Vandaag gaan we even terug in de tijd. Naar 1980. Naar het beroemde TT Circuit Assen. Met de helden van toen: Jack Middelburg, Boet van Dulmen en Wil Hartog. Voor de liefhebbers tonen we filmmateriaal van 44 jaar oud. Toen Nederland nog een rol speelde op wereldniveau. Wat was dit een motor-race!
Afgelopen woensdag ging ik ‘even’ tanken. Vanuit Roosendaal is dat een paar kilometer rijden naar Horendonk. Op een mooie zomeravond maak ik daar graag een lekkere omweg van. Die middag zei ik nog tegen mijn vrouw dat ik de rechter spiegel moest nakijken, want er zat al een tijdje een raar scheurtje in het zwarte kunststof.
Nooit de goden verzoeken
Dat had ik natuurlijk beter niet uit kunnen spreken. Je moet nooit de goden verzoeken. Toen ik die avond net buiten Horendonk een stevige verkeersdrempel nam, brak de spiegel af en kletterde over het Belgische asfalt. Netjes even gestopt en het afgebroken terugkijkertje mee naar huis genomen.
Dan merk je trouwens pas hoe vaak je in je rechter spiegel kijkt. Ongelooflijk hoe je dat ding dat mist. Thuis gekomen had ik mij meteen voorgenomen om die zaterdag even bij mijn trouwe motorgarage langs te gaan om een nieuwe spiegel te bestellen.
Gisterenmiddag kwam ik bij Corné (van Ginneken) van Van Ginneken Racing in Rucphen.
Van origine komt Corné uit de racerij en is hij één van de beste Ducati specialisten van Nederland. Met heel veel kennis over klassieke racers.
Corné ken ik al jaren, nog voor ik ooit mijn BMW kocht, en omdat die oude boxer motoren geen geheimen voor hem hebben, kom ik dan ook al jaren voor al mijn onderhoud bij hem. Mijn motor loopt vooral door hem als een zonnetje!
Wacht eens even!
Corné zocht op wat een originele rechter spiegel voor de oude R80 zou kosten, en die was stevig geprijsd. “Wacht eens even”, zei hij. “Ik heb nog iets boven in het magazijn liggen, twee zwarte Ducati spiegels, die zouden wel eens kunnen passen.
Corné moest wel even het schroefdraad uitboren en vervangen, mijn ruit demonteren om ruimte te hebben om ze erop te draaien, en even later zaten er twee prachtige Ducati spiegels op mijn oude BMW. Met als voordeel, net iets hoger en net iets breder. Ik keek niet meer deels tegen mijn eigen armen. Meer zicht dus.
De motor wordt steeds Europeser
Mijn zo origineel ogende BMW R80R is niet helemaal meer origineel Duits nu. Enkele jaren terug heeft Corné namelijk al Hyperpro vering onder mijn motor gezet. Progressieve (Nederlandse) vering uit de racerij, waardoor mijn motor veel fijner en comfortabeler is gaan rijden. En nu dus twee mooie Italiaanse spiegels. Mijn motor wordt steeds meer een echte Europeaan dus.
Thuis in de motorschuur, de spiegels moet ik nog wel even schoonmaken zie ik.Beide Ducati’s (zie foto boven ook) zijn te bewonderen bij Van Ginneken Racing.
Eergisteren, 11 juli 2024, was het precies 99 jaar geleden dat de allereerste TT op zaterdag 11 juli 1925 in Rolde om 14.30 uur van start ging. Er werden rondjes van 28 kilometers gereden.
Via Borger en Schoonloo werd tien keer een rondje van 28 km gereden. In de route zaten zandwegen, grindpaden, een keienstraat, onverharde bochten en bruggetjes van een paar planken breed. Niet ideaal dus en daarom werd in 1926 uitgeweken naar een route die onder meer over Hooghalen voerde. Dit stratencircuit was tot 1954 het decor van de Tour de TT. De start en de finish van de Motul TT is nog steeds op dezelfde plek als in 1926.
Wat er in 1973 al bedacht en gemaakt werd, we zien het terugkomen in de ontwerpen van de motorfietsen van vandaag de dag. Moderne techniek die past in de retro-style vormgeving van vroeger. Een filmpje voor de liefhebbers.
