Tag archieven: motorverhalen

Motorboeken bij De Noorderzon in Arnhem

(Een column, geschreven door Dolf Peeters)

Het was zo zomers. Ook in Arnhem. Maar binnen een paar minuten liep de hemel vol en liepen de wolken leeg. Dan ren  je hand in hand de eerste de beste winkel binnen. En dat was reisboekhandel De Noorderzon. Dat bedrijf is een Arnhemse legende en was bijna verdwenen door gebrek aan opvolging. Een hele winkel vol reisboeken. Ook over motorfietsen. De beste plek om een bui uit te zitten dus…

Het Aarden Beest

De eerst greep was de beste: Het Aarden Beest.  Het Aarden Beest (bestel-link) neemt je mee langs de exotische kusten van Mozambique, regenwouden van Uganda, maagdelijke woestijnen van Namibië en Sudan en duizelingwekkende hoogten van Ethiopië. Het boek voert je mee door een wildernis vol inheemse dieren en laat je kennis maken met intrigerende stammen allen met hun eigenaardige rituelen.

Al in het begin van hun reis komen Benno en zijn vrouw Thecla er achter dat de kleine 350cc motor  – een Royal Enfield – veel te licht is om de zware vracht van twee personen en een aanhanger door het zand, de modder en de bergen te trekken. Dit zorgt voor krankzinnige situaties. Door hun open geest en eenvoudige manier van reizen rollen ze van het ene toeval in het andere en weten zich iedere keer op een wonderbaarlijk creatieve wijze te redden.

Het wordt een avontuur vol kostelijke taferelen; van verbrande koppelingsplaten die vervangen worden door champagnekurken tot ongelukken in Malawi waarbij ze hulp krijgen van de monteur Useless. In Tanzania gaan ze op zoek naar ‘de berg van God’ en belanden in een pick-up vol meteoorstenen. De hoofdroute van Kenia loopt vast in een supermarkt. In het grensgebied van Somalië raken ze dagenlang gevangen in de onstuimige brij van Moeder Aarde en overwegen zwemmend verder te gaan. In Sudan gekomen zuigen de spirituele soefi’s ze mee in een draaikolk waar het verstand oplost en het ego geen bestaan meer heeft.

In deze overrompelende leegte blikken ze terug op een film van toevalligheden en herinneren zich met een schok de uitspraken van een helderziende man aan het begin van hun reis… Alles lijkt uit te komen.

Het is na deze ontmoeting dat ze achtervolgd worden door een mysterieus klein vogeltje dat de verdere reis iedere dag op de meest onmogelijke plekken opduikt. Maar de reis gaat dóór langs de heilige tempels van Egypte waar ze worden “aangevallen” door een melkkarton.

Na vele grappige en ontroerende momenten weten ze uiteindelijk thuis te komen. Hier komen ze tot het besef dat er zich een inwendige reis heeft voltrokken over een afstand die verder ging dan Afrika.

Meisjes… 

Meisjes, moslims & motoren  – niet te verwarren met het uitverkochte ‘Mannen, motorenen (wat) Meisjes – is het verhaal van een lange reis door het Midden-Oosten, van het slingerende pad naar het onbekende dat zich eindeloos voor de wielen uitstrekt. De motorvrouwen doen ieder op hun eigen manier verslag van deze unieke reis: Hanoulle met foto’s, Schoeters met woorden. Die kon blijven liggen, want die staat hier al in de kast.

En nog meer motorboeken staan hier in de kast…

Net als de boeken van Paul van Hooff die natuurlijk bekend zijn en de wat lichtvoetiger verhalen van die andere Paul, Paul Weekers. En meer spul waar je heerlijk mee kun wegdromen als het motorweer te nat – of straks: te koud – is om te rijden. Reisavonturen beginnen op de bank. Kijk maar eens op www.denoorderzon.nl/motorsport

Klik en link door naar landkaarten BeneLux.

Nog een tip van de redactie:

Zoek je getailleerde wegenkaarten of stadsplattegronden? Bij De Noorderzon verkopen ze deze exclusief, met keuzes over de hele wereld. Ga naar: //www.denoorderzon.nl/kaarten-plattegronden

Rostock by Night

(Een motorverhaal van Dolf Peeters. Over een motortrip van ongeveer vijf jaar geleden.)

Ik zat op een terras in Rostock. Er kwam een ouwe, gestripte Goldwing over het plein daveren. Het ding maakte een U-bocht. Stopte. De berijder schopte de jiffy uit en kwam naar me toe. Hij was groot, anabool breed en dubbel getatoeëerd. Een buiker in plaats van een biker. Met een Totenkopf beringde hand gebaarde hij naar mijn Ural combinatie.

