Tag archieven: motorverhalen

Hans en Dia vanuit Colombia

Hans en Dia  reizen nog steeds op hun motorfietsen door Zuid-Amerika, momenteel in Colombia. Hieronder twee verhalen. Zit je toevallig op Facebook en wil je alle verhalen van Hans en Dia volgen, kijk dan eens op Motorcycle Travels. Even op deze groene regel klikken. Daar kun je ook veel meer foto’s bekijken!!

Op 21 januari schreef Hans vanuit Giron:

Gisteren reden we een redelijk saaie weg, maar wel met mooie uitzichten. We eindigden in een heel klein plaatsje, Puerto Triunfo geheten. Het ligt vlak aan de Rio Magdalena en ondanks dat het heel klein is, zijn er toch veel hotels. Dat komt omdat het landgoed van Pablo Escobar op een afstand van een paar kilometer ligt. Dat is nu een themapark met dieren en zwembaden. Het is zo groot dat je er met de auto of motor er doorheen kan rijden. Het is niet aan te lopen. Vanmorgen genoten we van een ontbijt op het plein in het dorp. Croissantjes en koffie! Het lijkt Frankrijk wel. Daarna reden we verder naar het noorden, tot we stuitten op een kilometers lange file. We reden erlangs naar voren en kwamen bij de oorzaak.
Een “para” dus stop, vanwege een protestactie. We zetten de motoren neer en wilden een café opzoeken dat op het kruispunt lag. Ik vroeg aan een langslopende agent wat er gaande was. Het bleek om een protestactie te gaan tegen de aanleg van een mijn. Men is bang voor verontreiniging van de rivier, die het drinkwater levert. Daarna spraken we uitvoerig over onze reis en wat we van Colombia vonden. Aan het café kwamen we niet meer toe, de agent gebood de dame, die de blokkade beheerde, dat ze ons door moest laten. De weg ging verderop de bergen weer in. De cordillera is hier niet heel hoog meer, 1200 meter. Er zijn wel veel wegwerkzaamheden en instabiele plekken op de weg. Daardoor kwamen we weer in een verstopping terecht. En bij 32°C is dat minder leuk. Vlak daarna vonden we een restaurant voor de lunch. Kennelijk een luxueuze plek getuige de dure auto’s (Jaguars en zo), het eten was redelijk goed, gelukkig stond er bij hoeveel vlees er in een portie zat (vanaf 260g). We hebben dus maar een portie gedeeld. We zijn nu in Giron, een voorstadje van Bucaramanga (500.000 inwoners). We vonden een allerliefst hotelletje in het oude gedeelte. Het is een monumentaal pand, het moet ook in de oorspronkelijke staat blijven aldus de beheerder.
De motoren staan op de binnenplaats, ik moest ze daarvoor over een twintig centimeter brede plank een drietal treden op rijden. De straat is erg smal en natuurlijk kwam er net een bus aan toen ik de eerste motor naar binnen reed. Maar het is gelukt om er niet af te sturen, gelukkig haha. Giron, gesticht in 1632, is een leuk stadje, gebouwd in koloniale stijl. De muren in het plaatsje zijn wit en de deuren zijn groot en van donkerbruin of zwart hout. De Basilica Menor, de kerk, is ook in die stijl gebouwd en best groot. Het centrale plein is in onderhoud en dus niet open. Daarom zitten de eettentjes er nu omheen. We aten er ons avondmaaltje en daarna koffie met gebak in de enorme bakkerszaak.

