EEN TOELICHTEND GESPREK.
De Lange Man kijkt moeilijk, haast verwijtend, met een gefronst, geïrriteerd voorhoofd als we tegenover hem aan tafel zitten en hem vragen:
‘Hoe was het, die 17-daage motor-marathon die je onlangs reed?’

Een onmogelijk te beantwoorden klein trut-vraagje om een intense motorbeleving in een korte one-liner samen te vatten. Hij weet ook wel dat het niet kan tippen aan een wereldreis of een diverse continenten-omvattende oertocht die hij bij andere fanatiekelingen ziet, bescheiden als hij is. Hij is gewoon binnen Europa gebleven, de traditioneel goed te berijden asfalt-landen ook nog eens, maar heeft wel ‘zijn ass off’ gereden zoals hij ergens in het gesprek ongenuanceerd laat vallen.
‘Europa is groot en mooi, en dan heb ik nog maar een fractie van die fantastische hoop binnendoor-wegen in de vele landen aangeraakt deze keer’ zo meldt hij. Ruim 31 Jaar geleden begon hij met wat vrienden motor-weekenden en -weken te organiseren waarbij prachtige kronkelwegen ‘in de buurt’ gepakt werden tot aan De Dolomieten en De Pyreneeën toe, maar waarbij tevens elke keer opnieuw zijn drang naar meer en intensiever de kop op stak. Hij organiseerde ‘Beuldagen’ waarin getracht werd 1000 km op een dag zonder snelweg te rijden, op 40km na nooit gehaald. Ze hebben er veel om gelachen, die vrienden van hem tijdens nabeschouwende biertjes in tenten en WC-gebouwen bij ernstige regen. Mooie tijden, prachtige tijden met een stuk of 20 motor rijdende vrienden. Gaandeweg krimpt zo’n groep altijd, andere dingen, het leven, maar bij een kern rijders zit de jeuk diep. Zo ook bij De Lange Man.
De Lange’s vriendenkring bevat trouwens inmiddels meerdere ‘Johnnen’, een stuk of 4 zelfs, grappig, hij zit nu tegenover John van Ikzoekeenmotor, den Mensch met Baard die relatief laat de motor als uitlaatklep in zijn leven ontdekt heeft en zijn nieuw gevonden passie vorm geeft in het succesvol verhalen- en belevingsplatform waar u dit nu op leest. Dat doet hij goed. De Lange Man voelt zich hier op zijn gemak, als in een familie. Bij zijn tweede aangeboden kop koffie wil hij dan ook een geliefde Agio Gouden Oogst zeppelin sigaar opsteken, wat meteen afgeremd wordt. ‘Eeej’, roept de Baard onverwacht vals, ‘dat doen we hier binnen niet jongen, verdomme. Op een berg of in je atelier moet je zelf weten, hier op de redactie (zijn keuken) gaat dat niet gebeuren’. ‘Sjeezus, sorry John, ik zal het nooit meer doen’ zegt De Lange zachtjes met een geniepige grijns op zijn hoofd die anders doet vermoeden. De Baard kalmeert, het kennismakingsgesprek gaat verder.
‘Maar even over die tocht’ zo vervolgt De Lange zelf, ‘het zat al jaren in mijn kop, een tocht waarin ik mezelf volledig leeg kon rijden, tot het gaatje kon gaan, een marathon zo u wilt. Uiteraard met de begrenzingen van vakantiedagen op het werk, centen en de te missen kleine menschen in mijn opa-leven. Jaja, ik ben inmiddels 3-voudig toegewijd opa. Dat die tocht in mijn uppie zou moeten zat er in eerste instantie dik in. Het lange rijden, alleen noodzakelijke stops, met je hardwerkende machine op pad, het jezelf uitputten, eenvoud in kamperen, het kon eigenlijk niet anders dan solo.

Tot mijn verbazing omarmde vriend John Ackermans (ja, 1 van de 4) dit initiatief en hebben we tezamen met wat bieren op tafel een ambitieuze route gepland die ongetwijfeld gaandeweg aangepast diende te worden, wisten we toen al eigenlijk. Klote, maar John A kon uiteindelijk niet mee door andere baldadige verplichtingen in zijn traditionele Carbage Run. Ik heb mijn sluimerende drang om toch te gaan naar hem geuit, hij gunde mij de tocht alleen’. Friends. ‘Luister’ zegt De lange, ‘met de milieu-mensen heb je met zo’n tocht al per definitie wrijving, veel motorliefhebbers hebben al snel vragen omtrent genegeerde terrasjes met bijklets-momenten na elke 50 kilometer rijden, dan wel rijzen vragen over het telkens overnachten in een tent…, een tent…., ‘sjeezus, doe dat jezelf niet aan Oomens’ riepen ze in koor, terwijl zijn niet motor rijdende vrienden en bekenden zich verbazen over ‘de niet bezochte mooi-heden op je route’.
De Lange Man relativeert al die commotie. ‘Ik snap het wel, die verbazingen, maar het is allemaal goed gekomen, lees mijn verslag (wat binnenkort op de site komt hier) met een serietje foto’s hierna maar eens, genoeg moois gezien’.
De Baard en De Lange kletsen en lachen nog een eind na, de Agio Gouden Oogst gaat buiten alsnog in de fik terwijl ze bij De Rooie Duitser staan die De Lange Man een kwartiertje later huiswaarts zou brengen. Ze blijken behoorlijk dicht bij elkaar te wonen, dit was niet de laatste kop koffie.










Wil je meer foto’s en de toelichtingen van de schrijver daarbij lezen?














