorzien en nieuwe keringen. Zo zal dat ook bij andere delen het geval zijn, maar dat zien we al werkende weg.

Het blok ga ik grondig schoonmaken, de deksels polijsten, de cilinders worden zwart en het kleppendeksel wordt aluminium gepolijst of verchroomd. Het stuur wordt ofwel ‘clip ons’ of een superbike stuur of zelfs een drag bar. Kortom veel werk en ik trek er globaal genomen een jaar voor uit. Ik werk er op aan om de motor maart/april 2023 op de weg te hebben.

Aan het werk

Eerst veel denkwerk, welke tank, de lengte van de spatborden, de vorm van het zitje. Tegelijkertijd wat schoonmaakwerk gedaan. De zoektocht naar geschikte spullen op het net neemt veel tijd in beslag. Er is een afspraak gemaakt voor een aluminium tank, we gaan kijken of ie past. Intussen wat modellen gemaakt van karton.

Dan ook maar is een stukje aluminium opknappen om te kijken hoe het werkt en of het werkt. Daar heb ik een schetsplaat voor gebruikt. Ik weet zeker dat ik die niet meer ga gebruiken. Dus eerst opschuren met schuurpapier, te beginnen met korrel 180, dan 280 en vervolgens waterproof 1000 en daarna 2000 en 3000. Vervolgens polijsten met Belgom en ziedaar het resultaat.

Perfect is het nog niet, maar de richting is helder en bruikbaar voor de deksels. Het is nog niet helemaal duidelijk of ik de deksels zal laten verchromen. Dat hangt af van het totaalbeeld en is pas later goed te zien.

Intussen zijn de nieuwe uitlaten binnen gekomen. Die zijn van RVS en kunnen met een verloopstuk direct op de collector worden aangesloten. Er zitten dempers in, maar op het oog weet ik al dat de XJ harder zal gaan praten. Hoe hard en of dat acceptabel is dat laat nog even op zich wachten. Desnoods moet er een aanpassing aan de dempers plaatsvinden. Aan de andere kant moeten we ook tegenwicht bieden aan die scheerapparaten als de Zero’s die op de weg dreigen te komen.

Ik heb een aluminium tank op het oog van een particulier. De moeilijkheid voor het vinden van een passende tank is het vaste gegeven van het frame en die van de ”vreemde” tank. Inmiddels al vele tanken voorbij zien komen en her en der wat maten opgevraagd om vervolgens tot de conclusie te komen dat het niet past. Wat ik wil voorkomen is dat ik de tank moet (laten) verbouwen. De verkoper van het aluminium exemplaar woont 160 km bij mij vandaan. Dus of motor gaat naar verkoper tank of verkoper tank komt naar motor. Dat laatste is hij bereid te doen en te combineren met een dagje strand met het gezin. Wat een geluk toch te wonen in een vakantieland als Zeeland.

In afwachting van de tank eerst maar het uitlaatsysteem aanpakken.

Het loshalen gaat met enige moeite. De moertjes op de tapeindjes van de cilinders eerst verschillende keren in de kruipolie gezet en daarna voorzichtig kracht erop gezet. En het geluk is aan mijn zijde, allemaal zonder problemen losgekregen.

De bochten uit de collector gingen ook met moeite los door weer kruipolie te gebruiken. De collector ziet er beroerd uit, maar bij nadere inspectie zijn de metaaldelen toch nog “gezond”. Na het verwijderen van de sierplaten aan de zijkanten kan het schoonmaken en schuren beginnen.

Inmiddels hittebestendige verf besteld voor de collector. Zowel de 4 bochten als de buitenste buizen van de collector worden met uitlaatwrap omwonden. Met de aanschaf van de wrap wacht ik nog even om de juiste kleur te kunnen bepalen.

Na behoorlijk wat schuurwerk is de collector behoorlijk schoon en klaar om gespoten te worden.