Op 22 januari vanuit Barichara schreef Hans dit vervolg

Van het leuke dorpje Girón rijdt je in een paar uur naar Barichara. De weg loopt door de Chicamocha Canyon. Dat is de op een na grootste canyon ter wereld. Het is er prachtig, met mooie slingerende wegen.
Er is echter een nadeel en dat is het vrachtverkeer dat er door heen gaat. Op deze zondagmorgen viel het nog mee, maar echt blij wordt je er niet van. De vrachtwagens rijden gemiddeld 20-30 km per uur. Inhalen kan vaak wel, maar voor je rijden er nog tientallen. We hebben dus maar veel om ons heen gekeken en van de uitzichten genoten. Barichara is een plaatsje uit 1705. Het draagt de titel: “het mooiste dorp van Colombia” Het is een erfgoed stadje. Er is zelfs een Disney animatiefilm op geïnspireerd, Encanto geheten. Op het centrale plein is een park en natuurlijk een grote kerk. Het stadje heeft 7000 inwoners. Met een beetje goede wil, kunnen ze er allemaal tegelijk in, haha. Een beetje aantrekkelijke hostel vinden was een een uitdaging want de meeste hebben geen garage, maar wel een hoge stoep en smalle deuren. De Trip Monkey hostel had echter een dubbele klapdeur en een stoep die ik wel aandurfde. De motoren staan dus weer veilig binnen. We blijven hier een extra dagje.
Voor meer reisverhalen van Hans en Dia, kun je je via Facebook aanmelden voor deze groep: HansenDiaopReis en daar kun je ook veel meer foto’s bekijken!!

Een Reliant Robin 3 wieler, wat moet je daar nou mee?

Vandaag publiceren we motorverhaal 5 van Bart Meijer (Facebook).  Bart geeft ons als gastblogger een kijkje in zijn jongere motor-jaren. Bart Meijer (LinkedIn) woont op een boerderij in Kroatië, heeft passie voor motoren, weet veel over vergeten groenten en luistert naar zijn hart.

“In mijn eerste blog hier, over de Honda Cub C90 had ik al verteld dat ik ooit een Reliant kreeg, terwijl ik genoot van mijn motor met warme kuip.

Ja, daar sta je dan, te kijken naar een Reliant Robin 3 wieler die je van iemand krijgt omdat je zo zielig altijd motor reed bij weer en wind, zelfs in de winter. Ik heb natuurlijk iets gezegd in de zin van: “O, wat geweldig, super bedankt” Maar je kunt je vast mijn
verbazing en verwondering voorstellen, want wat moet je met zo’n ding? Hij moest opgehaald worden uit Stolwijk, want rijden deed hij niet. Zou hij dat ooit weer gaan doen?

Eenmaal thuis met de zielige driewieler, kreeg ik na 20 rondjes er om heen, deurtjes en motorklepje open en dicht, wel affectie voor het malle ding.

Een motor met zijspan, volgens de papieren….

met dak, deuren en verwarming. Ja, dan maar met handen maat 11 in een motorruimte ter grootte van een wastobbe een 4 cilinder
0,85 liter 4-takt motor afstellen. Deze had klepjes van het formaat van mijn duimnagel, en een constant vacuüm carburateur met verstelbare sproeier, die ik moest inregelen en smeren. Het elektra gedeelte van het merk Lucas was de grootste uitdaging, het ding had zelfs contactpuntjes als die van mijn oude Kreidler. Nou herinnerde ik me, dat in mijn lagere school tijd er ook iemand in het dorp rondreed met zo’n ding, en er altijd lacherig over werd gedaan. Een invalide wagentje, dachten we. Niets was minder waar, na reparatie bleek die 3-wieler een schrikbarend pittig karretje waarmee je graag
hard remde voor de bochten. Na een paar keer een fout te maken om te remmen in de bocht en dan wel op twee wielen te rijden, herinnerde ik mijn de woorden van mijn rij-instructeur: “Voor de bocht remmen en schakelen, en in de bocht GAS!”

Ja dat trok lekker, met achterwielaandrijving die dan lekker grip kreeg op het asfalt, en soms ging dat wat driftend de bocht door. Spelen met dat ding ! Nieuwe schrokbrekers voor en achter, lekkere zachte 10 inch bandjes, en het reed geweldig makkelijk 120 plus en het lag strak op de weg als je in de bocht gas gaf. Na geleerd te hebben de Reliant Robin 850 te tunen, had ik opeens geen 40 paardenkrachten, maar wel 52 op een gewicht van 395 kg. Een sportwagen in vermomming, eigenlijk een zijspanmonster met dak, deuren en verwarming waar je heerlijk mee kon driften, maar ook zeer zuinig mee kon rijden.