“Mensch, was machst du hier mit so ein blödes Ding?!” Dat moest dus uitgelegd worden. “Setze dich und nimm ein Bier.” Mijn tafelgenoot die er uit zag als een geslaagde Disney Neo Nazi met veel Nationaal Socialistische opdruk stelde zich voor: “Großer Dirk”. Maar zijn bikerclub naam was Adelwolf.

Ik heet Dolf. “AH,… Adolf? “. “Jawel, maar dan wel via de Indische kant.” En de betreffende opa Dolf was zoekgeraakt toen het koopvaardijschip waarop hij voer door een Japanse onderzeeër getorpedeerd werd.  “Ach so. Dass war ja alles damals. Scheisse war dass.“

Adelwolf bleek voorzitter van de lokale bikergang. Lui tot een jaar of dertig. Redelijk tot goed opgeleid. Werkeloos. Kansloos. Want voormalige Oostduitsers werden immers gediscrimineerd. “Scheisse!” We namen nog een pot bier. Het dienstertje behandelde me met nieuw ontzag. Ik was blijkbaar in goed gezelschap. Dikke Dirk moest weer verder. Hij zei dat, als ik om een uur of acht weer hier zou zijn, mee zou mogen naar de clubavond. Om 20.01 uur daverden er vier motoren het plein op.

Ze blijven precies, die Duitsers. Er werden handen geschud. Namen uitgewisseld. In colonne verdwenen we naar het buitengebied. Duitsers zijn gek op colonnes. Er stond een verlaten loods die door de club geadopteerd was. We waren niet de eersten. Want er stond al een krap dozijn oudere, zware Japanse fietsen op het hof. Adelwolf werd respectvol verwelkomd. Ik, als genodigde werd vriendelijk ontvangen.

De krat bier die ik uit het span haalde werd met gespeelde verontwaardiging aan genomen. “Wenn wir einer einladen, braucht der nichts mit zu nemen!” Maar toch: “Skol!” Ze zagen er dan in burgermans ogen wat eng uit. Maar het waren aardige mensen. Met hun maatschappelijke beperkingen maakten ze er wat van. Er was een dikke twintig man. Er waren een paar biker girls. Er was bier, bratwurst. Op het vuur werden er aardappels in de schil gepoft. Later bleek de schuur in gericht te zijn als bar, werkplaats, motorsloop en voorraadschuur.

Een motorhefbrug. Veel gereedschap. Tussen de slopers stonden een paar recentere motoren met buitenlandse platen. Er stonden wat dozen met literflessen wodka. Zo’n honderd dozen. Achter de bar slingerde een shotgun. Op het perceel achter de loods groeide hennep. Bijverdiensten en beveiliging waarschijnlijk.

Het werd steeds later. Het bleef gemoedelijk. Er werd stevig geblowed. Ze reden rondjes met mijn Russische zijklepper. Een soort onbevangen Achterhoekse gezelligheid. Op een gegeven moment werd me gevraagd of ik een slaapplaats voor de rest van de nacht had. Nee dus. Ik mocht slapen in de ‘Gäste Zimmer’. En die bleek geventileerd, schoon opgemaakt met vers beddengoed. In Duitsland hebben outlaw biker gangs nog hun normen en waarden.

🏍️🏍️🏍️

Wil je meer motorverhalen van Dolf Peeters lezen?
Ga naar deze tag op onze site en je kunt ze vinden. 

Het verschraalde motorpak

Met een stevige vierdaagse solo-tocht voor de boeg dit Paasweekend begint het bij De Lange Man weer ouderwets te jeuken.

Bagagelijstjes worden uitgeprint, spullen worden uit de schappen getrokken en rommel begint zich te verzamelen. Wellicht ietwat eigenwijs, een tikje overmoedig, dat is hij zeker als hij gewoon de tent besluit mee te nemen in deze risicovolle April-dagen. Pasen was jaren terug ook wel eens vreselijk warm, maar de huidige voorspellingen voor boven in Frankrijk en in Duitsland zijn somber. Het worden frisse nachten, de 500W mini kachel van de Action (E 11,–) gaat mee, zijn vet-arme boekhouders-lijf heeft die warmte nodig. Campings geboekt, routes uitgewerkt.

Na zijn woonwerk-ritje vandaag, dat voornamelijk dient om het vettige laagje van de splinternieuwe banden af te rijden, kijkt hij bij het uittrekken weer vertwijfeld naar zijn over de jaren schraal en bleek geworden rundlederen motorkleding. Het pak gaat al heel wat jaartjes mee, getuige het Nokia-size telefoonvakje naast de binnenzak.

Jaren terug heeft De Lange Man na een zweterige Italie-tocht besloten het pak maar eens te wassen. In alle nuchterheid werd na verwijdering van de protectie-plaatjes en -schaaltjes het slappe geurige leren spul in de wasmachine gegooid. Kort koud water wasje, flinke guts wasverzachter in de trommel en lekker laten draaien. Bruin-zwart water achter het ronde raam. De zwarte kleur van de jas kreeg een stevige tik en werd grijs eigenlijk, maar alles was weer schoon en fris, de zon maakte alles weer droog.