De vier genummerde bochten krijgen een zelfde behandeling. Ze zijn te veel aangetast om als prachtig gepolijste bochten verder door het leven te gaan, maar met wrap eromheen gaan ze het goed doen. Wat volgt is het pas maken van het aansluitstuk van de uitlaat op de collector. Er moet een paar millimeter van het passtuk af. Het mooie van de collector is dat het laatste stuk al wat omhoog gebogen staat, zodat de uitlaat in een fraaie sprekende positie op de motor komt te zitten.

Dan komt de zoektocht naar de bevestiging van de uitlaten. Eerder schreef ik dat ik de schetsplaten niet meer zou gebruiken. Daar moet ik op terugkomen, want ik het er aan weerkanten 2 bruikbare delen uit kunnen halen om de uitlaten te bevestigen.

Na veel schuur en poetswerk volstaan ze voorlopig en vormen ze een stevige bevestiging.

Wordt vervolgd in deel 3.
Met hartelijke groetJan Braber

Leestip: het eerste interview met Jan op onze site, lees je via: //ikzoekeenmotor.nl/jan-braber-zijn-motorfiets-moet-een-kunstwerk-zijn/

De beste tips voor een motorvakantie

Onze partner MVS Motormakelaardij levert ons regelmatig leuke artikelen aan.  Er zullen al vast heel wat motorrijders met hun motor op vakantie zijn, maar er zullen er ook nog vast veel gaan vertrekken. Misschien denk jij al een tijdje na over een mooie motortrip. De volgende tips zijn dan altijd goed om eens na te lezen. Hier komen ze:

De 6 beste tips voor een motorvakantie

De zomer is in volle gang, tijd om je motor tevoorschijn te halen en de leukste routes af te leggen. Onderweg genieten van de mooiste wegen, viewpoints en dorpjes. De reis onderweg is namelijk net zo mooi als de vakantie zelf! Ga jij voor een eerste keer op pad met de motor? In dit artikel lees je de beste tips voor een motorvakantie zodat je helemaal bent voorbereid!

Tip 1: Wees goed voorbereid

Natuurlijk is het heerlijk om op de motor te stappen en wel te zien waar je uiteindelijk overnacht. Is dit toch niet helemaal jouw ding? Zorg er dan voor dat je de route van tevoren hebt uitgestippeld en de overnachtingen zijn geboekt. Wist je dat er zelfs speciale motorhotels zijn? Deze hotels beschikken bijvoorbeeld over een ruime stalling en ruimte om je motorkleding op te hangen. 

Vergeet je ook van tevoren niet te verdiepen in de verkeersregels van het land van jouw bestemming, zeker met betrekking tot het motorrijden. Zo weet je wat wel en niet mag en kom je niet voor verrassingen te staan. 

Tip 2: Zorg voor de juiste verzekeringen en wees voorbereid op pech 

Zorg ervoor dat je over een motor- en reisverzekering beschikt en kijkt naar een eventuele pechhulp verzekering. Er zijn verschillende mogelijkheden om dit risico voor een paar euro per maand af te dekken. Een kleine moeite, en het kan je op het moment van pech enorm helpen. Neem verder ook de noodzakelijke onderhoudsmiddelen zoals motorolie, kettingspray of vizierreiniger en een bandenreparatiesetje mee zodat je in het geval van pech zelf aan de slag kunt. Ook trekbandjes kunnen fijn zijn als er iets defect of los is van de motor.

Maak daarnaast voor vertrek foto’s op je telefoon van je paspoort en rijbewijs. Mocht je deze documenten kwijtraken, heb je voor nood altijd de juiste documenten op zak om de belangrijkste zaken te regelen. Reis je met meerdere personen? Neem dan vooral een reservesleutel mee, altijd handig als die van jou kwijtraakt. 

