Tag archieven: wordt vervolgd

Deel 6: Braber Bouwt

We vervolgen de serie Braber Bouwt. Het vorige artikel was deel 5.

De verslaglegging van Jan Braber heeft lange tijd stil gelegen, zie de eerdere verhalen via deze tag. Jan legt uit waarom en pakt de draad weer op.

Project van de bouw van een scrambler o.b.v. een Yamaha XJ900.

Om te beginnen excuses voor de lange stilte in het verhaal van het project. Nee, het is zeker niet gestaakt. Sterker nog de motor is helemaal klaar. De verslaglegging is wat vastgelopen in verband met emigratie en al wat daar zo bij komt kijken. Maar wees gerust ik maak het verhaal tot en met het op kenteken zetten van de XJ. De motor krijgt een aluminium achterspatbord. De kosten vallen mee maar het spatbord is dof en zit vol krassen. Het overige is prima. Mooie omgezette randen.

Eerst pas gemaakt. De lip die je aan de linkerkant op de foto zie valt tussen de achterbrug. En om het spatbord een mooie strakke uitstraling te geven moet er weer flink geschuurd en gepolijst worden. Je kunt eigenlijk op aluminium direct met waterproof schuurpapier aan de gang. Van korrel 400 in stappen naar 3000. Daarna met Belgom afwerken en het spatbordje is als een spiegel.

En een detailfoto levert ook weer een mooi schilderijtje op. Kunst ligt overal voor het grijpen tenslotte. Even kijken of het spatbord past en de conclusie is dat ik er voorlopig tevreden mee ben. De tank die je zie is het afgekeurde piepschuim model, maar voor het beeld krijg je een aardige indruk.

Een omdat ik nog even moet passen en meten met kartonnen mallen of en hoe het driehoekje in het frame moet worden gemaakt en daarbij ook ontwerp voor het zadel aan bod komt, ga ik nu even met het voorspatbord aan de slag. Het is de bedoeling dat het spatbord aan de brug tussen de voorvorkpoten bevestigd wordt.

Bij het demonteren van die brug blijkt één van schroefgaten te zijn ingescheurd. Dat moet gerepareerd worden anders gaat de bevestiging niet goed komen. De originele schroefdraad is M6, dus het gat opgeboord naar 9,5 mm. Daarin een schroef M10 gedraaid. Schroef aan het uiteinde met de vijl bewerkt, zodat ie zich zou gaan gedragen als een soort boor. Het materiaal van de brug is aluminium, dus dat werkt goed mee. Dan kan de schroefdraad M10 tegelijk met een 2 componentenlijm erin gezet worden. Dagje laten drogen, draadeind afslijpen en een gat er in geboord van 5,5 en daar weer draad van 6 mm in getapt. Tis even een klusje maar dan heb je ook weer wat. Dan volgt het pas maken van het voorspatbord. Vooral de ronding in het spatbord gaf nogal wat moeilijkheden. Maar uiteindelijk zijn er schuin afgezaagde busjes uit gekomen.

En dan kom je er tijdens het maken van dit verslag achter dat er van het voorspatbord op de motor gemonteerd geen foto’s zijn. Nou goed die komen dan later.

Tussendoor de remcilinders van een nieuw revisiesetje voorzien. De rubbertjes goed ingesmeerd met een speciaal vet, de zuigertjes er in geduwd op de plek en de positie zoals ze oorspronkelijk zaten. De remklauwen worden in elkaar gezet en zijn klaar om in de grondverf gezet te worden. De stoppertjes kunnen de komende kilometers hun zeer gewaardeerde werk weer gaan doen.

Voor veel schuurwerk gebruik ik een Black & Decker machine met een smal schuurbandje. Die dingen raken natuurlijk op en dus nieuwe besteld ergens rond 23 oktober 2022. Waar blijven die dingen toch? Een keer of 6 geïnformeerd bij het bedrijf. “Moet uit Engeland komen meneer en dat duurt wat langer.” Nou ze kwamen half januari 2023 binnen, namen noem ik niet das niet fair.

Nu ze toch binnen zijn, nog maar weer eens wat beter op de uitlaatbochten schuren. Die moeten roestvrij zijn om er vervolgens hittebestendige laklagen op te zetten. Er komt immers wrap omheen en daar wil je geen roest doorheen hebben. Het verdeelstuk is wel goed maar ook behoorlijk aangetast, bovendien is het een lastig ding om goed te kunnen schuren.