Diverse behandelingen om de leer-soepelheid te behouden passeerden de revue gedurende de jaren. Kleurloos schoensmeer, lekker ruikende zonnebrandcreme, siliconenspray.

Vandaag werd www geraadpleegd voor het betere werk om zijn koeievel weer wat soepeler en zwarter te maken. Iemand riep daar ‘ik gebruik gewoon olijfolie extra vierge, dat gaat prima, stinkt ook helemaal niet’. Overtuigd, deze nuchterheid spreekt De Lange aan. Hij grist een halve kleine fles ‘koude persing’ uit de keukenkast en gaat richting schuur waar motorpak, motorhandschoenen en motorlaarzen gretig de vette olijfolie absorberen.

Werkt perfekt, aanrader! Nog 2 nachtjes slapen, u hoort er nog van.

BMW K75c uit 94 (De Rooie Duitser)
Geschreven:
Breda, woensdag 16-4-2025

Deze column is geschreven door onze motorvriend Roland Oomens. Hij schrijft vaker fijne motorverhalen op onze site.
Meer motorverhalen met heel veel passie van hem vind je door hier onder op de GROENE TAG Roland Oomens te klikken. Veel leesplezier!

Loek Ransijn begon op een oude Berini

Wie ben jij? Waar kom je vandaan?

Ik ben Loek Ransijn. Geb. 1955 en woonachtig in Westgraftdijk NH.

Heb je vroeger eerst brommer gereden? 

Ja ik heb brommer gereden. Op m`n 14e kreeg ik van mijn buurman een oude Berini. Hij deed het wel, maar het kon beter. Mijn broer is 4 jaar ouder en dacht dat het aan de roterende inlaat lag. Nadat we er wat aan geprutst hadden, heeft hij het nooit meer gedaan. Maar hij haalde al snel zijn motorrijbewijs en kocht een Ducati 250cc Diana. Ik nam zijn Kreidler over. Voordat hij was gepakt, was deze zwaar opgevoerd met 5.2 cilinder en 17mm Bing carburateur en reed 90 km p/u. Ik kocht hem met een standaard cilinder en grote carburateur. Al snel kwam er een 6.3 cilinder op en het was weer feest. De snelste van de school…. Een paar keer de spaken uit het achterwiel getrokken en toen ik op m`n 18 het motorrijbewijs haalde en motor ging rijden, was de brommer rijp voor de sloop!

Wanneer kocht jij jouw eerste motorfiets?

M`n eerste motor kocht ik toen ik net 17 was. Een BSA 650 Golden Flash in onderdelen. Het blok was gereviseerd en uitgevoerd met een sportnokkenas, maar de rest was niet compleet en paste niet bij elkaar. Het gebeurde met die blokken weleens dat er een drijfstang door het carter naar buiten kwam. Zo`n exemplaar met een compleet rijwielgedeelte werd mijn redding!

Het blok werd omgeruild; en gaan als de brandweer. Hoog stuur erop, andere buddy met leuning , 16” achterwiel, open megafoons erop en de blits maken met mijn vriendin achterop. Maar, Engelse motoren lekken altijd dus het meisje zat al gauw onder de oliespetters. Vaak moest er op zaterdag, soms tot in de avond nog gesleuteld worden om op de BSA het weekend door te komen. Het hoofdkrukaslager kreeg al gauw ruimte. Het bonkende geluid uit het blok was een slecht teken. Ik ben na een jaar overgestapt op een Laverda 750SF. Die moest na 4 weken gereviseerd worden wegens een verbrande zuiger. Oorzaak: Verkeerde bougie? Ontsteking verkeerd afgesteld? Klepspeling te krap? Na de revisie al deze zaken regelmatig gecontroleerd. Als hij op de standaard wegliep bij een poepie gas, dan was het echt nodig om de controle uit te voeren. Nadat ik was getrouwd heb ik een paar jaar geen motor gereden, maar toen het financieel weer mogelijk was werd de Laverda opgevolgd met een Ducati 860SS, Ducati Paso 906, Ducati 900SS, Ducati 907IE, Ducati 916 en als laatste een Ducati Supersport 950S. De Ducati 907IE mocht na 300.000 km blijven. Hiervan zijn zeker 100.000km met vrouw of kinderen achterop mooie reizen gemaakt.

Ben jij een “mooiweer-rijder” of een “door-rijder”?

Ik zoek het slechte weer niet op, maar eenmaal op reis houdt het me niet tegen. Motorrijden kan wat mij betreft het hele jaar.

Stel: je wint een flinke prijs in de loterij. Wat voor motorfiets zou je dan kopen?