Tip 3: Zorg voor een goede motor en de juiste kleding

Deze tip voor een motorvakantie klinkt erg vanzelfsprekend, maar wil je zo goed mogelijk voorbereid zijn, laat dan vooraf je motor nog even helemaal checken bij een garage. Denk hierbij aan de olie, bandenspanning en remmen. Zorg er daarnaast voor dat je over de juiste motorkleding, goede motorschoenen en natuurlijk een veilige helm beschikt. Wel zo fijn!  

Bereid je hierbij goed voor op de eventuele temperatuurverschillen. In de bergen kan het bijvoorbeeld in het dal gerust een graad of 30 zijn, terwijl het aan de top al gauw een stuk frisser is of zelfs sneeuw kan liggen.  

Tip 4: Neem niet te veel bagage mee

Je motor is geen pakezel! Probeer maximaal voor een week lang kleding mee te nemen, in de meeste hotels of verblijven kan je namelijk ook je kleding wassen en dit scheelt veel op je motor. Weet je zeker dat je niet gaat kamperen tijdens de motorvakantie? Laat dan alle kampeerspullen en andere overbodige spullen lekker thuis. Bind daarnaast de zware spullen in het midden en de lichte spullen achter op de motor voor de beste balans. 

Tip 5: Ontmoet nieuwe mensen

Deze tip geldt eigenlijk voor alle vakanties. Reis buiten het hoogseizoen! Ook al kan je met je motor tussen alle files doorrijden, drukke wegen en bestemmingen zijn super vervelend. Vergeet niet dat reizen in het laagseizoen daarnaast flink kan schelen in je portemonnee. 

Tip 6: Geniet van je motorvakantie! 

De beste tip voor een motorvakantie, geniet! Een eerste motorvakantie kan je behoorlijk wat stress van tevoren geven. Probeer dit los te laten en stap gewoon op je motor. Rij de route die je van tevoren hebt bedacht en geniet van de prachtige omgeving en de plekken die je met de motor ontdekt. 

Dit waren 6 handige tips voor een motorvakantie zodat jij helemaal bent voorbereid! Met dank aan Motormakelaar.com.

Wat een rit!

Als je na meer dan 50 jaar samen opeens alleen moet, dan is daar geen handboek voor. Elke ‘eerste’ is ervaren. Soms valt het mee, soms verschrikkelijk tegen. De eerste nacht, de eerste dag, de eerste verjaardag en de eerste vakantie. Je kan ze niet overslaan, niet ontwijken en dus vang je de klap maar op zodra die komt. Voorbereid of niet.

Na 18 jaar koos je een paar weken geleden weer voor de motor. ‘Alleen met mooi weer hoor’, meldde je. En het is goed paps. Het geeft je de vrijheid om nieuwe wegen te vinden en de mensen en plaatsen op te zoeken die je liefhebt. Op je 77e. Man ik vind je stoer. Je kwam erop naar Frankrijk, dan had je tenminste een doel. En je reed na een paar dagen samen via Zwitserland naar ons Lermoos. ‘Even je moeder opzoeken’, zei je quasi nonchalant. Een paar duizend kilometer in totaal. ‘En als het toch regent dan?’, vroegen wij. Geen probleem zei je ‘ik rijd toch binnendoor … ‘.

– die hoorden we niet voor het eerst –

 

Bovenstaand verhaal is geschreven door Bernard Klaassen, tekstschrijver, marketingstrateeg en ygenaar van Ygenzinnig.nl.

Meer schade aan hun ego dan aan de motorfiets

Regelmatig plaatsen we hier een verhaal van Dolf Peeters. Dolf is geboren met de helm. Een valhelm. Omdat het leven een avontuur is.

Motorrijdend Nederland kent Dolf vooral van zijn unieke columns en verhalen in AUTOMOTOR Klassiek.

“Ben zooi aan het opruimen. En dan vindt je nog meer reisherinneringen:

Als je niet altijd je oude motor hebt ingeruild, maar er af en toe gewoon eentje bijgekocht hebt, dan heb je na verloop van tijd best wat oude dingen in de schuur staan. Als je de enige niet bent met die verder onschuldige afwijking, dan is het leuk om eens per jaar wat oud ijzer te voorschijn te halen voor een lang weekend weg.