De mannen stapten op hun motoren. Startten de spullen. Keken nog een keer in het rond. En knalden op het achterwiel weg van het parkeerterrein, de weg op. Zelf heb ik in 50 jaar motorrijden twee keer een wheelie gemaakt. Per ongeluk. Een keer omdat de koppelingskabel van mijn T150V brak. De andere keer puur per ongeluk en op vermogen op een 1200 cc Bandit. Mijn knee down resulteerde trouwens in een ingezwachtelde knie. Waar ik me bij al die achterwielerij over heb verbaasd hoe de olie aanzuigpomp zijn werking kan blijven doen als de motor in kwestie zo’n kwartslag gedraaid is ten opzichte van zijn gewone positie.
Dolf Peeters, de schrijver van deze column. Klik je onderaan op de tag van zijn naam, dan kom je meerdere artikelen van Dolf tegen.
Van mijn vroegere docent calorische werktuigen herinner ik me de opmerking dat olie dient ter koeling, als geluidsdemping en als smeermiddel. Dan kan je wel zeggen ‘two out of three ain’t bad’, maar met de prijs van een blokrevisie in gedachten… Techniek moet je net als je partner met repect en liefde behandelen. Toch?
Maar die kennis komt je niet aanwaaien. Je moet leren van je fouten. Dat is ook de reden waarom het ‘vroeger’, toen we nog jong en onbezonnen waren nogal eens mis ging in de relatiewereld tussen mens en mens M/Ven waddannook of mens en machine. Want welke waus zou het nu in zijn hoofd halen om op de Afsluitdijk op en neer te blazen op een Kawasaki 500 driecilder waarvan, natuurlijk om hem nog sneller te maken, de luchtfilters zijn verwijderd? En hoe zouden we er nu over denken om in Renesse tegen het opkomen van de zon de nieuwe dag te verwelkomen door een CB750 K2 op de zijstandaard staand zoveel toeren te laten maken dat de kleppen gingen zweven? Hoe feestelijk zouden we het nu vinden om op een treffen van Britse klassiekers een Honda, Suzuki of Kawasaki met hamers in elkaar te slaan en in de brand te steken?
Wat vroeger ook heel anders was, was de ‘après motorritten’ tijd, denk aan het befaamde ‘après ski gebeuren’. Een poosje geleden was ik als meerijder gevraagd op een paar daagse trip. Dat was een leuke route en de deelnemers waren – net als ik – vijftig plussers. Er was een hoog percentage recente allroad- en adventurefietsen. Allemaal fris, zwaar spul. Niet de biotoop waar je met een 640 Guzzi NTX indruk maakt. Maar iedereen had schik. Voor het avondeten bleek een fors deel van de mensen alcohol en tabaksvrij.
Om tien uur lag bijna iedereen in zijn mandje. We zaten met wat fossielen onder elkaar te praten over vroeger: ‘Kratje (van Oude Adelijke afstemming met bijbehorende naam met ‘ae’s en ‘ck’s) die pas soepel ging sturen na een half kratje. De rest was voor na het tent opzetten. De befaamde foutrijder C’ die na een rit van 180 kilometer ’s avonds om half tien kwam aankakken met dik 400 km op de klok. Over Wil, die in nacht en nevel (en beneveld) had gefocussed op de achterlichten van de auto voor hem. Die automobilist ging naar huis. Toen hij daar stopte werd hij op het garagepad aangesproken door een bozige Wil: “Wie ben jij in Godsnaam en waar zijn we?.
Kleine Koos die net weer single was en die op een treffen nattigheid voelde naar aanleiding van allerlei snaakse opmerkingen. Zijn kompaans hadden een opblaaspop in zijn tent gelegd. Maar Kleine Koos was wat paranoia. En besliste dat er iets heel erg fouts met zijn tent moest zijn. Hij ging dus naast zijn tent slapen terwijl er laat in die nacht of vroeg in de ochtend een enorme regenbui over de Schellingwouder camping trok. Over Martin die ’s ochtends met een kater en een tattoo in zijn gezicht wakker werd. Over Gekke Fredje wiens voeten tijdens zijn roes door ratten waren aangevroten. (Ze zullen er toch niet ziek van zijn geworden?)
Over de veelstejaars student die zijn Norton in zijn slaapkamer zette en hem daar startte omdat hij op het geluid zo lekker in sliep. Over Tim die door zijn vriendinnetje overhoop werd gestoken toen ze hem kussend met een ander trof. Over winterritten in de tijd dat winters nog winters waren. Dan had je een literfles jenever in je zak. Plus een slangetje tussen de fles en je bevroren mondhoek. Groningen was erg ver weg in die tijd. Wel een liter ver.
We proostten op het verleden toen motorrijders nog geen Spa rood dronken.