Inmiddels de carburateurs van de cilinderpartij losgehaald. En dat ziet er natuurlijk ook weer behoorlijk aangetast uit. Nou ben ik op de bruiloft van de dochter van een goede vriend de buitengewoon aardige Sonny, ook een motorrijder, tegen gekomen. Afin, we kwamen aan de praat over het een en ander en Sonny bood aan de carburateurs ultrasoon te reinigen. Dat is fantastisch natuurlijk. Alhoewel het werk al gedaan is heb ik ze op het moment van schrijven van het verslag nog niet in huis. Op de foto’s zien ze er in ieder geval prachtig uit. Kanniewachte. Sonny bedankt.

Er moeten nog bevestigingshaken op de collector gelast worden, waaraan de veren van de uitlaten bevestigd worden. Het geluk bij deze collector is dat de pijpen waar de uitlaat op geschoven wordt al enigszins omhoog wijze en dat past goed bij het ontwerp.

Hoe het rempedaal zo mishandeld is weet ik niet, maar de hele zijkant is er uit. Met hout en opsluiten tussen de bankschroef een heel klein plaatje er in gelast. Vervolgens vijlen en met de ijzerzaag de streepjes en blokjes herstellen en het pedaal is weer in orde. Klaar om bij de verzameling “te verchromen” te leggen.

Dan komen we aan bij het driehoekje in het frame. De vraag is open laten, een ovale plaat, ronde plaat of gaas er in. Alle opties zijn in karton uitgeprobeerd en ik ben tot de conclusie gekomen dat een smal aluminium frame met gaas er in het best bij het scrambler uiterlijk komt. De opzet is ook om die lelijke accu en die rempot te camoufleren.

Dus fröbelen om een zo smal mogelijk frame te maken en bevestigingspunten zoeken. Moest alleen onderin de V van het frame een plaatje lassen en de zaak kan er in geschroefd worden. Het is alleen niet makkelijk om de bovenste schroefjes vast te krijgen, dus wanneer ik het frame kaal heb gereed om te schilderen zal ik moertjes in het frame lassen.

In het kader van “wie wat bewaart heeft wat”. De stukje gaas zijn afkomstig van het filter van een afzuigkap. Het gaas is er met een tweecomponentenlijm in gezet. Het geheel wordt zwart gespoten.

Van de kartonnen mal is nu de aluminium onderplaat voor het zadel gemaakt.

 Hier ziet u de ingrediënten van het bestaande XJ zadel die gebruikt gaan worden voor de bevestiging van het nieuwe zadel. Past netjes en sluit goed. Volgende fase is naar de zadelmaker met de onderplaat en de mal voor de vorm van het zadel.

Nu zijn we bij de tank aangekomen. Daarover meer in het volgende verslag, waarin ook meer over het dikke achterwiellager en de vorkpoten.  Veel leesplezier en tot de volgende. Met vriendelijke groet, Jan Braber.

Moto Morini krijgt een nieuwe importeur in Nederland

SIMA kondigt het einde aan van de distributie van het merk Moto Morini in Frankrijk per 31 december 2025. Deze datum markeert daarmee automatisch het einde van de rol van MotoMondo als importeur van Moto Morini voor de markten in de Benelux, Duitsland, Groot-Brittannië, Ierland en Oostenrijk.

Vanaf die datum beëindigen SIMA en MotoMondo alle activiteiten met betrekking tot de verkoop, distributie en promotie van Moto Morini-producten in de genoemde landen.

Volgens informatie van Moto Morini zal per 1 januari 2026 een nieuwe importeur worden aangesteld, die verantwoordelijk zal zijn voor de continuïteit van de aftersales, de levering van onderdelen en de technische ondersteuning van reeds verkochte voertuigen.

MotoMondo dankt zijn dealernetwerk voor het vertrouwen, de samenwerking en de inzet gedurende de afgelopen jaren. Zij blijven zich volledig inzetten voor een soepele overgang voor de dealers en klanten. En de redactie van Ikzoekeenmotor houdt jullie op de hoogte van het vervolg.

Julian 9.000 km op de motor door Europa, tweede aflevering

“Dit is niet hoe ik dacht dat mijn motoravontuur zou verlopen…”

We luisteren naar Julian Levy, die we introduceerden in het vorige artikel van 15 april. Na een ongelooflijke dag op zijn motor door België begon dag twee net zo goed met een ongelooflijk landschap en geweldige bochtige wegen in België en Luxemburg. Het was een tijdje genieten, maar al snel ging het mis. Eerst miste hij zijn check-in op de camping in Frankrijk en daarna kwam hij in het midden van een willekeurige stad in Duitsland stil te staan. We kijken naar de 2e aflevering.