Ik zou het niet weten. Ik ben tevreden met mijn huidige keus, de Ducati 950S uit 2022 met nu 45000km op de teller. Wat mij betreft gaat deze ook 300.000km mee. Meer pk`s kunnen toch niet worden benut op de openbare weg en een mooi plaatje met veel poespas voor veel meer geld maakt me ook niet gelukkig.

Wat was de mooiste rit die je ooit reed?

Niet één maar vele! In 2004 KNMV Toer `d Europe 7000km door 10 nieuwe EEG-lidstaten op de 907IE met m`n vrouw achterop. 2005 Noordkaap 9000km ook met vrouw achterop en twee zonen op Ducati 750SS. In 2018 met de Ducaticlub naar ‘het einde van de Westerse Wereld’ voorbij Kirkenes 10.000km. Maar met de DCN (Ducati Club Nederland) ook reizen gemaakt en verschillende keren WDW-toer en Engeland/Ierland toeren georganiseerd. Tegenwoordig alleen voor en met een select gezelschap, Frankrijk, Portugal, Spanje, Noorwegen. Dit jaar is het plan om via Tsjechië en Slovenië tot de grens van Oekraïne te rijden en langs de zuidgrens van Polen weer terug.

Foto uit 2004 tijdens de KNMV toer d`Europe met m`n vrouw achterop bij de ‘snelle’ groep.

Staat er nog een bijzondere toertocht op je bucket-list?

Ja, een rondje Alaska in 2026 vanaf Calgary of Vancouver ca. 10.000km met eigen motor. Eens wat anders dan een rondje om de kerk. Hierdoor zijn we met elkaar in contact gekomen.

Foto uit 2024, Spanje. Ik hoop op deze motor het rondje Alaska te rijden in 2026

Denk je al aan een volgende motorfiets?

Nee.

Wat heeft motorrijden jou gebracht in je leven?

Veel plezier en ontspanning. Genieten van het motorgeluid, de snelheid en de vrijheid. De kinderen gingen al op jonge leeftijd (12/13) bij papa achterop. Met het tentje mee en naar Italië of Frankrijk voor een week of twee. Ergens denk ik dat voor hen het ook de basis is geweest om ervan te kunnen genieten en in vrijheid hun eigen ding kunnen doen. Daarvoor is het niet noodzakelijk om motor te rijden.

Wat heb ik je niet gevraagd, en wil jij mogelijk toch nog kwijt?

Ik hoop nog lang te kunnen genieten van het motorrijden en zonder brokken. Met de Ducaticlub heb ik zo`n 20 keer meegedaan met de clubrace op het TT-circuit in Assen. Een prachtig laagdrempelig evenement voor liefhebbers. Tijdens een regenrace stond ik met de 916 op de poule van de `langzaamste’ groep. Ik werd in de laatste ronde ingehaald en werd derde. Vier weken later stond Rossie daar ook!! De laatste keer ging ik bij de Bult met een Highsider onderuit. Toen kwam ik toch wel hard neer met een gekneusde pols tot gevolg en wat schaafwonden op de armen, ondanks de protectie. Het werd gelijk mijn laatste race.

Dertien blije snuitjes

(Een motorverhaal, geschreven door Coos van der Spek.)

“Als blije koeien in het voorjaar! Zo voelen wij ons bij het verzamelpunt van onze motorclub. Opgedirkt met onze gepoetste laarzen, gewassen motorpakken en onze lederen kleding in het verse vet. Lekker knuffelen met elkaar.

Gezamenlijk gluren naar de nieuwste gadgets en wetenswaardigheden uitwisselen over nieuwe banden en helmen en zo. Plannen bespreken en grappen maken. Saamhorigheid en vriendschap. Heerlijk.

We dansen de Lekdijk af. We doen het rustig aan, want niet alle leden rijden ‘s winters door. Zij moeten weer even wennen en het motorgevoel opbouwen. We hangen op de bochtige dijk met een denkbeeldig elastiekje aan elkaar en ons treintje krimpt en rekt. Soms wel twee kilometer lang. Het is mijn spiegels een machtig gezicht.

Bij Tiel wisselen wij van rivier en zwieren wij de Waalbandijk op richting het terras met de broodjes gezond en de uitsmijters.

Het is 17 graden en het zonnetje laat zich meer dan regelmatig zien. Prima weer voor een Italiaans ijsje bij Millingen.

In Duitsland vullen wij onze brandstoftanks, veranderen van koers, zien in de verte heel even de Maas en ontdekken in Batenburg de restanten van een indrukwekkende ruïne van een van de oudste kastelen van Gelderland.

We kiezen voor de brug bij Ewijk en draaien een stukje verder de A15 op. De meesten zijn voor half zeven weer thuis. We hebben zomaar een kleine 5000 km met z’n allen gereden.