De Silverwing werd steeds minder interessant, want die verbruikte meer en ik moest veel voor het werk rijden, dus ging die naar een andere liefhebber. En als het dan echt flink vriest, word je samen met een vriend die ook voor de Reliant Robin gevallen was, echt dapper. Wij gaan het ijs op, hij eerst! Dit ging me bijna te ver, toen ik ook maar het ijs op ging zat mijn hart in de keel. Nou had ik wel eerder veel gespeeld met het malle 3-wielertje op sneeuw, maar onder dit koude spul zat een plons water. Beste lezers, dit was geweldig! Als een kind glijden over ijs, proberend niet de wal te raken, hadden we echt vreselijke lol. Voor een mooie foto zetten we een van de ijsrijders op een brug en 1 er onder, en terwijl ik de
camera afstel komt er gekraak dichterbij.

Met open monden kijken mijn vriend en ik naar een Volkswagen Golf, die op weg rijd naar verder en vergeten we die te fotograferen.”

Wil je alle verhalen van Bart Meijer op onze site lezen? Ga naar:
//ikzoekeenmotor.nl/tag/bart-meijer/

Een terugblik en een wens voor motorvrienden!

Beste motorvrienden en andere fans van Ikzoekeenmotor.nl. We zitten in de kerstdagen van 2022. De meesten van ons hebben hun motorfiets veilig en droog binnen staan, en wachten op het wat fijnere weer. Anderen rijden de hele winter door. We hebben het afgelopen jaar heel veel passie voor motoren mogen delen hier. Onze website wordt ook gelezen door mensen die van reizen houden en niet persé iets met motorrijden hebben. Op de diverse sociale media (die je vindt in de rechterkolom) krijgen we steeds meer volgers. Vooral op Facebook gaat het hard en daar hebben we tevens een besloten Facebook-groep van 3700 leden. Een gezellige club motorvrienden. Je bent er meer dan welkom!

Vanuit onze redactie willen we graag al onze lezers bedanken voor hun enthousiasme en het delen van onze artikelen met anderen. Voor jullie doen we het! Wij wensen dan ook iedereen een fijne kerst en vooral een gezond 2023 met veel veilige kilometers op de motor!

Deel 4: Braber Bouwt

In oktober publiceerden wij het derde deel in de serie Braber Bouwt.

Vandaag publiceren we deel 4 waarin Jan Braber ons weer meeneemt in het verdere proces van de bouw van zijn ‘scrambler Yamaha XJ900.

Project van de bouw van een scrambler op basis van een Yamaha XJ900.

Na het achterwiel, de achterste remklauw en een begin van de tank, zijn nu de schokbrekers aan de beurt. De standaard schokbrekers zijn 30cm lang hart op hart. Nu wil ik de motor een klein beetje naar de voorkant laten duiken. Enerzijds wordt dat bereikt door de voorvorkpoten iets te laten uitsteken en anderzijds door de
achterkant wat omhoog te werken in combinatie met een dikkere achterband. Bij de voorpoten is zo’n 2 cm te halen en aan de achterkant zou het mooi zijn schokbrekers met een lengte van
32 cm te monteren.

De volgende vraag dient zich aan. De uitgaande as en de kruiskoppeling vormen een zo goed mogelijk rechte lijn naar
de as die naar het cardan voert.

Hoeveel mag/kan je afwijken van die lijn?

“Want wat de ingenieurs van Yamaha met zorg hebben bedacht, wordt door Jan Braber vakkundig verkracht.” Dat moeten we niet hebben. Het gaat maar om 2 cm maar toch. Ooit heb ik met een oude Guzzi tijdens een rit een gebroken kruiskoppeling gehad en ik kan u verzekeren, dat is niet grappig. Afijn, ik heb contact gelegd met Edwin van wie ik de motor heb gekocht en Edwin is groot kenner van de Yamaha 900 en de broertjes en zusje van dat type. “Ja hoor geen probleem en die heb ik nog liggen ook.” Een week later is Edwin op de koffie geweest met 4 koni’s in de topkoffer. Twee waren slecht maar de veren nog goed en 2 in goede staat verkerende exemplaren maar zonder veren. Ombouwen dus.

Heb ik gereedschap om een schokbreker te demonteren? Nee, maar wel bakken vol met spullen waar altijd wel wat bij zit om iets in elkaar te knutselen. Na wat schuur en polijstwerk liggen er nu 2 Koni’s klaar van 32 cm lang als nieuw. Dank aan Edwin.