Wordt vervolgd. Je kunt altijd klikken op de groene tag ‘Julian Levy’ hieronder om de andere afleveringen ook te vinden.

Een BMW voor patsers?

Het is tijd voor motorverhaal 7 van Bart Meijer (Facebook). Bart geeft ons als gastblogger een kijkje in zijn jongere motor-jaren. Bart Meijer (LinkedIn) woont op een boerderij in Kroatië, heeft passie voor motoren, weet veel over vergeten groenten en luistert naar zijn hart.

Een BMW voor mensen met veel zakgeld?

Al in mijn jonge jaren, had ik het idee dat BMW motorfietsen voor mensen waren die of bij de politie zaten, of te veel zakgeld hadden. Geen van beiden had ik veel mee. En ik was natuurlijk een echte biker, die in weer en wind reed, dus ja, niet alleen een mooi weer rijder. BMW rijders, dat was “niet ons soort volk”, en leek wat verheven boven ons. Of voelde ik me ondergeschikt? Geen idee, het is zo lang geleden.

Mijn vrouw wilde toeren, en de kids konden  stoer op de motor mee naar school.

Nu ik het zo opschrijf, besef ik dat het niet helemaal klopte, van dat teveel zakgeld. Er was een man in ons dorp die dagelijks op de motor naar zijn werk reed, en geen last van files had. Die man maakte echt probleemloos veel kilometers, op een BMW motorfiets waar je alleen van kon dromen als je veel geld had. Ik zelf reed op alles wat vooruit kwam, onder andere de Honda CB550 four, Kawasaki ltd 305, Suzuki Katana, Honda GL500 Silverwing en natuurlijk de Honda Cub waar ik een vorige keer over schreef. En, nee dus geen Harley want dat was te duur en naar anderen luisterend, te veel gesleutel, en dus zeker niet op een BMW. Ik had toen een beetje het idee van de BMW rijder, wat men ook vaak heeft over de BMW autorijder. En de Harley rijder, dat was een sleutelaar. Sleutelen is niet erg, echt niet, maar ik wil af en toe ook wel eens rijden.

Hier een foto van een Reliant Robin, bron foto Wikipedia, Joost J. Bakker.

Op een gegeven moment, was de Reliant Robin waar ik mee reed, kapot. Ik had een blok opgeblazen waarover ik later een keer meer schrijf. Maar ik moest vervoer hebben. Wat was alles wat er die winter te koop stond wat betaalbaar was? Je raadt het al, het was een BMW! Een BMW K75RT, een ex-politie motor met 178.000 km op de teller en diepgevroren in de nacht toen het even onder de -20 was.
Toen ik kwam kijken in 2010, moest de man hem uit de sneeuw graven terwijl hij stond te ratelen dat hij niet geloofde dat ik dat ding nu wilde proberen. Maar de motor liep meteen als een zonnetje. Overigens wel na het ontdooien van het contactslot met een vlammetje onder de sleutel wat me deed denken aan de donkere hoeken van Rotterdam centraal. We gingen een stukje rijden bij -14, ik was verkocht. Ik betaalde en reed er mee naar huis.

Echt hé, was ik dan altijd zo’n kortzichtig boertje dat ik niet verder keek dan het dorp? Het was alsof ik thuis kwam, de vorst deerde me niet, het voelde luxe, veilig en strak. Wat een wegligging en vermogen ondanks dat het een groot ding was, een geweldenaar, zelfs in de sneeuw.

De schaamte voorbij en een leermomentje verder, genoot ik van die motor, maar toen wilde iedereen opeens mee. Mijn vrouw, maar de kinderen ook. En tja, laat nou zo’n politie motor maar voor één persoon zijn. “Kan je er geen gewoon zadel opzetten en dat rare kontje er af halen?” zei mijn vrouw. Ik zag de kans schoon om te zeggen dat we er dan maar een andere bij moesten nemen. Want ja, zo’n buddy en kontje vervangen was natuurlijk erg veel werk haha.

Er kwam er snel nog een, een blauwe met verstelbare ruit, die ietsje luxer was en waar je met zijn tweeën op kon. Mijn vrouw wilde toeren, en de kids konden  stoer op de motor mee naar school. Tja, dan rijd je opeens zo 60.000 km per jaar weg, op 2 motoren om en om. Het onderhoud was verbazend simpel, en er hoefde maar weinig te gebeuren. Ja, ik was om, voor mij alleen nog maar Reliant en BMW.