Dit jaar gingen we voor onverdund avontuur. Of zo. We besloten naar Italië te gaan om weer eens de Stelvio te pakken. Net als vroeger. We keken op Internet: de Stelvio was er nog steeds. Dus we konden gaan.

Eenmaal in de buurt viel ons op dat er blijkbaar gloednieuwe zware allroads, adventure-motoren, Ducati’s en KTM’s waren uitgedeeld in de regio. En dan ben je niet eens verbaasd dat al die motards ook in de meest actuele, trendy motor outfits gestoken zijn.

Ons kwartet, en ik moet eerlijk zeggen onze verschijning, stak daar wat povertjes bij af. Maar ach, wij rijden voor ons plezier en niet voor het uiterlijk vertoon. Dat is natuurlijk een zwaktebod, maar onder elkaar komen we ermee weg. De ochtend van onze eerste dag zaten we na een laat ontbijt nog wat cappuccini te verdelgen toen er een fraai geboetseerde dame op ook alweer zo’n showroomshine Ducati aan kwam.

We dachten eerst blij verrast dat ze alleen bodypainting droeg, maar het was haar motorpak. Dat was waarschijnlijk dicht gestikt terwijl zij er al in zat. En haar motorlaarzen? Dat waren stilletto’s in dezelfde styling als haar pak. Natuurlijk waren haar helm en handschoenen ook ‘matching’ bij haar kleding en haar moto. Goed. Ze draaide de parking voor ons terras op….

En smakte tegen de grond. We bleven even zitten omdat we dachten dat dat misschien een nieuwe trend was, maar stonden toch maar op om haar en haar motorfiets overeind te zetten. Toen ze stond, stond ze scheef. Eén van haar hoge hakken had het tijdens de landing begeven. We begeleiden haar naar een tafeltje.

Ze kreupelde als een mank paard. Eén van ons, een man met een Über Romantische hang naar het Wilde Westen, was nog bezig met de Duc en keek ons, de drie andere ridders en de gevallen prinses na. Later droomde hij weg: “Haar billen bewogen als twee jonge coyotes in een jute zak”. Dat bedoelde hij poëtisch romanties. Niet veterinair.

Omdat we niet in functie van ridders op witte paarden waren, trokken we verder ons plan. Aan iemand die met stilletto’s aan de Stelvio bedwingen wil, daar moet je niet teveel aandacht aan besteden. In de dagen daar op pakten we de Stelvio vier keer. Dat was erg leuk. Onze oudgedienden genoten er ook van. Ze bewezen ook dat wegligging, vering en remmen van 40+ jaar jonge machines op een heel ander plan staan dan tegenwoordig. Spannend! Ze gaven geen klap verkeerd en bewezen dapper dat 50-60 paarden voldoende zijn om dikke pret te hebben.

Bij onze passenpakkerij viel trouwens wel op dat ‘omvallen in haarspeldbochten’ blijkbaar tot een voor ons tot op dat moment onbekend facet van het motorrijden is. We moesten vier keer een tussenstop maken om gevallen motorrijders te helpen met weer opstaan. Ze hadden stuk voor stuk meer schade aan hun ego dan aan hun machines. Alleen al omdat omdat schades aan bijna nieuwe machines doorgaans 100% verzekerd zijn. Maar het leek ons een verontrustende trend.

Intussen is het statistisch al zo dat er meer motorrijders actief sturend de Stevio op gaan dan dat er afkomen. Het verschil wordt gecompenseerd door lieden die de pas per ambulance of traumahelikopter verlaten. Wij deden het hele verhaal keurig met de rubbertjes op het asfalt. De terugreis was al net zo probleemloos.

Misschien pakken we volgend jaar de Stelvio op onze moderne motoren. Hoe gevaarlijk dat blijkbaar ook zijn kan.”