Dan is nu de achterbrug aan de beurt.

Ook die zit vol met vet en troep en daar waar geen vet zit bevindt zich roest. De achterbrug inclusief het cardan moet uiteindelijk zwart worden. Na het aanhoren van enkele verhalen over het cardan heb ik besloten die gewoon aan de achterbrug te laten zitten. Kennelijk is het uit elkaar halen, reviseren en monteren van het cardan niet eenvoudig. Bovendien is er blijkbaar een schaarste aan onderdelen. Dus in het kader “wat goed draait, niet aankomen” zal dit onderdeel en het motorblok zelf niet uit elkaar worden gehaald.

Nadat de achterbrug bewerkt is met een afbijtmiddel komt hij er na wat schrapwerk uit te zien als op de foto. Om hem goed schoon en kaal te krijgen staan er een paar dingen te doen. Of zelf aan de slag of stralen. Het probleem met stralen gaat worden dat het cardan aan de wielkant “open” is. Ook aan de kruiskoppelingkant is de boel open, helemaal goed dicht maken is wel een uitdaging en dus daar spuit je dan automatisch een heleboel troep in die je daar absoluut niet wil hebben. Dus zelf aan de slag. Het voordeel daarvan is dat ook de ruwere lasverbindingen wat netter gemaakt kunnen worden. Is dat een klus? Ja zeker maar het resultaat is er dan ook naar.

Opvallend is dat daar waar verf heeft gezeten (en waar dit ogenschijnlijk nog best in orde is), dat daar als een soort wormengangen de roest zijn weg heeft gevonden. Door blijven krabben en schuren is de remedie. En dan opeens kom je zo maar cadeautjes tegen tijdens het werken en fotograferen. Twee prachtige kunstwerkjes waar zo een lijstje omheen kan en aan de muur. Kijk daar wordt ik nou weer heel blij van. Zie de foto.

En dan opeens kom je tijdens het bewerken van het cardan een cijfercombinatie tegen. Die is er in gegraveerd en natuurlijk ga je dan op zoek naar de betekenis van die code.

Zoeken op internet leverde helemaal niets op en bij Edwin, die al tientallen van die apparaten in zijn handen heeft gehad, ging ook geen belletje rinkelen. Wij houden het er op dat een Japanner in 1994 in grote nood zijn benarde situatie via deze code kenbaar heeft willen maken. Uiteraard hopen wij voor de betreffende persoon dat hij zich weer wat comfortabeler voelt.  Uiteindelijk is dit na twee dagen prutsen en poetsen het resultaat en klaar om in de grondverf te zetten.

Hoe gaat het met de tank?

Intussen rollen de eerste foto’s binnen van de tank in zijn vervolgstadium en dat ziet er goed uit. Het model zie je nog onder de werkbank liggen en de ronding die je in de tank ziet komt prima overeen met het model. Wat een vakman die Jeroen!

Volgende stap in het verhaal tank is dat de motor naar Jeroen moet om de bodemplaat van de tank exact af te passen op het frame.
Daarvoor moet ik zorgen dat de motor weer op de wielen komt. Nou er is nog genoeg werk te doen aan de losse onderdelen, zoals remklauwen voor, accubak, en de bak voor de elektra. Ook weer een verhaal.

De startmotor is niet alleen schoongemaakt aan de buitenkant maar een de binnenkant ook. De koperwinding
is schoongemaakt en geïnspecteerd, zo ook de koolborstels en die zijn nog prima en nog lang niet op het kritische punt van vervanging. Gelukkig, zeg ik er maar bij want zo te zien is dat wel een priegelwerkje met kans op mislukkingen. Alles weer opnieuw in het vet gezet en dicht gemaakt. Ronddraaien en jawel, loopt soepel. de startmotor is klaar om in de grondverf gezet te worden. In het volgende deel zal ik me bezig houden met de lagers van het achterwiel, de bak voor de elektra en zo verder. Veel leesplezier, groet, Jan Braber

Tip van de redactie: Wil je alle verhalen van Jan lezen, klik dan op deze link: //ikzoekeenmotor.nl/tag/jan-braber/

Van kaal naar kuip, Bart zijn eerste motoren

We lezen motorverhaal 2 van Bart Meijer (Facebook).  Bart gaat ons als gast blogger een kijkje geven in zijn jongere motor-jaren. Bart Meijer (LinkedIn) woont op een boerderij in Kroatië, heeft passie voor motoren, weet veel over vergeten groenten en luistert naar zijn hart.