Toen Bart nog brommer reed.

Vandaag publiceren we motorverhaal 6 van Bart Meijer (Facebook). Bart geeft ons als gastblogger een kijkje in zijn jongere motor-jaren. Bart Meijer (LinkedIn) woont op een boerderij in Kroatië, heeft passie voor motoren, weet veel over vergeten groenten en luistert naar zijn hart.

Onderstaande tekst schreef Bart over de goeie oude tijd, van ronkende brommers en de rook van 2-takt.

Van Solex naar Sparta

“Mijn eerste stiekeme ritjes waren op een Solex, waar je het motortje van op het voorwiel kantelde. Het was een zuinig ding en had een zeer mysterieus brandstofsyteem. Daarna kwam mijn eerste “echte” brommer dit was een rokende Sparta. Daar viel weinig aan op te voeren, na 3 maanden op en neer naar school brak die in 2-en. Daarna kreeg ik van mijn ouders een oude Stokvis, met een geforceerd luchtgekoeld Puch blokje er in, schattig, maar als stoere knul van 16 was ik maar wat blij dat het blokje vastliep.

Neem een Kreidler of Zundapp

“Neem een Kreidler of Zündapp en mix zelf je benzine” was de raad van de fietsenmaker aan mij en mijn ouders “Dan kun je jaren rijden met veel plezier, want die rommel van het tankstation kan je niet vertrouwen.” Zo kreeg ik een Kreidler met 3 versnellingen en geforceerde luchtkoeling, en maakte ik mijn eerste eigen mix. Was die mix het geheim om snel te gaan? Nee. Ik zat in de eerste klas van de Middelbare Tuinbouwschool en kreeg ook motorentechniek. Daar kreeg ik alle antwoorden en weetjes na het vragen, in voorbereiding op opvoeren!

De eerste service na een paar weekjes, mocht ik in Alblasserdam bij een 2-takt tovenaar laten doen, en ik mocht er bij zijn. De man vond het prachtig dat ik interesse had, en al veel had geleerd. Cilinder en zuiger werden goed nagekeken, zuigerveren vervangen, dunne koppakking er in voor meer compressie, een groter voortandwiel voor meer top snelheid en een verstelbare sproeier. “Optimaliseren, niet opvoeren, alles moet in evenwicht” en hij vertelde me van de geheimen van tegendruk van de uitlaat, spoeling en werveling en het beste ontstekingspunt. Ik kreeg een fles Bel-Ray MC 7+ mee, die moest ik dan eerst 1 op 50 mengen en als die weer ingereden is dan naar 1:70, want dan zit er meer power in de benzine, Geweldig, ik kon zonder lawaai bijna 60 km per uur, reed zuiniger, zonder een rookpluim achter me te laten.

Sleutelen aan kettingzagen

Een half jaar sparen later, ging er een 14 mm carburateur op, en een nieuwe zuiger in voor hoge compressie met speciale zuigerveren. Ik reed weer bijna net zo zuinig, maar kwam makkelijk aan de 65 km per uur, en de politie hield me niet tegen. Zo’n oude 3-bak kon toch niet hard. Welnu, ik had in het 2de jaar van school, praktijk kettingzagen, geweldig. We mochten ze uit elkaar slopen, moesten ze dan ook weer opbouwen, afstellen en testen. Daar leerde ik de geheimen van membraam carburateurs (zoals in de Solex zitten) en hoe je het beste uit een kettingzaag haalde.

Op een dag, was ik tijdens stage met een baas mee, die met zijn kettingzaag dikke balken moest zagen voor een tuin. Ik had de man al verteld het ding eens af te stellen, en echte benzine te kopen, maar ja. Dat kwam er maar niet van. Tot die dag dat hij wat van mij leerde. Hij had geen benzine bij zich, dus, de benzine van mijn Kreidler ging in de kettingzaag toen de tank leeg was. Het roken werd steeds minder, en de minder vette smering maakte dat die beter klonk en steeds hoger in de toeren klom. Jullie hadden de ogen van die man moeten zien.

Mijn laatste opvoerklus, was de brommer van mijn pa, dat is voor een volgende keer. Ik hou nog steeds van 2-takt, maar heb alleen 2 kettingzagen, die ik af en toe eens uitlaat in mijn bos.

Moet ik, omdat ik in Kroatië woon, dan toch maar eens op zoek naar een Jawa of een MZ?  …. Wordt vervolgd.