Mijn eerste motor (na het behalen van mijn motorrijbewijs), was een Kawasaki LTD 305 choppertje. Grappig fietsje al leek het wel erg op mijn les motor. Lekker niet meer achterom kijken omdat ik het papiertje had.
Eerder had ik al gereden op een Honda CB550 four, een geweldig ding die ik had weg gedaan aan een liefhebber, want rijden zonder rijbewijs was niet wijs. Zolang die in de schuur stond, lokte het
stiekem rijden me te veel.

Bart Meijer: “Mijn eerste motor was een Kawasaki LTD 305 choppertje.”

Toen ik mijn papiertje wel had, had ik heimwee, maar kocht wijs een zuinig motortje. Ondanks dat deze motorfiets niet snel was, en met het ruitje toch best wel koud, reed ik er dapper op rond door wind en weer, zelfs in de winter. Dikke winter overalls hielpen wel wat, behalve tegen het nat. Jakkes zo erg om met een nat kruis op het werk te komen. Het ding bracht me trouw waar ik gaan wilde, zonder gesputter en gedoe, maar het bleef een ding. Er zat voor mij geen ziel in, het was een vervoersmiddel. Opvallend, deze motor was helemaal niet zuinig maar wel betrouwbaar, stuurde heerlijk en gleed door de bochten.

Op weg naar mijn vriendin moest ik altijd over de Moerdijkbrug, dat was niet lekker. Niet de wind, of het water over de reling, maar het asfalt maakte die brug eng. Langs-sporen in het asfalt maakte dat het fietsje ging zwalken alsof je achterwiel naast je kont zat, dan links en dan rechts. Nee, van die brug kreeg ik het aan mijn eigen kleppen. Een keer, op de weg terug naar Dordrecht ging iemand mij lopen vervelen met zijn auto omdat ik niet snel genoeg was of zo. Het was net de in aanloop naar de Moerdijkbrug op dat enge asfalt ging de auto bestuurder mij nog verder lastig vallen. Dit was niet grappig meer. Opeens hoor ik grote klappen van andere motoren, een groepje bikers van een motorclub met dikke fietsen kwamen me te hulp, een paar van hen dwongen de auto naar de eerste baan en gebaarden hem normaal te doen. Na de brug namen ze de eerste afslag en staken ze hun hand omhoog als groet. Ik voelde mij gezien en merkte dat ik er met mijn kleine motorfiets toch bij hoorde !

Het fietsje zoop steeds meer als een ketter, niet normaal. Alles mooi afstellen, synchroniseren en nieuwe olie, het hielp geen moer. Op een mooie, zonnige dag, zouden mijn vriendin en ik naar een festival in Den Haag gaan. Van de snelweg af, eerste afslag, wilde ik even stoer klapperen met dat ding, en gaf flink gas. Er ging wat vliegen, niet wij, maar de riem.

“… met het onwillige ding op de aanhanger…”

Je kunt mijn stemming wel bedenken, diep bedroeft en pisnijdig. Weer thuisgekomen, met het onwillige ding op een aanhanger, kwam ik er achter dat die riem wel erg duur was. Een tijdje zoeken later kwam ik er achter dat een kettingset goedkoper was dan een riem, dus dat zette ik er dan maar op.

Opeens rijdt het motortje ruim 1:23, leuk, maar ik was het huppeltrutje zat. Snel verkocht, en weg er mee. Een jonge vrouw kwam hem kopen, met liefde in haar ogen, voor de in mijn ogen
minderwaardige motor die me toch al vele kilometers trouw gedragen had. Voor een paar knaken gaf ik het ding mee, zonder enige spijt aan een zeer blije vrouw.

Mijn oog viel op mijn pa’s Honda CX500, leuke fiets met cardan-aandrijving, geen snaar, ketting of onderhoud, en er is ook een model met kuip, de Silverwing.

Moest ik van kaal naar kuip?